nieuws

Experiment met warmtepomp en opslag in Tilburgse huizen

bouwbreed

Voor vier woningen te Tilburg wordt een nieuwe energievoorziening ontwikkeld in de vorm een warmtepomp in combinatie met energie-opslag in de bodem. Dit pilotpo wordt uitgevoerd in opdracht van de PNEM om na te gaan in hoeverre een dergelijke vorm van woningverwarming perspectieven biedt voor de toekomst

Op dit moment wordt in Tilburg een po gerealiseerd van veertien duurzaam gebouwde woningen, de zogenaamde ‘cirkelwoningen’. Hierbij wordt veel aandacht besteed aan de toepassing van duurzame materialen en constructies. Zo worden de woningen bijvoorbeeld alle voorzien van vegetatiedaken.

Binnen dit po worden, in opdracht van de PNEM, vier woningen voorzien van verwarming met behulp van warmte uit de lucht. Het betreft hier een systeem waarmee in de zomer warmte aan de lucht wordt onttrokken. Deze warmte wordt aan het grondwater toegevoegd. In de winter wordt met behulp van een warmtepomp deze warmte weer aan het grondwater onttrokken.

Voor warm tapwater wordt gezorgd met behulp van een zonneboiler. In principe wordt het grondwater dus gebruikt als opslagmedium voor de warmte die in de zomer wordt onttrokken aan de lucht.

Voor de warmwateropslag in de bodem wordt gebruik gemaakt van een aquifer. Dat is een afgesloten en met water verzadigde bodemlaag. De energievoorziening van de woningen gebeurt centraal vanuit een energiehuisje.

Het verwarmingssysteem is

een lage-temperatuurverwarming, dus wand- en vloerverwarming, met watertemperaturen tot maximaal 50 C. Hiervoor is gekozen omdat een warmtepompsysteem het hoogste rendement heeft wanneer het te verwarmen medium een zo laag mogelijke temperatuur heeft. Het medium waaraan de warmte wordt onttrokken moet juist een zo hoog mogelijke temperatuur hebben.

Voor het onttrekken van warmte aan de lucht in de zomer wordt een water-luchtwarmtewisselaar toegepast. Hierin wordt de lucht gekoeld en het grondwater verwarmd. Gezien de luchthoeveelheden die hiervoor zijn vereist, is het niet zonder meer mogelijk een dergelijk systeem op zeer grote schaal toe te passen omdat de grote stroom koude lucht in de zomer voor zeer veel overlast zou zorgen.

Met dit proefpo dienen een aantal vragen duidelijk te worden beantwoord. Zo is het de vraag of het rendabel is de warmte in de zomer uit de lucht te onttrekken en op te slaan voor gebruik in de winter. Het is echter mogelijk dat de verliezen hierbij te groot zijn.

Warmte-onttrekking aan de lucht in de winter is dan mogelijk toch interessanter, ondanks het lagere rendement vanwege de lagere luchttemperatuur. Bovendien is het de vraag hoeveel fossiele brandstoffen nodig zijn om de elektriciteit te leveren voor de complete warmtepompinstallatie. Dit dient minder te zijn dan nodig is voor verwarming van de woningen wanneer deze zijn voorzien van HR-gasketels. Het verdient de voorkeur het koude grondwater in de zomer nuttig te gebruiken. Het kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor het koelen van kantoren. In dat geval kan een warmtepompsysteem – zoals dat hier is beschreven – leiden tot besparing van fossiele brandstoffen. Bovendien is er dan niet langer sprake van overlast door een koude luchtstroom.

*) Ir.L. Looijen is bouwfysicus van Technisch Adviesburo Becks te Vught.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels