nieuws

‘We leggen die lijn aan en wensen verder geen gezeur te horen’

bouwbreed

“De maatschappij zit ingewikkelder in elkaar dan een bedrijf dat winst boeken als enig doel nastreeft. Dat gegeven maakt het volgen van soms niet eenvoudige procedures noodzakelijk. Je ziet dat bij de aanleg van de Betuwelijn. We zijn nu eenmaal geen transportland waarvan het bestuur kan zeggen: we leggen die lijn aan en wensen verder geen gezeur te horen. En zo hoort het ook. Het betekent dat we een zekere mate van welvaart hebben die dat soort luxe mogelijk maakt.”

Jean Quist

“Steeds vaker hoor je de mening dat privatisering Nederland van een groot aantal problemen verlost”, zegt directeur ir. H. Richter van de Rotterdamse gemeentelijke dienst Verkeer en Vervoer. “Ik betwijfel dat. Ik heb nog nergens gezien dat privatisering winst oplevert. Kijk bijvoorbeeld naar het openbare vervoer. Dat heeft een sterke sociale en ook economische functie. Stel dat het een maand achtereen staakt dan stort de maatschappij nagenoeg geheel in elkaar. Het doet meer dan A en B op de meest goedkope wijze verbinden. Hou je daar bedrijfseconomische normen voor aan dan is opheffing de goedkoopste oplossing. Niet rijden kost immers geen geld. En dus kan de markt dat nooit goed organiseren. Particulieren ke er wel voor zorgen dat het minder kost maar de winst blijft hoe dan ook beperkt. Legt de maatschappij daar geen geld bij dan kan het openbare vervoer niet meer concurreren met de auto.”

Kop van Zuid

“Particuliere infrastructuur levert in Nederland weinig winst op”, meent Richter. “Tolwegen zijn alleen zinvol over langere afstanden door streken waar geen alternatieve verbindingen zijn zoals dat in Frankrijk het geval is. Bijvoorbeeld in Rotterdam kun je op vijf plaatsen de rivier oversteken. Voeg je daar als zesde optie een toltunnel aan toe dan zal niemand daar gebruik van maken. De gemeente heeft serieuze pogingen ondernomen de Kop van Zuid met particuliere steun tot ontwikkeling te brengen. Dat gebeurde met de mededeling: over twintig jaar weten we of de investeringen winst of verlies brengen. De bedrijven lieten het evenwel afweten en wilden dat de gemeente het verlies afdekte en de eventuele winst verdeelde.”

“Het bedrijfsleven zou graag willen dat de overheid haar de vrije hand geeft”, weet Richter. “Dat zal nooit gebeuren want bijvoorbeeld het plaatselijke bestuur zal in elk geval een zekere controle op poen moeten houden. Blijft die toetsing uit dan dreigt het gevaar dat een aantal superbedrijven een kartel vormt dat bepaalt wie een werk krijgt en hoeveel het bedrijf daarvoor kan rekenen. Vergelijk het maar met de oliemaatschappijen: het maakt niet uit waar je tankt; overal betaal je evenveel voor een liter benzine. Daarmee wil ik niet zeggen dat de overheid alles in eigen hand moet nemen. Diverse taken kun je uitbesteden maar het openbare bestuur moet de regie over dat alles voeren.”

Beoordelen

“Bijvoorbeeld gemeenten moeten daarvoor zelf de kennis in huis hebben”, vindt Richter. “Zodra je die kwijt bent kun je niet meer beoordelen of hetgeen je wordt aangeboden inderdaad goed is. Met die specifieke kennis kun je vooraf formuleren wat je verwacht. Als je dat kunt is het gevraagde al bijna ontworpen. Een particulier bedrijf hoeft dan eigenlijk alleen nog de details aan te brengen. Een po moet je opdelen in kleinere stukken die je vervolgens op de markt zet. Door de concurrentie verwerf je dan het beste aanbod. Zodra je niet meer kunt aangeven wat je vraagt en niet meer kunt beoordelen of hetgeen je krijgt goed is ben je uitgeleverd. Er zijn in Nederland inmiddels gemeenten waar het al zover is en die voor een contra-expertise te rade moeten gaan bij gemeenten die nog wel eigen kennis hebben.”

“Nu heeft Rotterdam wat dat betreft makkelijk praten”, stelt Richter. “De gemeente heeft nogal wat werk onderhanden. De jaarlijkse omzet beloopt zo’n f. 2 miljard. Zodra het om grote aantallen poen gaat is het onhandig en vooral duur om die activiteiten uit te besteden. Want de andere partijen die deze taken overnemen doen dat om er wat aan te verdienen. Maar hoe je het ook wendt of keert: zonder de overheid komt er weinig van de grond. De particuliere sector kan en wil bepaalde risico’s niet dragen. Er is niet een bedrijf dat een weg voorbereid die over vijftien of twintig jaar gereed voor exploitatie is. Iets anders is bijvoorbeeld de bouw van de waterkering nabij Hoek van Holland. De aannemer levert sleutelklaar een po op dat geen enkel probleem met inpassing en inspraak veroorzaakt. De Betuwelijn is daarentegen geen puur technisch te definieren werk. Daar komt veel meer bij kijken.”

Erasmusbrug

“Neem bijvoorbeeld de bouw van de Erasmusbrug”, licht Richter toe. “Een brug is welbeschouwd het meest simpele po wat je je kunt voorstellen: een plank over de rivier, meer niet. De gemeente besliste daar als enige partij over. Het bestemmingsplan leverde hoegenaamd geen moeilijkheden op. Het duurde desondanks acht jaar voordat die brug er kwam. Daarvan namen voorbereiding en bouw elk vier jaar in beslag. Of neem de A4 tussen Delft en Schiedam/Vlaardingen die al zo’n 40 jaar in proces is. Niet een bedrijf zal zich aan zulke poen wagen. Ondernemers komen pas wanneer alle bestuurlijke hobbels zijn geslecht. En pas dan tonen de banken de bereidheid tot investeren en tot het nemen van de commerciele risico’s die vanaf dat moment ke ontstaan.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels