nieuws

Spoorwegongevallenraad pleit voor aparte veiligheidsman bij werken

bouwbreed

De spoorwegongevallenraad wil dat er een aparte veiligheidsman komt bij wisselrevisies. Het volledig stilleggen van het treinverkeer wanneer er aan wissels wordt gewerkt, acht de raad niet haalbaar. Wel zou er gewerkt moeten worden met een systeem van zogenoemde beheerste toelating en loodsing van treinen op het baanvak waar gewerkt wordt.

Ferry Heijbrock

Dit zijn de belangrijkste aanbevelingen van de spoorwegongevallenraad onder leiding van mr. Pieter van Vollenhoven naar aanleiding van het ongeval op 31 mei vorig jaar bij Mook waarbij drie baanwerkers om het leven zijn gekomen. Door een verkeerde wisselstand reed een trein met een snelheid van zo’n 100 kilometer per uur in op de baanwerkers die bezig waren met het onderhoud aan wissels.

Voor de veiligheid van de baanwerkers zou volledig stilleggen van het treinverkeer het beste zijn. Dat vinden ook Railned Spoorwegveiligheid en de interne aannemer van de NS, NS Infraservices, zo bleek uit de woorden van directeur ir. J. Schouten.

“De spoorwegen hebben vanaf het begin de cultuur gehad dat onderhoud tussen de treinenloop door gedaan werd en dat het spoorverkeer in principe voorrang heeft boven het onderhoudswerk. Wij staan nu voor de vraag of dit nog langer aanvaardbaar is uit overwegingen van veiligheid, persoonlijke veiligheid, maar ook treinveiligheid in het geval van Mook”, zo liet Schouten weten. Door de verkeerde wisselstand en de hoge snelheid van de trein, had die gemakkelijk ke ontsporen. Als directeur van het aannemingsbedrijf vindt hij het in ieder geval niet verantwoord op om de toen gebruikte werkwijze te handhaven.

Realistisch

Toch was ook hij zo realistisch in te zien dat volledige stillegging praktisch niet haalbaar is. Per jaar worden zo’n 10.000 wissels gereviseerd. Elke wissel vergt 1 uur werk. De treinenloop zou daardoor het gehele jaar ernstig gestoord worden.

Uit het onderzoek blijkt verder dat er behoorlijk wat licht zit tussen de (theoretische) voorschriften en de praktijk van werken. Dat heeft een paar oorzaken. In de eerste plaats is de werkdruk voor de baanwerkers erg groot. Wordt strikt de hand gehouden aan de voorschriften, dan zouden slechts drie wissels per dag onderhanden ke worden genomen. Nu zijn dat er zo’n zeven.

In de tweede plaats was er vroeger een soort treinenleider ter plaatse die zorg droeg voor een veilige treinenloop langs het baanvak waar gewerkt werd. Deze is wegbezuinigd en zijn taak is overgenomen door de algemene leider der werkzaamheden.

Dat laatste vindt de spoorwegongevallenraad onwerkzaam. Vandaar het pleidooi om de aparte veiligheidsman weer terug te halen naar de werkzaamheden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels