nieuws

Duurzame wijk heeft toekomstwaarde

bouwbreed

“Zo’n tien jaar geleden stonden maar weinigen stil bij de toekomstwaarde van een wijk. Als gevolg daarvan treden nu problemen met bijvoorbeeld het beheer van zo’n wijk. De maatregelen die we nu treffen moeten ervoor zorgen dat een wijk over pakweg vijftien jaar kwalitatief gezien nog steeds mee kan. Ook dat is een voorbeeld van duurzaam bouwen”, zegt wethouder voor ruimtelijke ordening en volkshuisvesting mevrouw J. van Geuns van de gemeente Haarlemmermeer.

“Als je zoveel bouwt als de gemeente Haarlemmermeer dan ben je eigenlijk verplicht om wijken met een toekomstwaarde te maken”, stelt Van Geuns. “Anders gezegd: die moet je duurzaam bouwen. In de loop van de jaren proberen we met dat bouwen zo nu en dan eens iets nieuws te doen. Zo’n twintig jaar geleden maakten we als een van de eerste gemeenten werk van energiebesparing. In het ene geval zorgt het afwijken van gebaande paden voor hogere kosten, terwijl het in het andere voor hetzelfde geld kan. Iemand moet een keer als eerste ergens mee beginnen. Na verloop van tijd doet iedereen het na, neemt de markt het op en wordt het iets algemeens. Wordt het vervolgens projectmatig toegepast dan daalt ook de prijs. Nu kan het gebeuren dat bepaalde maatregelen er financieel gezien niet afke maar toch een belangrijke bijdrage leveren aan de toekomstwaarde van een wijk. In zo’n geval kan het gemeentelijke bestuur besluiten om de betrokken partijen te hulp te komen. Een voorbeeld biedt het maken van erfafscheidingen waar doorgaans weinig eenheid in zit. Die verscheidenheid doet afbreuk aan het aanzien. Gemetselde tuinmuren ke er in de sociale huursector niet af. In zo’n geval kan de gemeente de corporatie financieel tegemoet komen en versterkt op die manier de toekomstwaarde.”

Afdwingen

“De gemeente kan duurzame bouw niet afdwingen maar verkeert wel in een onderhandelingspositie met de ontwikkelaars,” vindt Van Geuns. “En die willen hier allemaal ook in de toekomst aan de slag blijven. Daarvoor is hier nog alle gelegenheid want in het kader van de Vinex moeten er in Haarlemmermeer tot aan 2005 nog 17.500 woningen bijkomen. En die moeten in meer of mindere mate voldoen aan de kenmerken van het duurzame bouwen. Te denken valt bijvoorbeeld aan een zongerichte verkaveling. Niet alles wat je wilt komt in praktijk omdat de uitgaven voor milieumaatregelen de volkshuisvestelijke doelstelling onder druk ke zetten. In het geval van de sociale huur botsen verdergaande milieumaatregelen al snel met de betaalbaarheid van de huur. Dat mag de betrokken partijen er echter niet van weerhouden om een keer meer te doen dan het gebruikelijke.”

“De wijk Toolenburg 29 toont aan dat er desondanks veel mogelijk is”, licht Van Geuns toe. “Niet in de laatste plaats omdat de betrokken corporatie er een forse inspanning voor heeft geleverd. Zo kreeg een aantal huurwoningen de status van optiewoning wat betekent dat de huurder zijn woning mettertijd tegen een nu reeds bekende prijs kan overnemen. Op die manier hou je mensen in de wijk en voorkom je discussies over scheefheid. Het duurzame karakter van de wijk komt deels voort uit de gebruikte materialen en uit een verlaging van het energieverbruik. Daar komt ook de opbouw van de wijk bij, de infrastructuur voor het afval, de sociale veiligheid en de veiligheid van de woning. Het laatste houdt verband met een grotere aandacht voor het hang en sluitwerk.”

Kinderpiek

“Ook de utiliteitsbouw biedt kansen voor een grotere duurzaamheid”, meent Van Geuns. “Te denken valt aan de scholen voor de Vinex-locaties. In de desbetreffende wijken is op een gegeven moment de kinderpiek voorbij. De scholen die dan buiten gebruik raken moet je dan ke verbouwen tot woningen. Wat betekent dat je daar bij het scholenontwerp rekening mee moet houden. Te denken valt ook aan demontage en hergebruik van de bouwdelen, een variant waarmee de markt steeds meer rekening houdt. Praat je over utiliteit in de betekenis van kantoor- en bedrijfsgebouwen dan zie je ook daar een grotere aandacht voor onder meer een andere manier van werken. Een goed voorbeeld biedt de gang van zaken op het terrein Beukenhorst. Het blijft een feit dat je voor woningen gemakkelijker eisen stelt dan voor kantoren. Wellicht omdat de overheid zich tot nog toe minder met bedrijfsgebouwen bemoeide. Degene die belang heeft bij het ontwikkelen van een kantoor heeft ook belang bij lagere stookkosten want die verbeteren het rendement. De kosten die daarmee zijn gemoeid kan de ontwikkelaar weer doorberekenen aan de gebruiker. En die zal deze rekening graag voldoen omdat de Haarlemmermeer een aantrekkelijke vestigingsplaats is.”

‘Iemand moet

een keer als eerste ergens mee beginnen’

Reageer op dit artikel