nieuws

Huurbeleid verdeelt coalitiepartijen

bouwbreed

Corporaties die per 1 juli 1996 een huurverhoging van meer dan 2,8% willen doorvoeren, moeten eerst de huurders met argumenten overtuigen van de noodzaak daartoe. Gisteren stemde een meerderheid in de Tweede Kamer in met een amendement van die strekking van VVD en PvdA. Daarmee werd een negatief oordeel van Tommel in de wind geslagen. Coalitiepartij D66 stemde tegen, evenals het CDA.

In het na de stemmingen gehouden debat over de huurparameters voor 1996/1997 dienden PvdA en VVD samen een motie in. Hierin wordt onder andere een generiek ontheffing van de minimale huurstijging (de 3,5% uit de bruteringswet) bepleit, voor zover corporaties daar financieel toe in staat zijn. Tommel zag deze motie als ondersteuning van zijn beleid.

Het feit dat PvdA en VVD deze staatssecretaris op steeds meer fronten afvallen, is voor Tommel niet bezwaarlijk, zo verklaarde hij na afloop van het debat. Volgens de bewindsman kan zijn volkshuisvestingsbeleid in het algemeen op brede instemming rekenen. De acties van PvdA en VVD werden door Tommel kort omschreven: ‘ruis’. CDA-woordvoerder Biesheuvel ziet dat anders: hij noemde het volkshuisvestingbeleid een “punt van grote onenigheid binnen de coalitie.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels