nieuws

Rokins Ray Ban

bouwbreed

Terwijl ik voor het gebouw enkele aantekeningen maak en met een ruige schets wil beginnen, komt er ineens een agente naast mij staan. Wat ik aan het doen ben, klinkt het met krachtige stem. Even denk ik dat de vrouw een Amsterdams geintje uithaalt, maar aan haar gezicht zie ik dat het haar ernst is. In onze hoofdstad is iedereen verdacht die langer dan vijf minuten op straat naar een gebouw kijkt. Vooral als daarin een vermaard effectenkantoor zit.

“Nou”, herhaalt de agente, bijna dwingend, “wat doe je hier?” Ik geef haar vriendelijk antwoord. Zij bekijkt intussen nieuwsgierig mijn krabbels en strepen. Waar is zij toch bang voor, vraag ik mij af. Een aanslag misschien? Of denkt zij dat ik als uitkijk fungeer voor een mogelijke overval? Waarschijnlijk wel, net zoals haar collega die plots in een half cirkeltje van mij wegdraait en uit haar holster een riedelgeluidapparaatje pakt.

Pas na vertoon van mijn perskaart zijn beide politieagentes enigszins gerust gesteld. En dan willen ze plots ook wel wat over het moderne gebouw vertellen. “Want opmerkelijk is dat zeker he, zo tussen die ouderwetse huizen”, begint mijn kruisverhoorster ineens op heel andere toon. Maar bij haar roept het moderne grachtenpand, afkomstig van de tekentafel van architect Mart van Schijndel, geen spitsvondige associaties op.

“Vooral die blauwgroen ontspiegelde ramen, vind ik prachtig. Als je pal voor het kantoor staat, zie je echt helemaal niks van wat er zich binnen allemaal afspeelt. Die ramen zijn net Ray Ban brillenglazen, toch?”

Met zijn blauwgroen gestreepte gevel ziet het kantoor van Oudhof Effecten aan het Amsterdamse Rokin eruit als een bedorven Indische spekkoek. De oceaankleur past niettemin precies bij de Ray Ban-ramen waarin een voorbijganger, vooral bij mooi weer, de overkant gespiegeld kan zien. Mede daardoor is het kantoor volgens een medewerker een van de meest gefotografeerde panden van de hoofdstad.

Ook de hoofdstedelingen zelf zijn vol lof, weet hij. Slechts enkelen denken nog met weemoed terug aan het pand dat in 1990 voor het kantoor moest wijken. “Maar dat was niet veel bijzonders meer”, vertelt hij terwijl hij een foto van een witgesausde bouwval uit een kast haalt. Inderdaad: niet veel bijzonders.

Bovenop het effectenkantoor bevindt zich een timpaan die rust op twee betonnen poten. In het midden van de driehoek bevindt zich een classicistische oculus waardoor iemand zonodig met touw en blok zijn dingen naar boven kan takelen. Maar of de topgevel daarvoor stevig genoeg is? “De gevel is helemaal open gehouden en flinterdun om te verduidelijken dat iedere top-, klok- of trapgevel vaak niet meer voorstelt dan een simpel muurtje. Kijk maar, daar aan de overkant van de straat. Een stukje karton, dikker is zo’n gevel vaak niet.”

Het onderste gedeelte van de voorkant van het kantoor is ‘streeploos’ en bevat allerlei speelse metselverbanden die het geheel een ruimtelijke aanblik geven. Ook het oculus van het fronton keert beneden terug, in opnieuw drie blauwgroene ronde ramen die in een driehoek om de voordeur staan gegroepeerd. En gek, ik moet terstond denken aan het onderwaterschip van Kapitein Nemo. Alsof hij iedere moment door een van de ronde vensters naar buiten zal gluren.

De associatie met water is niet zo vreemd: het slingerende trappenhuis, in het hart van het gebouw, stroomt bijna over van onderwatersymboliek. Aan weerszijden van de bordestrap loopt een hoog grijs metalen schot waaruit aan een stuk vierkantjes zijn gesneden. Net een koraalrif. Wanneer je omhoog kijkt, lijken er zwemen zeeblauw over de muren te golven. Hetzelfde gebeurt als je van boven de diepte inkijkt.

De trap biedt toegang aan vergaderruimtes en werkplekken aan de voor- en achterkant van het gebouw. Het is opmerkelijk hoe licht het is in het hart van het langgerekte gebouw. Daarvoor heeft de architect allerlei trucjes met matglas uitgehaald, weet de ‘Oudhoffer’. “En”, voegt hij toe, “valt het je niet op hoe ruimtelijk het gebouw van binnen oogt, ondanks dat het niet breder is dan vijf meter. Dat heeft de architect ook heel knap aangepakt.”

Bovenin het kantoor bevindt zich een woongedeelte, voorzien van sanitair en keukenhoek. Maar een bewoner of tijdelijk gebruiker heeft dat huis de afgelopen jaren nog niet gekend. Zonde: wie zou zich niet zo’n modern grachtenpand met dito uitzicht wensen. Als je tenminste binnen kunt komen. Want de rode metalen deur oogt even massief en onneembaar als een kasteelpoort. De betonnen ‘kozijnen’ hebben marmerstructuren. Boven de ingang staat in klassieke, gouden letters de naam van het kantoor gebeiteld. Alsof je een Griekse tempel binnenschrijdt.

Doe dat vooral aan het eind van de dag, adviseert de medewerker van het effectenkantoor. “Dan schijnen door de kleine glazen gaatjes in de deur prachtig vergrote banen avondlicht naar binnen.” Niet schrikken trouwens van de twee rode en blauwe slangen die als een wokkel in elkaar om de deurkruk liggen gekronkeld. “Een slang schijnt een financieel symbool te zijn”, vertelt mijn gastheer. “Zoiets als een esculaap, maar dan anders.”

Wie zou nu nog durven beweren dat bij financiele transacties vaak geen addertje onder het gras zit.

De ramen van Oudhof Effecten zijn net Ray Ban brillenglazen.

Foto: Marcel Israel

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels