nieuws

AVBB nuanceert Nota Bouwprognoses

bouwbreed

Het ministerie van VROM gaat er wat al te gemakkelijk vanuit dat de bouwprogramma’s uit beleidsnota’s ook daadwerkelijk tot uitvoering komen. Reden voor het Algemeen Verbond Bouwbedrijf (AVBB) om de voorspellingen uit de nota bouwprognoses 1996-2001 te nuanceren.

Vorige week kwam het ministerie van VROM met zijn nota bouwprognoses voor de periode 1996-2001. Daaruit komt opnieuw een zonnige toekomst naar voren. Alleen op het gebied van de woningbouw heerst een mineur, de overige sectoren (utiliteits- en grond-, water- en wegenbouwsector) scoren goed tot zeer goed.

Het AVBB zet daar de nodige kanttekeningen bij. De bouwwerkgevers zien de ontwikkelingen in de woningbouw wat minder dramatisch dan het ministerie, en temperen het optimisme voor de gww-aannemers. Zij wijzen erop dat het formuleren van beleid nog niet wil zeggen dat de praktijk ook zo uitpakt. Op het terrein van de woningbouw is VROM te negatief. Er is in de nota sprake van “een kille vertaling van woningbouwprogramma’s naar productiecijfers, terwijl in feite de markt de ontwikkelingen lijkt te bepalen”.

De behoeftecijfers tonen in ieder geval in de Randstad aan dat er nog weinig reden is tot zorg. Ten minste waar het de vraag betreft. Dat ligt anders als het aanbod erbij wordt betrokken. Dan valt nog steeds op dat de ontwikkeling van de grote woningbouwlocaties achterloopt. De produktie staat of valt met het aan snee komen van de locaties in Noord-Holland en Flevoland, Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant.

Dat laat onverlet dat het de inzet moet zijn om maximaal gebruik te maken van de huidige gunstige marktomstandigheden, zoals de lage rente, stijgende prijzen in de woningvoorraad en een grote vraag naar woningen. “Maak daar gebruik van voor slechtere tijden.”

Gww-sector

Voor de gww-sector geldt precies het omgekeerde. Hier is VROM te optimistisch. De vele infrastructurele plannen zijn in de bouwprognoses vertaald in harde produktiecijfers. Ook hier valt echter nog maar te bezien of het werk inderdaad afkomt. “Al jaren wordt grote voorspoed voor de sector voorzien. Steeds bleek het achteraf tegen te vallen”, constateert het AVBB.

Dat de voorspelde stijging van de omzet in de gww dit jaar met acht procent zal stijgen achten de bouwwerkgevers “zeer onwaarschijnlijk”. Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek over de voortgang in de gww-sector en de omzetten van de gww-bedrijven en geluiden uit de markt leren dat er met een meer gematigde ontwikkeling rekening moet worden gehouden.

In dit verband merkt het AVBB ook op dat er nog de nodige zorgen bestaan over het uitvoeringstraject. Dat is onder meer het gevolg van een gebrek aan bestuurlijke afstemming in de regio, een tekortschietende financiele planning, en exploitatietekorten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels