nieuws

Essayisten aan het woord

bouwbreed

Er is voor staatssecretaris Aad Nuis, die in dit paarse kabinet de culturele zaken bestiert, geen ontkomen aan. Hij heeft nog krap een half jaar – tot 1 juli a.s. om nauwkeurig te zijn – de tijd een prijs in te stellen voor de VROM-ambtenaar met het beste essay over Nederland in 2030. Meer dan 25 ondergeschikten van minister Margaretha de Boer hebben zich aan zo’n werkstuk gewaagd, zijnde een niet te korte voor een ruim publiek bestemde, persoonlijk gekleurde verhandeling over een wetenschappelijk of letterkundig onderwerp.

Die essays zijn een paar maanden geleden in gebundelde vorm in een kleine oplage intern verspreid met titels als ‘Uitschuifprocessen op het gebied van wonen en werken’ van de planologen Friedel Filius, Jan Groen en Henk Puylaert, ‘Zaterdag op vakantie naar het werk?’ door Pieter Heerema en ‘Ieder voor zich en de rest voor ons allen?’ van Donna Borjaille.

De bundel essays vormt de basis van een nieuw drukwerk dat als tussenbalans ‘Verkenning Ruimtelijke Perspectieven’ wel een grote verspreiding heeft gekregen met een voorwoord van Hanneke Kroese-Duijsters, directeur-generaal van de Rijksplanologische Dienst.

Het is zonder meer duidelijk dat de padvinders van Margaretha de Boer – de moderne scouts eigenlijk – nog meer in petto hebben. De verkenning Ruimtelijke Perspectieven: Nederland 2030 zal niet de enige zijn die op 1 juli van dit jaar aan de openbaarheid zal worden prijsgegeven. Er zal tot die datum veel meer worden verkend en wel Milieuverkenning nummer 4, een Natuurverkenning en niet te onderschatten de Woonverkenning van Leo Kokhuis, directeur-generaal van de Volkshuisvesting. Bij die vier verkenningen moet het volgens de beide bewindslieden van VROM – Margaretha en Dick – wel blijven, want anders ziet men door de bomen het bos niet meer. De woorden DuBo-verkenning, rijkshuisvestingsverkenning en omgevingsverkenning zullen uit het VROM-vakjargon worden geschrapt. De essayisten zullen voor nieuwe en aangrijpende titels zorgen….

Voorlopig is de aandacht en de werklust van tal van ambtenaren gericht op de zogeheten ‘streefbeelden’ die in de komende maanden in Nederland 2030 zullen worden uitgewerkt. De verwachting is dat de streefbeelden namen krijgen als Stedenland, Landschapspark, Stromend of Palet. Projectleider Wouter de Jong presenteerde die (onder)titels zonder schroom in een select gezelschap van topambtenaren, inclusief de zes hamvragen ‘Hoe?’. Hoe omgaan met verstedelijking, met mobiliteitsgroei, met de ontkoppeling van de economie, met de scheiding kansarm-kansrijk, met de relatie overheid-burger in de regulering van het grondgebruik en hoe is de relatie met de natuur.

De bijeengeklonterde topambtenaren zijn er zich van bewust dat tal van antwoorden en combinaties daarvan mogelijk zijn. Discussies, uitwerking van basisverkenningen en die antwoorden moeten samen leiden tot de perspectievennota Nederland 2030 op 1 juli 1997. De glorieuze dag van Margaretha en Dick.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels