nieuws

Jorritsma wil onderzoek naar kosten L’burgse kaden

bouwbreed

De Algemene Rekenkamer gaat een onderzoek instellen naar de precieze besteding van de f. 155 miljoen rijksgeld voor het aanleggen van de Maaskaden in Limburg.

Als de Rekenkamer, in verband met haar agenda, het karwei niet kan klaren wordt een ander onafhankelijk bureau ingeschakeld. Het onderzoek gaat eind deze maand van start en moet uiterlijk in september gereed zijn.

Deze afspraak is gemaakt tussen de minister en de gedeputeerden J. Schrijen (Waterstaat) en J. Bronckers (Financien) van de provincie Limburg. Provincie en het Ministerie van Waterstaat blijven namelijk van mening verschillen over de financiering van het tekort van f. 20 tot f. 30 miljoen, nodig voor de beveiliging van onder andere de binnenstad Roermond en de kade bij Neer. De provincie is van mening dat de rijksoverheid voor de tekorten moet opdraaien, de minister zegt dat de provincie de kosten beter had moeten bewaken. De beide waterschappen verklaren dat de uitvoering van de werken niet goedkoper kon.

Volgens woordvoerder Ray Simoen van de provincie neemt Jorritsma het resultaat van het onderzoek mee in haar overwegingen ten aanzien van het tekort. “De minister wil zich niet aan het resultaat binden”, aldus Simoen. Hij verwacht niet dat alle beveiligingen langs de Maas voor eind 1996 gereed zijn.

De besturen en technische diensten van de waterschappen zien het onderzoek met vertrouwen tegemoet. In een brief aan de Provinciale Vaste Commissie van Verkeer en Waterstaat meldde gedeputeerde Schrijen maart jl. waarom de rijksbijdrage niet toereikend is. “Volgens een raming, in gezamenlijk overleg tussen waterschappen en de bouwdienst van Rijkswaterstaat, was voor de totale beveiliging een bedrag nodig van f. 155 miljoen, met een marge van 25%. Na herberekening, waarin ook eventuele risico’s werden meegenomen, bleek dat de noodzakelijke voorzieningen zouden ke oplopen tot f. 195 miljoen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels