nieuws

Opdrachtgever Sontpo tevreden over voortgang

bouwbreed Premium

De voortgang van de werkzaamheden voor de aanleg van de vaste oeververbinding over de Sont is bevredigend. Er is een begin gemaakt met storten van betonnen caissons voor de onderbouw van de brugverbinding. Naar verwachting zal nog voor het eind van het jaar begonnen worden met storten van de tunnelelementen.

Dit schrijft Oeresundskonsortiet in haar verslag over het eerste half jaar van 1996. Oeresundskonsortiet is verantwoordelijk voor de voorbereiding en de aanleg van de 16 km lange vaste oeververbinding tussen Denemarken en Zweden. Openen van de verbinding in het jaar 2000 behoort tot die verantwoordelijkheid. De overheden van beide landen hebben een aandeel van 50% in het bedrijf. De vaste oeververbinding zal bestaan uit de drie hoofdonderdelen: tunnel, kunstmatig eiland en brugverbinding met hangbrug.

Er wordt gewerkt aan bagger- en opspuitwerk voor de aanleg van een landuitbreiding bij aanzet van de verbinding aan Deense zijde. Het kunstmatig eiland krijgt een lengte van 4055m. Het steenwerk langs de omtrek is vrijwel gereed. De vertraging, ontstaan door het slechte weer van afgelopen winter, is inmiddels ingelopen. Opdrachtgever oeresundskonsortiet schrijft vertrouwen te hebben dat de internationale aannemerscombinatie Oresund Marine Joint Venture, met daarin Ballast Nedam Dredging, zich afdoende inspant om ervoor te zorgen dat het werk wordt uitgevoerd volgens de beperkingen die door overheid voor het milieu zijn gesteld.

Naar schatting van de opdrachtgever waren eind juni 1996 in totaal 1350 mensen betrokken bij de aanleg van de verbinding. De verwachting van een maximum werkomvang van 11.100 manjaar is bijgesteld tot 10.400 manjaar. Dit is in hoofdzaak toe te schrijven aan de geringer inzet van personeel bij de fabricage van de tunnel elementen.

Reservering

Met aanleg van de verbinding is een bedrag gemoeid van DKr 13,9 miljard ( f. 4,1 miljard) in prijzen van juli 1990. Daarvan is DKr 200 miljoen ( f. 60 miljoen) toegewezen aan de reserveringen. De opdrachtgever schrijft wel het onwaarschijnlijk te achten dat deze reservering voldoende zullen zijn voor de gehele bouwtijd gezien bijvoorbeeld de risico’s die voortvloeien uit de weersomstandigheden.

De voorwaarden van de leningen afgesloten in het eerste half jaar zijn in het algemeen gezien aantrekkelijk. Ze zijn in overeenstemming met garanties van de beide overheden van de leningen en met de AAA-kwalificatie van het internationale kredietbeoordelingsbureau Standard en Poors.

Reageer op dit artikel