nieuws

Donne del Vino: Italiaanse dames die vinologisch hun mannetje staan

bouwbreed

Italie manifesteert zich hevig, de laatste tijd. Niet door in het gat te springen dat door de Franse atoomproeven is ontstaan en evenmin door topprestaties uit andere landen in de schaduw te stellen van de eigen produkten, maar louter op eigen kracht. De bonte veelzijdigheid aan druiven, wijnen en produktiemethoden is daarbij een voordeel.

Maar een barricade op de weg naar succes is het oerwoud van regels en benamingen die in het land zelf soms niet begrepen worden, laat staan daarbuiten. Achter de nederige aanduiding vino da tavola kan een topwijn schuilgaan en achter de hoogste denominatie DOCG een middelmatige.

Het zou de aandacht afleiden van de waarheid: dat er voor de wijnliefhebber in Italie vineus veel moois te ontdekken is in allerlei prijsklassen. Maar hoe kun je daar als oningewijde achterkomen?

Met medewerking van het ICE, het actieve Italiaanse promotiebureau, doet De Bijenkorf in zijn Italie-maand van 12 april tot 12 mei een ambitieuze poging. Er worden proeverijen en demonstraties gehouden, in de restaurants zijn de chefs door Italiaanse topkoks bijgeschoold en in de warenhuizen worden niet minder dan zeventig wijnen gepresenteerd. Het grootste deel daarvan is afkomstig van de ‘Donne del Vino’, een groep van inmiddels 250 bij de wijnbouw betrokken vrouwen in Toscane, Umbrie, Piemonte, Friuli, Lombardije, Veneto, Emilia Romagna en Sicilie.

Het in 1988 opgerichte gezelschap streeft vooral naar kwaliteit, minder naar omzet. De meeste van deze wijnen worden door importeurs als Vinites-La Cascina, Fourcroy-Lenselink, Italcasa en Siletti ingevoerd, enkele door De Bijenkorf zelf.

De dames bewijzen dat wijnmaken niet langer een mannenbolwerk is, maar even nadrukkelijk zetten zij zich niet tegen mannen af. Er waren donne met dochter, moeder of zelfs met man, het harmoniemodel dus.

De met een minimum aan kunstmest en bestrijdingsmiddelen gemaakte wijnen zijn niet de goedkoopste – sommige tot f. 35 – maar als het om prijs-kwaliteitsverhouding gaat, scoren ze zeer hoog, zoals de proeverij in de Hooge Vuursche duidelijk maakte.

Veel wijnen worden voor het eerst in Nederland gepresenteerd. Tweederde van het ‘actie-aanbod’ is rood, er is wat rose en de rest is wit, waaronder mooie spumantes en de beroemde zoete Vin Santo. Gabriella V.Anca Rallo van de Tenuta di Donnafugata in Marsala, Sicilie was er met dochter Jose. Ik proefde de Donnafugata 1993, een prachtige rode wijn, gemaakt van de inheemse Calabrese en Perricone druiven en met sinds een paar jaar wat Muller-Thurgau, Merlot en Cabernet Sauvignon. Daarom mag deze geweldenaar ( f. 19.95) niet meer dan vino da tavola op het etiket noteren.

Sinds een paar jaar echter zijn de Italiaanse wijnwetvoorschriften weer op de helling en het mag niet uitgesloten worden geacht dat ook de theoretische erkenning volgt.

Nog een paar losse observaties. De Barolo, de van 100% Nebbiolo druiven gemaakte, lang bewaarbare rode wijn uit Piemonte blijft duur – boven de f. 20, maar ‘waar voor zijn geld’.

Voor de Barbaresco geldt hetzelfde. Goedkoper en minder lang houdbaar is de Barbera, die voor het goede begrip van 100% Barbera druiven is gemaakt.

Sommige Spumantes behoren tot de mooiste Europese bruiswijnen, maar ze kosten aanzienlijk minder dan die rond Reims, zo omstreeks de f. 15. De prijs voor de half droge Vin Santo, noodlottig lekker met de cantuccini, Italiaanse amandelkoekjes, is f. 24. De Moscato di Pantellaria, een beroemde dessertwijn uit Sicilie is ook niet echt goedkoop: f. 34,95. De speciaal voor De Bijenkorf gecomponeerde huiswijn Osteria Bellissimo (rood en wit) is dat met zijn prijskaartje van f. 7,95 wel.

Rode Italiaanse wijnen winnen erbij als ze een paar uur voor gebruik worden ontkurkt of gedecanteerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels