nieuws

Minder opdrachten en dalende omzet Grondmechanica Delft somber in jaarverslag

bouwbreed

Grondmechanica Delft heeft een moeilijk jaar achter de rug: een teruglopende omzet, de afvloeiing van 25 medewerkers en minder opdrachten voor onderzoek- en advieswerk op bijna alle markten van het instituut.

Dat schrijft de directie van het onderzoeksinstituut in het jaarverslag over 1995. Konden vorig jaar nog positieve resultaten worden gemeld, de toon van het jaarverslag is nu somber. De omzet daalde van f. 38,3 miljoen naar f. 34,9 miljoen. Doordat een voorziening moest worden getroffen voor de vermindering van het personeelsbestand, werd het jaar met verlies afgesloten.

De resultaten uit gewone bedrijfsvoering waren volgens het instituut wel positief. Toch was op vrijwel alle markten waarop het instituut zich beweegt sprake van stabilisatie of zelfs terugval. Alleen de dijkversterkingspoen en het ontwerpen van boortunnels vormden daarop een uitzondering.

Het advieswerk had volgens de directie van het instituut te lijden van de trage politieke besluitvorming rond de hogesnelheidslijn en de Betuwelijn, terwijl ook de milieumarkt (inclusief de bodemsanering) een sterke daling vertoonde.

Na een korte opleving in 1994 werd opnieuw minder omzet behaald uit opdrachten van Rijkswaterstaat, een trend die zich al enkele jaren geleden inzette. Grondmechanica Delft kon deze daling in de sector Onderzoek nog een beetje compenseren door meer contractresearch in opdracht van het bedrijfsleven. In de sector Advies, goed voor tweederde van de omzet, was dat niet het geval. Een lichtpuntje vormde echter groei van het aantal opdrachten van waterschappen.

Offerteprijs bepalend

Grondmechanica Delft constateert dat de concurrentie tussen de adviesbureaus heviger wordt en dat steeds meer werkzaamheden worden gestandaardiseerd. Dat werkt in het nadeel van het instituut. Meer en meer bleek volgens het jaarverslag in 1995 dat de laagste offerteprijs bepalend is en dat kwaliteit en ervaring een minder beslissende rol spelen bij de opdrachtverlening. Bovendien worden steeds meer poen integraal, van voorstudie tot en met realisatie, uitbesteed. en dat is ongunstig voor een gespecialiseerd instituut als Grondmechanica Delft. Voor complexe poen, die veel kennis of nieuwe technieken vereisen, bleef de concurrentiekracht van het instituut wel op peil.

Ondanks de sombere terugblik over het afgelopen jaar, zijn de vooruitzichten op een aantal terreinen positief. Grondmechanica Delft verwacht bijvoorbeeld in de leidingensector een stijgende omzet door de frequentere toepassing van sleufloze technieken. Ook van de markt voor geboorde tunnels wordt veel verwacht. De ondergrondse infrastructuur en de dijken leveren naar verwachting een groeiende omzet op.

De directie van Grondmechanica Delft toont zich in het jaarverslag ontevreden over het overheidsbeleid inzake de grote technologische instituten (GTI’s, waarvan Grondmechanica Delft er een is). Het beleid is volgens het instituut tweeslachtig. “De universiteiten worden gestimuleerd opdrachten te verwerven in het kader van de derde geldstroom. Het gaat hierbij echter om contractonderzoek, dat in principe behoort tot de taak van de GTI’s en TNO.”

Fouten

Ook bij de besteding van de ICES-gelden om de technologie-ontwikkeling te versterken heeft de overheid in de ogen van de directie van het Delftse instituut fouten gemaakt. In plaats van verbetering van de bestaande kennisinfrastructuur blijken de middelen grotendeels te worden besteed aan het opzetten van nieuwe infrastructuur.

De opstelling van de overheid zorgt ervoor dat Grondmechanica Delft moeilijk eigen beleidslijnen kan uitzetten, terwijl volgens het jaarverslag een duidelijke keuze tussen het opereren als commercieel bedrijf en het functioneren als instituut met een publieke taak onvermijdelijk is.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels