nieuws

Brinkman wil meer aandacht voor produkt en ontwikkeling

bouwbreed

De bouwnijverheid moet haar imago op het gebied van innovatie verbeteren. Te veel heeft de publieke opinie het beeld van een bedrijfstak die niet of nauwelijks vernieuwend bezig is. In de visie van AVBB-voorzitter Brinkman ligt hierbij ook een belangrijke rol voor de overheid weggelegd die veelal als grote opdrachtgever produkt- en procesinnovatie kan en moet aanmoedigen. Maar ook de bedrijfstak zelf moet door middel van gezamenlijke financiering meer aan onderzoek en ontwikkeling doen.

Brinkman zei dit gisteren in Zuidlaren waar hij officieel de Nederlandse Bouwvakbeurs opende. Deze jaarlijkse noordelijke bouwbeurs wordt tot en met 20 januari in de Prins Bernhardhoeve gehouden.

Volgens Brinkman is hij sinds zijn overstap van de politiek naar de bedrijfstak bouw regelmatig geconfronteerd met wat hij noemt het verkeerde beeld dat de publieke opinie van de bouwnijverheid heeft. “De bouw, zo ontdekte ik, heeft een imago dat wars is van vernieuwing en vooral ook een bedrijfstak die de kat nogal uit de boom kijkt.”

In de ogen van Brinkman is de werkelijkheid anders maar is een dergelijk beeld wel reden om de nodige inspanningen te verrichten om dat imago te verbeteren.

Brinkman brak daarom een lans voor produkt- en procesinnovatie. “Daar moet de opdrachtgever ook meer voor openstaan. De aannemerij moet van die opdrachtgever de kans krijgen om te laten zien wat ze kan. En dat kan door middel van prestatiecontracten, of langdurige onderhoudscontracten. De bouw wil best maar heeft wellicht zo nu en dan een duwtje nodig. En zeker geen tegenwerking.”

Hapering

Als voorbeeld noemde hij de noodzakelijke bodemsanering die sinds enige tijd bij bijna ieder bouwplan om de hoek komt kijken. “De bouwer is gevraagd hierover mee te denken, technische toepassingen te verrichten, kortom zich actief met de problemen van de opdrachtgever bezig te houden. Dan is dat denkwerk verricht maar zie je bij de overheid een hapering in de uitvoering. Dan is de regelgeving niet klaar of wordt weer veranderd, met als gevolg dat de aanmoediging om door te gaan achterwege blijft. Hetzelfde zie je bij ontwikkelde technieken voor onderhoudswerkzaamheden. Meerjarige contracten worden niet gesloten waardoor ervaringen met nieuwe technieken niet wordt opgedaan. Het is juist met dat soort technieken van belang dat ze voor langere periode worden toegepast om zo op waarde te ke worden getoetst.”

Onder druk

Opdrachtgever en bouwer hebben elkaar op het terrein van onderzoek en ontwikkeling nodig, aldus Brinkman. Volgens de AVBB-voorzitter moet het echter duidelijk zijn dat dit gebied onder druk staat. “Vorig jaar werd voor onderzoek en ontwikkeling f. 450 miljoen uitgegeven. Daarvan kwam f. 325 miljoen van de overheid af. Het is de verwachting dat dit bedrag alleen maar minder zal worden. De bedrijfstak moet het zelf met gezamenlijke financiering doen. Maar in de praktijk zie je dat niemand zich nog zomaar aansluit bij het collectief. En dat is betreurenswaardig, want dat is slecht voor het imago en slecht voor de bedrijfstak. Wordt er aan onderzoek en ontwikkeling minder gedaan, en om ons heen zijn landen waar dat juist wel gebeurt, dan gaan wij de slag om de consument verliezen. Dat klinkt misschien somber, maar het moet meer en het moet beter.”

Prijs

Na zijn openingswoorden mocht de AVBB-voorman de Aannemer-Innovatieprijs uitreiken. Deze prijs, in het leven geroepen door het blad de Aannemer gaat naar dat bedrijf dat in de ogen van de jury een leuke en bijzondere uitvinding heeft gedaan om de efficientie en arbeidsomstandigheden op de bouwplaats te verbeteren. Aannemersbedrijf gebroeders Blokland uit Hardinxveld-Giessendam wist de prijs, een cheque van f. 3000 en een glazen ei in de wacht te slepen. De onderneming bedacht een aluminium mal waarmee houten schenkels bij metselwerk eenvoudig te stellen zijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels