nieuws

Duitse opdrachtgevers hanteren vaker vaste prijs

bouwbreed

Opdrachtgevers in de regio Berlijn gunnen steeds meer werk aan bouwers die instemmen met een van tevoren vastgestelde prijs. Het is te verwachten dat ook elders in Duitsland opdrachtgevers deze gang van zaken zullen volgen. Niet zelden krijgen aannemers vervolgens opdracht tot het doen van aanvullend werk. Vergoeding daarvan vindt doorgaans alleen dan plaats wanneer er een ‘onverdraagzaam’ verschil zit tussen opdracht en beloning. Bij ‘onverdraagzaam’ gaat het dan om een verschil van meer dan 10 procent.

Bouwjuriste dr. U. Jasper van het bureau Heuling Kuhn Kunz Wojek uit Dusseldorf legde op een bijeenkomst in Oosterbeek van de Nederlands-Duitse Kamer van Koophandel uit Dusseldorf uit dat het aannemers vaak veel moeite kost dat extra werk rechtsgeldig aan te tonen.

Het bijhouden van een zogeheten bouwdagboek draagt bij aan de bewijsvoering. Dat gebeurt vooral wanneer anderen op de bouwplaats dit protocol mede ondertekenen. Het personeel op de bouwplaats moet verder een schriftelijke bevestiging vragen van elke opdracht tot het doen van meerwerk.

De wet veronderstelt van elke aannemer deskundigheid en stelt dat deze vooraf moet ke bepalen of de aangeboden bouwsom overeenkomt met het uit te voeren werk. Daarbij moet de bouwer ook ke inschatten of de opgegeven taken niet-overeengekomen extra activiteiten vergen. In het verlengde daarvan merkte mr. C. van Tuil van de Nederlands-Duitse KvK op dat meerwerk ook op een andere wijze kan ontstaan. Zo ke het bestek en de tekeningen die de opdrachtgever verstrekt onvoldoende gedetailleerd zijn om een po uit te voeren.

De aannemer die de noodzakelijk geachte aanpassingen aanbrengt kan dat extra werk niet zonder meer in rekening brengen. Hij moet elke afwijking van de overeengekomen gang van zaken vooraf melden bij de opdrachtgever. De laatste dient zodra hij instemt met de wijzigingen ieder document dat daarmee verband houdt te ondertekenen. De aannemer doet er op zijn beurt goed aan pas dan te bouwen wanneer hij over een getekend contract beschikt.

Handtekeningen

Het komt niet zelden voor dat een opdrachtgever de bouwer nog voordat de handtekeningen zijn geplaatst vraagt alvast met het werk te beginnen. In dat geval gaat de wet ervan uit dat beide partijen zich in het contract ke vinden. Het ontbreken van de handtekeningen doet dan niet ter zake.

Het komt volgens Jasper ook veelvuldig voor dat opdrachtgevers een deel van het contract baseren op het Burgerlijk Wetboek (BW) en voor een deel op de VOB. Dat gebeurt onder meer omdat de wettelijke regeling een garantieperiode van slechts twee jaar voorschrijft en de zakelijke voor de bouw vijf jaar.

De rechtbank bepaalt in dergelijke gevallen van ‘juridisch winkelen’ dat slechts het een of het ander onverkort van kracht kan zijn. Nog steeds komt het echter voor dat contracten om die reden voor soms meer dan de helft uit ongeldige clausules bestaan. De ongeldigheid ontstaat wanneer de clausules niet voldoen aan de Wet algemene voorwaarden (AGB). Opdrachtgevers proberen vaak onder de AGB uit te komen door contracten van een vrije inhoud te voorzien. In dat geval wordt de aannemer uitgenodigd de voorwaarden te komen bespreken. Stemt de laatste met de schriftelijke weergave ervan in dan geldt uitsluitend deze contractvariant. Om latere problemen te voorkomen valt het aan te raden een getuige mee te nemen naar de onderhandelingen.

Betaling

Moeilijkheden ke zich volgens S. Schaeff van de Berlijnse vestiging van het genoemde advocatenbureau voordoen bij de betaling. Het BW voorziet niet in tussentijdse betalingen. De aannemer die een overeenkomstig contract heeft werkt tot aan de oplevering voor eigen risico en eigen rekening. Aanvullende clausules ke er echter wel voor zorgen dat de opdrachtgever bijvoorbeeld bij het leggen van de fundering een aanbetaling van 15 procent betaalt.

Na de oplevering moet de opdrachtgever binnen 18 dagen de volledige rekening voldoen. De laatste heeft echter het recht om binnen twee maanden de factuur na te rekenen en posten te verminderen of te schrappen. Nadien moet hij het gewijzigde eindbedrag overmaken. De aannemer die daarmee niet akkoord gaat moet binnen 24 werkdagen (=maandag tot en met zaterdag) protest aantekenen. Is hij daarmee te laat dan kan hij geen rechten meer laten gelden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels