nieuws

Gemeente en aannemer moeten onderhandelen over schaderegeling

bouwbreed Premium

“Het was in de Noord-Limburgse bouwwereld een zootje. Maar niet zo erg als in Zuid-Limburg. Daar was het net Texas”, weet M. Gijsbers van het in Well (gemeente Bergen) gevestigde Bouwbedrijf Gijsbers BV. Rechter J. Bartel van de Raad van State in Den Haag zei er van overtuigd te zijn dat het gemeentebestuur van de Limburgse gemeente Bergen een scheve schaats heeft gereden in een kwestie rond Gijsbers.

“Als je dit dossier bekijkt, word je daar niet vrolijk van”, merkte de rechter op. Bartel stuurde Gijsbers en het gemeentebestuur naar de onderhandelingstafel. Volgens Bartel is het redelijk als de ondernemer een vergoeding krijgt wegens schade door gemeentelijke misstanden.

Tot ongeveer 1989 deed Gijsbers eigenlijk alleen maar aan utiliteitsbouw en werkte hij veelal voor particulieren. Ambtenaren van de gemeente kwamen naar hem toen met de vraag of hij niet ook eens met subsidie wat woningen in de sociale sector wilde bouwen. Vervolgens kreeg hij in 1990, 1991 en 1992 een contingent te bouwen sociale koopwoningen toegewezen.

Na toezeggingen van ambtenaren van de gemeentelijke juridische dienst en de afdeling woonzaken dat ook in 1993 een contingent verkregen zou ke worden, besloot Gijsbers de zaken professioneel aan te pakken. Hij schakelde architect Ch. Colsen uit Venray in om een woningtype te ontwerpen, dat meermalen herhaald zou ke worden. De daarop volgende jaren zou Gijsbers het ontwerp steeds weer willen gebruiken.

Toen liep het echter mis. De gemeente weigerde plotseling het eerder toegezegd contingent 1993 toe te bedelen. Er werd voorrang gegeven aan projecten in de kernen Nieuw Bergen en Afferden. Gijsbers zat goed in de problemen, want de architect diende wel betaald te worden. Over heel 1993 maakte de bouwondernemer een verlies van f. 126.000. “Ik verkeerde op het randje van een faillissement”, vertelt hij. Door werk aan te trekken in Duitsland wist hij er de daarop volgende jaren weer bovenop te komen. Ook Gijsbers vrouw deed letterlijk een duit in het zakje. Uit onvrede over de hele gang van zaken bij de gemeente, richtte ze de partij Burgerbelangen op. Mevrouw kwam met twee partijgenoten in de gemeenteraad.

Gijsbers zelf besloot de kwestie aan te kaarten bij de Raad van State in Den Haag. Daar is de zaak om onverklaarbare redenen op de plank blijven liggen. Nu wordt hij dan eindelijk afgehandeld.

Flink gerommeld

“Als je binnen de gemeente wat wilde bereiken, dan betekende dat er flink gerommeld moest worden. De bouwzaken draaiden om een persoon. Als hij nee zei, dan was het nee”, vertelde Gijsbers dinsdag tijdens een hoorzitting bij de Raad van State in Den Haag. De man, die indertijd aan de touwtjes trok, was volgens hem wethouder Wim Holtackers (CDA). Hij zou er de oorzaak van zijn dat afspraken, die met ambtenaren waren gemaakt, uiteindelijk niet werden nagekomen. Er zou verder sprake zijn geweest van allerlei misstanden. Projectontwikkelaars zoals Timmermans/Van der Heijden uit Gennep, De Haan uit Millsbeek en de in Noord-Limburg opererende ontwikkelaar Van Ooijen zouden opties op bouwgronden hebben gekregen, zonder dat ze rente behoefden te betalen. “Soms gaven ze de grond gewoon weer terug zonder er iets mee te doen en zonder een cent te betalen. En als ik iets wilde, moest ik gewoon rente betalen. Dat is toch niet te begrijpen. Al is het alleen maar omdat ik als plaatselijke ondernemer voor werkgelegenheid zorg. Je zou toch zeggen dat juist ik daarom een streepje voor zou moeten hebben”, vindt Gijsbers.

Behandelend rechter bij de Raad van State Bartel raakte er dinsdag wel van overtuigd dat de gemeente indertijd bij Gijsbers de indruk heeft gewekt dat hij in 1993 zijn contingent sociale woningbouw zou krijgen. Een woordvoerster van de gemeente wierp daar tegenin dat een ondernemer er altijd rekening mee dient te houden dat zaken plotseling anders lopen.

Ondernemersrisico

“Dat hoort bij het normale ondernemersrisico”, aldus de woordvoerster. Volgens haar heeft de gehele gemeenteraad er mee ingestemd dat de gelden voor sociale woningbouw in 1993 uiteindelijk anders werden verdeeld. Bartel vroeg daarop het raadsbesluit te tonen. Dat kon de woordvoerster niet. “Ik denk dat het er niet is”, veronderstelde de rechter, en hij vervolgde: “Meneer heeft zich terecht boos gemaakt.”

Vervolgens ging de rechter na wat hij nu nog voor de ondernemer zou ke doen. Wanneer hij de gemeente opdraagt een nieuw besluit te nemen, schiet de bouwer daar weinig mee op. Het te quotum van 1993 is er immers niet meer. Er valt dus niets meer te verdelen. Eigenlijk is een schaderegeling nog het enige waar Gijsbers momenteel nog iets aan heeft. Een schaderegeling kan echter niet in de procedure bij Bartel afgedwongen worden. Daarvoor moet de ondernemer naar de civiele rechter.

Bartel stuurde de gemeente en Gijsbers daarom naar de onderhandelingstafel. Mochten ze er onderling uitkomen, dan kan Gijsbers zijn procedure bij de Raad van State intrekken. De gemeente loopt dan niet het gevaar in zeer ingewikkelde administratieve procedures verzeild te raken. Bartel bond Gijsbers wel op het hart zich “redelijk” op te stellen. Gijsbers beloofde dat te doen.

Reageer op dit artikel