nieuws

In Belgische og-sector dreigt fiscale oorlog

bouwbreed

Er dreigt een fiscale oorlog tussen de Belgische staat en de onroerendgoedsector in Belgie. Oorzaak is dat de onroerendgoedsector volgens sommigen door de rooms-rode regering-Dehaene wordt beschouwd als een van de melkkoeien, die er financieel toe moeten bijdragen dat Belgie een aanvaardbaar begrotingstekort van hoogstens 3 procent van het bruto nationaal product (bnp) bereikt in 1997 om tot de Europese muntunie te ke toetreden.

Het parlement heeft een nieuwe huurwet aangenomen die vooral op de huurders is geschreven; zij ke zelfs een renovatie van hun woning door de eigenaars eisen en hun huisbazen zo op hoge kosten jagen.

Bovendien werkt minister van Financien Philippe Maystadt aan een belasting op de netto-huuropbrengsten van particuliere woningen. De minister heeft daarvoor een advies gevraagd aan de zogeheten Hoge Raad voor Financien dat hij in oktober/november op tafel wil. De belasting op de huuropbrengsten zou reeds per 1 januiri 1997 van kracht moeten worden, zodat de opbrengst kan meetellen om het begrotingsresultaat van 1997 gunstig te beinvloeden om aan het bereiken van het begrotingscriterium van ‘Maastricht’ bij te dragen.

Drempelgeld

Het plan van Maystadt is door de politici van de regeringspartijen gunstig onthaald. Wel gaan er stemmen op die willen dat er een verschil wordt gemaakt tussen eigenaars die veel huizen verhuren en ‘kleine’ eigenaars.

De vastgoedsector in Belgie, verenigd in het Algemeen Eigenaarssyndicaat (AES), is allesbehalve te spreken over het feit dat de overheid voortdurend nieuwe financiele lasten bedenkt. Als actie tegen de regeringsplannen met de huuropbrengsten en uit onvrede met de nieuwe huurwet overweegt het AES het voorbeeld van Frankrijk te volgen waar drempelgeld voor huurders werd ingevoerd. Nu moeten huurders in Belgie meestal drie maanden huur vooruit betalen die op een bank worden vastgezet om na het verstrijken van de huurovereenkomst eventuele schade aan de woning aan de eigenaars te vergoeden.

Het AES trommelde in een Brussels hotel de universiteitsprof. Patrick Carlier op om eens op een rijtje te zetten welke fiscale lasten de overheid nu reeds op een (huur)woning legt. Het begint al met een hogere btw dan in het buitenland op het bouwen, registratierechten van 12,5 procent bij het kopen van een woning (een absoluut wereldrecord), kadastrale belasting (die bij enige luxe en een goede ligging zeer fors kan oplopen en die tussen 1990 en 1995 nog eens met 41 procent werd opgetrokken) en successie- en schenkingsrechten bij het overlaten aan erfgenamen, die eveneens tot de hoogste ter wereld behoren.

‘Ontwrichting’

Voor het AES is de maximaal toelaatbare belastingdruk meer dan bereikt. De vastgoedsector is niet te spreken over de blokkering van de huren in 1997 en laakt ook het feit dat de hoge successierechten sedert 1967 niet meer zijn aangepast terwijl sedertdien de kleinhandelsprijzen in Belgie met 400 procent zijn gestegen. Bovenop de nationale fiscale druk op onroerende goederen zijn er ook nog talrijke regionale en gemeentelijke heffingen op het bezit van onroerend goed.

Volgens het AES zullen alle belastingen en heffingen en andere middelen die de overheid bedenkt om het vastgoed te belasten uiteindelijk tot een negatief resultaat leiden. Zet de regering door, dan zal het AES zijn leden een investeringsstop voor onroerend goed voorstellen.

Ook zal het sein worden gegeven voor een ‘ontwrichting van de werking van de administratie van Financien’ waartoe onder meer een advies aan de leden van het AES behoort om geen belastingen meer te betalen.

Het AES voorspelt een ineenstorting van de vastgoedmarkt als de regering-Dehaene, die zich onlangs het recht toeeigende om vijftien maanden met uitschakeling van het parlement ‘bij volmacht’ te regeren, haar plannen om de vastgoedsector als melkkoe te gebruiken doorzet. Daar ziet het overigens nu wel naar uit.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels