nieuws

Winterschilder kan ook buiten werken

bouwbreed Premium

Continuiteit in de schildersbedrijfstak is weer een stapje dichterbij. Als je bewust let op je werkmethode en kritisch de omstandigheden volgt, is het aantal werkbare dagen veel groter dan men altijd denkt. Schilderwerk is niet seizoengevoelig, maar alleen weergevoelig. Die conclusie trekt het Bedrijfschap Schildersbedrijf naar aanleiding van het onderzoekspo ‘Schilderwerk is ook winterwerk’ dat is uitgevoerd door Mens-Zeist Schilderwerken BV. Het bedrijfschap gaat intussen door met het promoten van het werken achter een afscherming om het aantal werkbare dagen nog verder te vergroten. “Beide acties zijn complementair”, aldus het bedrijfschap.

Belangrijkste conclusie uit het onderzoek van Mens-Zeist is dat buiten schilderen in de winter ook mogelijk is zonder dat het werk tegen alle weersinvloeden is afgeschermd. Als alleen bij regen, hagel en sneeuw schermen worden geplaatst is het schilderwerk kwalitatief en esthetisch even goed als werk dat in de zomer wordt uitgevoerd.

Mens-Zeist is het onderzoek begin dit jaar gestart om de traditie te doorbreken dat in de winterperiode buiten geen schilderwerk kan worden verricht. Het Bedrijfschap Schildersbedrijf subsidieerde het onderzoek.

Vier complexen van de Algemene Woningbouw Vereniging in Amsterdam, de Stichting Centrale Woningzorg in Amersfoort, Woningcorporatie K77 in Utrecht en Woningstichting Het Volksbelang in Gouda zijn in het eerste kwartaal van 1996 onder handen genomen. Het werk bestond minimaal uit het plaatselijk afbranden en bijgronden, het geheel overgronden en geheel afschilderen. Aan het onderzoek werkten drie verffabrikanten mee (Sigma Coatings, Sikkens Bouwverven en Van Wijhe Verf).

Doel van het onderzoek was na te gaan onder welke condities ’s winters buiten kan worden geschilderd zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit. Daarom zijn voor het onderzoek de grenzen die in het algemeen gelden voor het uitvoeren van buitenschilderwerk verlegd. Zo moest de buitentemperatuur boven 0 gr. C liggen (normaal 5 gr. C), de relatieve vochtigheid moest lager dan 90 procent zijn (normaal 85 procent), de oppervlaktetemperatuur moest ten minste 1 gr. C boven de dauwpuntstemperatuur liggen (normaal 3 gr. C) en alleen bij neerslag werden schermen geplaatst (normaal wordt bij regen, sneeuw of hagel niet gewerkt). Volgens de gangbare condities kon tijdens de hele winterperiode (1 oktober 1995 tot en met 15 april 1996) gedurende 36 dagen worden gewerkt, 28 procent van het totaal aantal werkdagen. Door de grenzen aan te passen steeg dit percentage tot 54, ondanks het feit dat het afgelopen winter extreem koud was.

Grenswaarden

Het onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat het noodzakelijk is de weersomstandigheden goed in de gaten te houden. Drie maal per dag (om 9, 12 en 15 uur) werd de omgevingstemperatuur, de oppervlaktetemperatuur, de relatieve vochtigheid en het houtvochtgehalte gemeten. Als uit de metingen bleek dat de grenswaarden werden overschreden, werd het werk stilgelegd.

Speciale zorg werd besteed aan goede doorwerkkleding voor de schilders en aan goed verwarmde schaftaccommodaties. Voor de materialen werd een vorstvrije container geplaatst. Over maximaal toe te voegen verdunningen werden afspraken gemaakt, terwijl regelmatig de natte laagdikte werd gemeten en ook het reinigen van de ondergrond speciale aandacht kreeg.

De bewoners van de behandelde complexen werden van tevoren geinformeerd. Zij moesten immers midden in de winter hun ramen en deuren openzetten. Daar bleek men in het algemeen weinig moeite mee te hebben. Sommigen vonden het zelfs prettiger dat er in de winter werd geschilderd omdat de tuin dan minder gevoelig is voor beschadigingen. De ervaringen tijdens het onderzoekpo zijn in het algemeen positief. Zo ondervond men weinig hinder van de tragere droging van de verf. Wel bleek bij een high solid primer dat pas na geruime tijd een goede hechting werd bereikt. Bij een van de complexen werd een speciaal voor lage temperaturen ontwikkelde verf toegepast. Bij lage temperaturen bleek die inderdaad goed verwerkbaar, maar als het warmer werd ontstonden strepen en aanzetten door een te snelle droging.

Te vochtig houtwerk conditioneerde na het gronden naar een aanvaardbaar houtvochtgehalte. Dat kan echter ook door de extreem droge winter zijn veroorzaakt.

Houtrotreparaties met een tweecomponenten epoxy-reparatiemassa bleken ook bij lage temperaturen uitvoerbaar en vertoonden bij eindinspectie in de zomer geen gebreken.

Deze eindinspectie werd uitgevoerd door TNO Coatings en het

Verf Advies Centrum. In het algemeen werd het resultaat zowel esthetisch als kwalitatief goed beoordeeld. Gebreken door vochtinvloeden, zoals matslaan, waren er niet.

Vervolg

Bij drie onderzochte complexen was de hechting van de ver goed. Bij een complex was de hechting onvoldoende, maar dat had geen relatie met het schilderen in de winter, want op plaatsen waar het werk onder niet-kritische omstandigheden was uitgevoerd werd hetzelfde euvel geconstateerd.

Het onderzoek krijgt komende winter een vervolg. Daarbij zal worden nagegaan of de grenzen nog verder ke worden verlegd en zal de invloed van vocht nog verder worden onderzocht. De vier complexen die afgelopen winter zijn geschilderd zullen ook gedurende langere tijd worden gevolgd.

Intussen gaat het Bedrijfschap Schildersbedrijf door met het promoten van het werken achter een afscherming. Want daarmee creeert de schilder zijn eigen klimaat en kan de continuiteit in de bedrijfstak nog beter worden gewaarborgd.

Overigens bieden volgens het bedrijfschap de resultaten van het onderzoek ook een uitdaging aan de verfindustrie de uitdaging om meer producten te ontwikkelen die bij lagere temperaturen ke worden gebruikt.

Een complex van Woningstichting Het Volksbelang in Gouda tijdens de winterse schilderbeurt.

Onderzoek draagt bij aan continuiteit schildersbedrijf

Reageer op dit artikel