nieuws

Tebodin werkt nauwelijks samen met bouwers van HBG

bouwbreed

Bechtel Corporation helpt de regering van de Democratische Republiek Kongo (het voormalige Zaire) bij het maken van een economisch zevenjarenplan. Fluor Daniel verbouwt voor Shell een raffinaderij. Het is een kleine greep uit de werkzaamheden van engineering contractors. Deze miljardensector wordt wereldwijd gedomineerd door Amerikaanse bureaus. Als geen ander zijn zij in staat geweest de directiekamers te betreden. Het boek ‘Friends in high places’ van de Amerikaanse journalist Laton McCartney geeft een ontluisterend beeld van hoe de familie Bechtel zich toegang wist te verschaffen tot het Witte Huis. Via dit machtige netwerk werden grote opdrachten binnengehaald. Door de aanwezigheid van een omvangrijke petrochemische, olie- en gasindustrie zijn de Amerikaanse contractors in Nederland stevig geworteld. Alleen Stork Engineers en Contractors en Tebodin zijn in staat tegenwicht te bieden. Een portret van deze twee bedrijven die zich manmoedig staande houden tussen het geweld van de Amerikaanse bureaus.

De zoektocht naar iets met groen/oranje levert niets op. De ingenieursgroep van de Hollandsche Beton Groep (HBG), Tebodin, waakt over haar zelfstandigheid. De groen/oranje-huisstijl van HBG blijft buiten. Fier draagt men de rode T uit.

Een gesprek met de nieuwe directievoorzitter van Tebodin, ir. Hans Hegger, in zijn Haagse hoofdkantoor waar de gangen nog worden gevuld met:

“telefoon voor mevrouw Bleeker op toestel 9”.

Hij kijkt de journalist doordringend aan en wacht geruime tijd. Hij bouwt een spanningsboog op. De vraag was prikkelend. Zo van: “er staat toch een Berlijnse muur tussen de Tebodinners en de bouwers van HBG”.

“Een hek”, zegt hij ineens en geeft heel omzichtig de invulling. “Onze onafhankelijkheid is een groot goed en dat geven we niet graag prijs. Ik denk dat de helft van onze klanten niet weet dat we onderdeel zijn van de Hollandsche Beton Groep. Je hebt gelijk door te stellen dat er niet of nauwelijks met de andere dochters van HBG wordt samengewerkt. Voorzichtig beginnen we nu in het buitenland met de eerste samenwerkingsprojecten.”

Tebodin en de bouwers van HBG werken incidenteel samen, maar zo weinig dat men niet in staat is aan te geven hoeveel procent van de omzet dat uitmaakt. Terwijl NBM-Amstelland inmiddels duidelijk in de organisatie een bedrijf heeft dat zich richt op grote (proces) industriele projecten, ontbreekt dat bij het grootste bouwconcern in de Benelux. “We hebben gewoon als concern niet de capaciteit om deze opdrachten aan te kunnen”, zegt Hegger nuchter. “HBG heeft geen structuur om de grote aannemers binnen het concern en het ingenieursbureau bij elkaar te brengen.”

Een goede ontwikkeling is dat de voorganger van Hegger, ir. D.G. Kalverkamp, onlangs is benoemd in de top van Wayss en Freytag. Hij kan misschien een brug slaan tussen de twee werelden.

Puber

De oorzaak van de splitsing moet gezocht worden in de eerste twintig jaar na de verwerving. Het was die oktobermaand in 1968 HBG in eerste instantie te doen om de Hollandse Constructie Groep (HCG). Met de verwerving van HCG ging het onderdeel Tebodin (lees kader/red.) mee. Het ingenieursbureau boekte uitstekende resultaten, maar hing er zo’n beetje bij. Pas de laatste vijf jaar is consultancy en engineering als kernactiviteit gedefinieerd binnen HBG en de laatste jaren laat Tebodin van zich horen door hele voorzichtige overnames. In Duitsland werd een bedrijf, Raschen + Bischoping, overgenomen en men ging deelnemen in het Tsjechische bureau Projekta.

Tebodin gedraagt zich soms meer als een schuchtere puber, terwijl het een volwassene is. De winst van moeder HBG over de eerste zes maanden van dit jaar wordt deels gedragen door het goede resultaat van de ingenieurs. Op een omzet van f. 255 miljoen blijft volgens Hegger voldoende over. Net als de concurrenten profiteert het Haagse ingenieursbureau volop van de economische opleving in Nederland en weet men in Duitsland, Engeland, Belgie en heel Oost-Europa naar omstandigheden goed te presteren.

Internetsite

Hegger praat met grote passie over zijn bedrijf waar hij al jaren werkt. Terwijl hij uiterst voorzichtig de relatie met de moeder uit de doeken doet, is hij niet te stuiten als het gaat over het bureau. “Bijna driekwart van de opdrachten komt uit de hoek van de industrie. Als Tebodin zullen we nu en in de toekomst daar niet in staat zijn projecten van een half miljard gulden naar ons toe te halen. Wat de grote Amerikaanse contractors aanpakken zullen we niet gaan doen. Onze brede technische expertise, projectmanagement en consultancy wenden we aan voor projecten tot een omvang van circa f. 100 miljoen. Onze organisatie is daar ook op ingericht. We zijn een ‘Bijenkorf’ die de klanten goed weet te bedienen.”

De melding op de Internetsite dat het een wereldwijd opererende onderneming is, moet met een korrel zout worden genomen. In grote delen van de wereld heeft men geen eigen vestiging. “In Nederland zijn we bekend. In Europa moeten we bekend gaan worden. Met name in Oost-Europa en in Duitsland moeten we onze aanwezigheid vergroten. Vergeet niet dat we pas een jaar of vijf bezig zijn om te groeien in het buitenland. Onze aanpak is meestal dat dat gebeurt via een project. We halen een klus binnen en openen dan een kantoor. Zo hebben we ook ons netwerk in de Baltische staten opgebouwd. Van daaruit gaan we dan verder. Het is tijdrovend, maar een overname levert het probleem op van verschillen in cultuur. Daarnaast heeft de overnamekandidaat meestal niet hetzelfde dienstenpakket. Het is moeilijk om dan synergie te bewerkstelligen.”

Terwijl moeder HBG met honderden miljoenen de bouwpoot in krap twee maanden heeft uitgebouwd, is daar bij Tebodin dus geen sprake van. De groei, die tot nu toe uit eigen middelen is gefinancierd, zal gecontroleerd en heel geleidelijk verlopen. Overigens kan men op financiele steun rekenen van de moedermaatschappij als zich een goede kandidaat aandient.

In Nederland zal het bedrijf, met duizend medewerkers een grote speler, niet verder groeien. In Duitsland stelt men met vierhonderd man weinig voor. Voor de Tebodin-topman moet dat getal worden opgetrokken naar tegen de duizend. “Kopen is dan een mogelijkheid. Ook al levert dat problemen op, zoals ik al eerder zei. Wij verwachten dit jaar niet dergelijke activiteiten omdat Tebodin de nu opgebouwde organisatie wil consolideren. In krap acht jaar zijn we gegroeid van zeven kantoren in Nederland naar 38 over Europa, een in het Midden-Oosten en een in het Caraibisch gebied. Niet alleen Duitsland moet worden versterkt. Ook een extra vestiging in de buurt van Moskou heeft onze voorkeur.”

Groeien in buitenland

Buiten Europa is men heel voorzichtig. Hegger: “Aan de rest van de wereld zijn we nog niet toe. Amerika zie ik ons niet vestigen, daar hebben we twee allianties. De markt is daar heel moeilijk en zeer concurrerend. Op dit moment hebben wij twee mensen vrijgemaakt die Zuidoost Azie verkennen. We willen weten of we ons in dit gebied zullen vestigen.” Bij deze zoektocht krijgt men steun van HBG. Voor Indonesie bestaat met Decorient, onderdeel van Interbeton, het plan zich te richten op consultancy. “Klanten hebben hier minder het probleem dat we tot een concern behoren”, aldus Hegger.

Om ook andere werkvelden dan olie en gas aan te boren sluit Tebodin het laatste jaar met gespecialiseerde collega’s allianties. Met het Amerikaanse bureau SSOE richt men zich op de Europese automobielindustrie, RMT (VS) en Graham Consulting Group (Engeland) gebruikt men voor milieu-opdrachten, met Iwaco (Nederland) wordt watertechnologie aangeprezen en via het Zwitserse bedrijf Erma heeft men met succes toegang gekregen tot de papierindustrie. Hegger: “Zelfstandig hebben we een positie in de telecommunicatie-industrie opgebouwd. Tot voor een paar jaar had niemand kunnen bevroeden dat Tebodin, ingenieursbureau voor de industrie, ook voor telecommunicatiegiganten als BT, E-Plus en Libertel zou werken.”

Een dochter met allure

NV Nederlands Technisch Bureau voor Ontwikkeling der Industrie (Tebodin) wordt zomer 1945 opgericht door professor dr.ir. F.K.Th. van Iterson. Hij is oud-directeur Staatsmijnen en reeds gepensioneerd. De eerste opdrachten komen uit de hoek van staal en gas. Van Iterson voelt in de begindagen feilloos aan dat de chemische en petrochemische industrie een grote vlucht zouden nemen. In 1960 werken er 130 mensen bij het bedrijf. Het ingenieursbureau profiteert volop van de (gas)Bel van Slochteren. In oktober 1968, er werken inmiddels zeshonderd mensen, komt het bedrijf in handen van de Hollandsche Beton Groep (HBG). In de jaren daarvoor heeft het ingenieursbureau Tebodin zich verbonden aan de Hollandse Constructie Groep. Door de verwerving van dit laatste bedrijf komen de aandelen Tebodin automatisch in handen van HBG. De grootste enkelvoudige opdracht is tot op heden het gigantische booreiland Andoc. In 1976 wordt de eerste buitenlandse onderneming, Tebodin Middle East Ltd., opgericht.

De tekst is deels ontleend aan het hoofdstuk ‘Tebodin – een dochter met allure’, dat door Anthony van Kampen werd geschreven in het boek over 75 jaar HBG.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels