nieuws

Hulpoffensief voor ‘souterrain van de woningmarkt’ nodig

bouwbreed Premium

Het gezin heeft een forse huurschuld. Ontruiming dreigt. De buurt blij, want ze geven veel overlast. Daarom wil ook niemand in het allang leegstaande buurhuis. Vlak voor ze op straat worden gezet en in het ‘souterrain van de woningmarkt’ belanden, begint een door de gemeente gecoordineerd hulpoffensief. Resultaat na een half jaar praten, onderhandelen en een hulpverleningscontract: de schulden worden afbetaald, het gezin houdt zich gedeisd, de buurt is tevreden en het buurhuis bewoond. Een succesverhaal dat past in het straatje van staatssecretaris Terpstra van VWS om te voorkomen dat er nog meer daklozen en thuislozen komen.

Dit Enschedese succes was een van de voorbeelden die gisteren op het symposium ‘Souterrain van de woningmarkt’ aan de orde kwamen. Dit symposium was een gezamenlijk initiatief van woningbouwkoepels (NWR, NCIV), woningbouwarchitecten (Stawon) en hulpverleners (Federatie Opvang, HVO), vanuit de overtuiging dat de groei van het aantal dak- en thuislozen alleen met een integrale oplossing is te keren. De schattingen – harde cijfers ontbreken – zijn dat het aantal mensen dat in het ‘souterrain’ belandt is gegroeid van 30.000 in 1989 tot 50.000 nu.

Rol corporaties

Woningbouwverenigingen zijn veelvuldig hierbij betrokken, omdat huurders vanwege schulden of overlast op straat worden gezet. De Amsterdamse corporatie Rochdale bijvoorbeeld stuurt op een totaal aantal van 10.000 huurwoningen per jaar ongeveer 600 zaken naar de deurwaarder. Vorig jaar leidde dat tot vijftig daadwerkelijke ontruimingen. Hoofd bewonerszaken Evert Bartlema vond het niet zijn taak om bij evident wangedrag voor maatschappelijke opvang te zorgen, maar zag voor woningbouwverenigingen wel een taak weggelegd in het ‘souterrain van de woningmarkt’, namelijk het voorzien in simpele ‘muren en daken’. Dit kunnen sociale pensions zijn voor opvang ’s nachts en wellicht overdag, die niet altijd goedkoper maar wel beter kunnen zijn dan sociale pensions.

Uit Rotterdam meldde Ids Thepass, directeur van de Volkshuisvestingsgroep Woonbron, dat bij dergelijke opvang de prijs van primair belang is en dan pas de kwaliteit. In Rotterdam zijn ongeveer 1500 illegale kamerverhuur-panden, met gemiddeld tien bewoners, en prijzen van zo’n f. 300 voor een matras tot f. 700 voor een kamer met medegebruik van enkele voorzieningen. Woonbron zag kansen op deze markt en heeft nu enkele kleine panden met twee kamers per verdieping met bed, stoel, kast, bestek, pannen en koffiezetapparaat, gemeenschappelijk keukentje en sanitair. Het vergde een cultuuromslag, zei Thepass, om terwille van de sluitende exploitatie de kwaliteit te verlagen, al hebben de panden wel het keurmerk (van het SKW) voor kamerverhuur.

Terugtredende Terpstra

Preventie heeft natuurlijk nog de voorkeur boven al dit soort opvangvoorzieningen. Daartoe loopt in Enschede al enige tijd het Project Voorkoming Huisuitzetting. Coordinator Tjitske Algra vertelde het succesverhaal van het gezin dat niet alleen huurschuld had, maar, zoals zo vaak, een complex van problemen (mishandeling, alcoholisme). Een gecoordineerde aanpak op alle fronten voorkwam dat dit probleemgezin ‘over de rand’ van de woningmarkt in het ‘souterrain’ verdween.

Dat was koren op de molen van staatssecretaris Terpstra die het symposium besloot met een uiteenzetting van haar beleidsvoornemens. Die bestonden voornamelijk uit het afschuiven van de problemen naar gemeentelijk niveau. De genoemde initiatieven gaven haar ‘moed en zekerheid dat de gemeenten deze taken waar kunnen maken’. Zij stelde f. 300 miljoen in het vooruitzicht voor maatschappelijke opvang en verslavingsbeleid. Dit geld wordt toebedeeld voor specifieke uitkeringen op basis van de Welzijnswet.

Wat Terpstra betrof was het verder een kwestie van gemeenten en corporaties en van hun “wederzijdse wil om het avontuur aan te gaan”. Dat het kon, was maar mooi op dit symposium gebleken. Geheel in lijn met het idee van de terugtredende overheid bestond de inhoud van haar beleid uit de oproep: “Laat anderen dit initiatief volgen!”

Reageer op dit artikel