nieuws

Jaarlijks f. 55 miljoen voor technologische kennis Waterbouwers in de markt voor oprichting van EZ-topinstituut

bouwbreed

Waterbouwend Nederland heeft bij minister Wijers van Economische Zaken een plan ingediend voor de oprichting van het ‘Delta Instituut Delft’. De sector hoopt hiermee in aanmerking te komen voor een van de drie a vijf op te richten topinstituten, waarvoor Wijers jaarlijks f. 55 miljoen gaat reserveren.

In de vorig jaar door Wijers en Ritzen (onderwijs) gepresenteerde nota ‘Kennis in Beweging’ bleek het Kabinet f. 1,5 miljard extra uit te willen trekken om de kennis op technologisch gebied in ons land op een hoger plan te brengen. Ruim een miljard wordt aangewend voor belastingverlichting en f. 400 miljoen voor extra investeringen in technologie. Voor de oprichting van topinstituten, waar hoogwaardige kennis moet worden gegenereerd die geschikt is voor export, wordt vanaf 1999 jaarlijks f. 55 miljoen uitgetrokken. Het bedrijfsleven werd door het ministerie uitgenodigd plannen in te dienen die voor zogenaamd ‘top-onderzoek’ in aanmerking komen.

Export

Waterbouwend Nederland heeft hierop de handen ineen geslagen. Baggeraars, aannemers van kust- en oeverwerken (VBKO), VocBetonbouw, de Onri (ingenieurs), het Waterloopkundig Laboratorium, CUR/Grondmechanica en de TU Delft hebben een plan opgesteld om de kennis op het gebied van de inrichting van deltagebieden verder te vergroten.

Directeur Mulder van de VBTI: “Na de aanleg van de Deltawerken hier in Nederland is er een behoorlijke export van waterbouwkundige werken op gang gekomen. Betonbouwers, baggeraars en ook civiele ingenieurbureaus in ons land hebben over heel de wereld werk hieraan overgehouden. We ke rustig zeggen dat we een voortrekkersrol op dit gebied vervullen. De TU Delft heeft zelfs wereldwijd een naam op te houden als het gaat om civiele techniek. Om die te ke houden moeten we zorgen dat de kennis up-to-date blijft. Vandaar dat alle partijen, gesteund door het ministerie van Verkeer en Waterstaat, zich achter het plan voor het oprichten van het Delta Instituut Delft hebben geschaard. Overigens heeft de OESO Nederland er al enkele jaren geleden op gewezen dat ze haar kennis op het gebied van waterbouw verder uit moet bouwen”, aldus Mulder.

Naast de Nederlandse kustlocatie die wellicht over enkele jaren zal worden aangelegd, is de ontwikkeling van deltagebieden wereldwijd actueel. Mulder: “Veel delta’s zijn in ontwikkeling. Kijk bijvoorbeeld naar het Midden-Oosten.

Nieuwe generatie

Dat wil niet zeggen dat de in Nederland opgedane kennis zonder problemen op andere locaties kan worden toegepast, maar het gaat voor wat het topinstituut betreft juist om een integrale benadering van deze werken. De bedoeling is dat allerlei kennis over bijvoorbeeld de loop van het water of zandbewegingen wordt opgeslagen zodat een kustlocatie, waar ook ter wereld, met veel meer kennis van zaken kan worden ontworpen. Daarnaast moet via het instituut de kennis worden doorgegeven aan de nieuwe generatie waterbouwers.

Geavanceerd

Of het Delta Instituut Delft werkelijk van de grond komt is nog onzeker. De plannen zijn net ingediend bij Economische Zaken. Maar ook vijftien andere branches hebben zo hun onderwerpen die, zo vinden ze, in aanmerking komen voor hoogwaardig technologisch onderzoek. Uiteindelijk zullen er drie, of ten hoogste vijf, instituten worden opgericht.

Wijers zal de plannen binnenkort bij de Tweede Kamer indienen. Als het parlement akkoord gaat zal een internationaal bureau beoordelen of de plannen wel strategisch en geavanceerd genoeg zijn. Pas in de loop van volgend jaar zal daarom pas bekend worden of het instituut er werkelijk komt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels