nieuws

Nazorg stortplaatsen Brabant kost f. 243 miljoen

bouwbreed

In Noord-Brabant bestaat te weinig bestuurlijke belangstelling voor de oprichting van een provinciaal stortbedrijf. Een dergelijk bedrijf behoort wel tot de mogelijkheden, maar voor enkele regio’s levert dat grote financiele problemen op. Andere regio’s zien van deelname af omdat de bestaande toestand uitzicht geeft op voldoende inkomsten. Het voorgenomen stortbedrijf moet in de komende jaren ongeveer f. 243,8 miljoen vrijmaken voor de nazorg van zes stortplaatsen. In dit bedrag zit zo’n f. 68 miljoen aan overige kosten.

Het Brabantse stortbedrijf krijgt na de oprichting in elk geval te maken met aanzienlijke kosten voor de eindafwerking en nazorg van stortplaatsen. Heidemij Advies berekende de benodigde investering op bijna f. 280 miljoen. Het gezamenlijke oppervlak van de betrokken storten beslaat ruim 2,5 miljoen vierkante meter. Volgens een becijfering van Grontmij Procestechniek en Installaties kost de nazorg zo’n f. 68,3 miljoen exclusief btw. De nazorg bestaat uit een vervanging van de toplaag na vijftig jaar. Hierbij gaat het om een zogeheten combinatie-bovenafdichting. Daarin zijn geen secundaire materialen of alternatieve constructie toegepast.

Bemeting

Aan de bemeting van het grondwater gaat volgens de berekening van Grontmij zo’n f. 45,3 miljoen op. Dat gebeurt met een reeds bestaand systeem. Door de beperkte informatie over de geohydrologische toestand is het niet getoetst aan de Richtlijn drainage- en controlesystemen. Analyse van de metingen gebeurt met het Stortbesluit-pakket. Aanpassing van dit pakket aan de richtlijn brengt een niet onaanzienlijke besparing teweeg. Onbekend blijft hoelang de percolaatopvang werkt. In beginsel gaat het om een onbepaalde tijd.

De nazorg biedt mogelijkheden voor bezuiniging. Na tien jaar is camera-inspectie van de drains en leidingen niet meer zinvol omdat er dan geen percolaat meer vrijkomt. Met de opvang is pakweg f. 20,7 miljoen gemoeid.

Stortgas

Per stortplaats gaat zo’n f. 1 miljoen op aan de onttrekking van het stortgas. Dit bedrag voorziet tevens in de aanleg van het gasstation en de fakkel. Beide worden na vijftien jaar vervangen. De exploitant van het stortgas moet zelf de kosten voor het nuttige gebruik betalen. Het opvangsysteem maakt deel uit van de bovenafdichting. Exclusief btw belopen de kosten hier ongeveer f. 9,8 miljoen. Voor de beheersing van het grondwater moet ruim f. 4,9 miljoen vrijkomen.

De middelen gaan in elk geval op aan de nazorg van de stortplaatsen Gulbergen, Spinder en Vlagheide. Op Gulbergen en Spinder vindt na aanleg van de bovenafdichting een tijdelijke onttrekking van het grondwater plaats om de huidige vervuiling weg te werken. Bij Vlagheide gaat het om een doorlopend proces omdat er afval in het grondwater ligt. Exclusief btw komen de kosten voor de verwerking van de waterstromen uit op ongeveer f. 26,9 miljoen.

Reageer op dit artikel