nieuws

Krapte op de arbeidsmarkt nog dit jaar voelbaar

bouwbreed Premium

Het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid weet het zeker: dit jaar zal de bouw worden geconfronteerd met knelpunten op de arbeidsmarkt. De verwachte productiviteitsstijging zorgt voor een toename van de vraag naar arbeid van 5000 tot 6000 mensjaren.

Voeg daarbij de noodzakelijke vervanging van 30.000 werknemers, die de bedrijfstak dit jaar verlaten en dus zullen er tenminste 35.000 nieuwe of hernieuwde toetreders de bouw moeten komen versterken.

Dat werd duidelijk op een presentatie, die de opdrachtgever tot dit onderzoek – de Stichting Bouw-Vak-Werk in Gouda – hield om alle partijen in de bouw er toe te brengen alle zeilen bij te zetten om zoveel mogelijk kwalitatief personeel naar de bedrijfstak te lokken.

Al eerder voorspelde het EIB die krapte op de arbeidsmarkt, maar die viel mee doordat door de privatisering van de Ziektewet het ziekteverzuim met ongeveer 4% daalde, wat meer arbeidsproductiviteit opleverde. Bovendien verschenen er in enkele jaren tijd zo’n 14.000 uittredende bouwvakkers weer als Zelfstandige zonder Personeel op het toneel.

Dit jaar verlaat weer 11% van de werknemers de bedrijfstak richting pensionering, vut of andere bedrijfstakken.

Vanuit de beroepsopleiding zal de vraag naar zo’n 5000 nieuwe toetreders niet ke worden voldaan. Er komen zeker niet meer dan 3500 voor de bouwarbeidsmarkt beschikbaar. De traditionele toelevering uit vbo en mbo kalft niet verder meer af, maar stijgt ook niet volgens het EIB. Een verdere daling van de werkloosheid onder bouwwerknemers is al evenmin te realiseren. In de zomermaanden bedraagt die al niet meer dan 4%, en daarvan was de helft gedeeltelijk arbeidsongeschikt en/of te oud.

Uitzendkrachten zullen al evenmin de krapte ke opheffen omdat niet mag worden veronderstelt dat onder hen veel vakbekwame krachten zullen schuilen.

Korte praktijkopleiding

Bouw-Vak-Werk dringt er daarom onder andere op aan ene korte praktijkopleiding op te zetten voor enkele duizenden mensen ‘met gouden handjes’, die wel het nodige praktische inzet en kunde hebben of kan worden bijgebracht, maar niet bereid of in staan zijn het theoretisch deel van de bestaande vakopleiding te volgen.

Er zal ook het nodige moeten worden gedaan om werknemers voor de bedrijfstak te bewaren. Van de jaarlijkse uitstroom bl,ijkt 40% niet ouder dan 40 jaar te zijn, die hun heil zoeken in andere bedrijfstakken wegens betere arbeidsomstandigheden of grotere inkomenszekerheid.

Het leerlingwezen zou meer leerlingen met diploma in de bouw moeten laten instromen ten koste van de instroom zonder scholing. Een inspanningsverplichting om die gekwalificeerde instroom 10% hoger te doen worden levert al 670 jonge mensen met vakkennis op.

Pendel neemt toe

Een tweede probleem blijkt de mobiliteit te zijn. Vanuit het noorden reizen nu al 6000 bouwvakkers naar een andere regio om er te werken. Dat aantal loopt naar het jaar 2002 op tot 8000. Ook in de Oostelijke regio (Gelderland, Overijssel, Flevoland) wonen 5500 bouwvakarbeiders, die elke dag deze regio voor werk verlaten. Dat aantal loopt op tot 7000.

In het zuiden liggen deze aantallen op 4500 resp. 5.000. Alleen in het westen van het land kan men met de daar wonende bouwvakarbeiders het werk onmogelijk aan. Daar werken nu al 16.000 bouwvakarbeiders uit andere regio’s, wat gezien de vraag zal ke oplopen tot 20.000 in 2002.

Reageer op dit artikel