nieuws

‘Bouwen Nieuwe Stijl kan tot kartelvorming leiden’

bouwbreed

De aanpak van de Vereniging Bouwen Nieuwe Stijl kan leiden tot kartelvorming, omdat de leden meer streven naar geintegreerd ondernemen dan naar geintegreerd bouwen. Zo ontstaat een monoliet van samenwerkende ondernemingen, met uitsluiting van de overige bedrijven. Uiteindelijk komt dat het concurrerend vermogen van de bouw niet ten goede.

Die kritiek leverde dr. ir. R. Kwikkers, directeur van IPL-TNO BV te Veldhoven, tijdens een werkconferentie van de Vereniging Bouwen Nieuwe Stijl in Hotel Krasnapolsky te Amsterdam.

In gesprek met Cobouw zei Kwikkers zich zorgen te maken over de richting van de vereniging. “Ik ben bang dat Bouwen Nieuwe Stijl een besloten club van samenwerkende bedrijven wordt. Dan lijkt het wel beter te gaan, maar uiteindelijk komt het de concurrentie in de bouw niet ten goede. Ik beluister een ondertoon van: ‘waarom lossen we het niet gewoon op en maken we een de baas’. Je krijgt dan een geintegreerde monolitische bouwonderneming, die op een kartelachtige wijze is afgesloten van de rest van de bouw. Het gevolg daarvan is bureaucratisering, suboptimalisatie en het remmen van innovatie. Dat hebben we ook in de grote industrieen gezien. Zij komen juist terug van dat model en gaan steeds meer op de bouw lijken, klantgericht en virtueel.”

Losvaste samenwerking

Kwikkers vindt dat er meer aandacht besteed moet worden aan het meetbaar maken van prestaties en het maken van afspraken. “Daar heeft de bouw een gouden ervaring mee. Op basis daarvan kan een losvaste samenwerking van bedrijven in heel Europa worden ontwikkeld. De concurrentie is gebaat bij geintegreerd bouwen door bedrijven, die in een virtuele onderneming samenwerken. Dat is een heel ander model dan bouwen door een geintegreerde onderneming, die alles zelf doet. Het is het model dat Philips hanteerde, zij deden ook alles zelf. De industrie komt daarvan terug en gaat steeds meer klantgericht en virtueel werken, zoals Oce doet. Die maken zelf bijna niets meer.” Kwikkers noemt als voorbeeld in de bouw de keuze van kozijnen. In een virtuele onderneming kan het nu eens kunststof, dan weer aluminium zijn, zonder dat er een complete fabriek afgeschreven hoeft te worden. In een geintegreerde onderneming wordt in zo’n geval het eigen product voorgeschreven, ook als het niet concurrerend is.

Belemmeringen

Veel zorgen lijkt Kwikkers zich echter niet te hoeven maken, want het Bouwen Nieuwe Stijl wil niet van de grond komen. “De bouwondernemers lukt het niet, bij de overheid loopt het niet en de financiers durven niet”, aldus ir. J.A.J. Huijbregts, plaatsvervangend directeur van de Rijksgebouwendienst te Den Haag. “De ondernemers wantrouwen Bouwen Nieuwe Stijl, zien het belang niet en hebben koudwatervrees. De overheid heeft er moeite mee omdat het niet goed bij de regelgeving past en de banken zijn bang om het risico te nemen.”

Het doel van de werkconferentie was, duidelijkheid te krijgen over de belemmeringen voor geintegreerd bouwen. De belangrijkste conclusie was, dat het meer nodig is het proces te optimaliseren dan het product. Het product is namelijk eenmalig, terwijl het proces wordt herhaald. Daarbij moet veel aandacht worden besteed aan de communicatie. Bovendien mogen de pre-ontwerpfase en de nazorg niet worden verwaarloosd.

Twijfel

Tijdens de werkconferentie werd per satelliet een interview afgenomen van betrokkenen bij de uitvoering van het project ‘Zuidwaarts’, die nieuwbouw van een kantoor voor de gemeente Zoetermeer. Dura Bouw Rotterdam BV had een claim op de ontwikkeling van het project. Omdat het om een complexe opgave ging, koos Dura voor geintegreerd bouwen volgens het model van de Vereniging Bouwen Nieuwe Stijl. Uit het interview kwam niet duidelijk naar voren, wat het verschil is tussen traditioneel samenwerken en geintegreerd bouwen. Dat is ook prof. ir. M. Zwarts van architectenbureau Zwarts en Jansma te Abcoude ontgaan bij de herbouw van het Feijenoord stadion. “Ik weet nu pas dat het een geintegeerd bouwen proces was. Het ging fantastisch, maar ik betwijfel of dat te maken heeft met geintegreerd bouwen. We hebben gezegd: ‘het moet klaar en dat doen we.’ We hebben elkaars kennis echt uitgebuit. Het interesseert mij niet wie daarbij de macht heeft”, aldus Zwarts.

De stemming op de conferentie sloeg om toen na de pauze de heer Lundquist van IBM na een interruptie van de heer P. van Ommen, die wilde weten wat de meerwaarde van de bijkomst was, uitlegde wat informatioetechnologie voor samenwerking tussen bedrijven kan betekenen.

Van Ommen veronderstelde een mogelijke besparing op de bouwkosten van 10%. Dit kon niet iedereen onderschrijven maar de meeste inleiders hielden het vanachter de paneltafel toch op 2-3%. Overigens vond men dat het fenomeen “bouwen nieuwe stijl ” wel in openheid en minder in verenigingsverband behandeld zou moeten worden. Twee procent van f67 miljard (dit gaat er jaarlijks in de bouw om) was voor G. Bakker, hoofd Bouwzaken van Economische zaken reden genoeg om sterk te pleiten voor doorgang van het project.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels