nieuws

Stadsherstel Amsterdam viert jubileum in stijl

bouwbreed Premium

Er verschijnt geen duur jubileumboek en er komt geen geld verslindend feest. De Amsterdamse Maatschappij tot Stadsherstel viert haar 40-jarig jubileum in stijl: het pand Herenstraat 36 “niet gekwalificeerd als monument of als een voor een het stadsgezicht beeldbepalend pand”, wordt volledig gerestaureerd. Ten einde de geschiedenis van de maatschappij vast te leggen verschijnen vier boekjes.

Het is 8 oktober 1954. Industrieelen, schrijvers, hoogleraren, kunstschilders en hoge ambtenaren hebben plaatsgenomen in de ontvangstkamer van de Amstelbrouwerij. Ze zijn hier op uitnodiging van de ‘De Amsterdamse Kring’, een vereniging voor kunstenaars, bestuurders en andere prominenten uit de hoofdstad. Ze luisteren aandachtig naar de voordracht van G. Brinkgreve. Hij is beeldhouwer en medailleur en zet zich in voor de monumentale gebouwen in de Amsterdamse binnenstad, die op grote schaal staan te verpauperen.

In het zaaltje aan de Mauritskade heerst een serene stilte totdat Brinkgreve zijn kritiek op het Amsterdamse gemeentebestuur uit. Jonkheer Six van Hillegom, vice-voorzitter van de Kring, staat op om Brinkgreve het woord te ontnemen, maar omdat verschillende aanwezigen het met de spreker eens zijn, laat hij hem uitspreken. Brinkgreve verwijt het gemeentebestuur nauwelijks oog te hebben voor de historische bouwwerken in de binnenstad. Tijdens de hongerwinter waren de houten onderdelen van verschillende leegstaande woningen opgestookt waardoor tientallen fraaie panden veranderden in bouwvallen.

Het plan Kaasjager

De spreker verwijt het gemeentebestuur het gebruik van misleidende terminologie. Waar het college spreekt over ‘wederopbouw’ bedoelt het sloop, aldus betoogt hij. In de gemeentelijke wederopbouwplannen ziet hij niets meer dan een saneringsplan met als einddoel de woonfunctie van de binnenstad op te heffen en er een winkel- annex kantorencentrum van te maken.

De woorden van Brinkgreve blijven niet onopgemerkt, maar toch is er een stedenbouwkundige ramp voor nodig om de Amsterdammers op de barricaden te krijgen. Deze komt korte tijd later als de hoofdcommissaris van politie, H.A.J.G. Kaasjager, voorstelt om veertien grachten in het centrum te dempen te behoeve van het verkeer.

De Amsterdammers protesteren hier massaal tegen en in 1955 richten verontrustte bewoners van de hoofdstad het comite ‘De Stad Amsterdam’ op. Een jaar later neemt het comite het initiatief tot het oprichten voor de Maatschappij tot Stadsherstel. Brinkgreve is hierbij nauw betrokken zonder dat hij een functie krijgt binnen de naamloze vennootschap. Zijn aanhoudende kritiek op het Amsterdamse gemeentebestuur maakt hem bepaald niet geliefd en daarom wordt hij gepasseerd.

Stadsherstel werkt op beperkte schaal. In het eerste jaar koopt de organisatie 25 huizen en restaureert er 6. Een jaar later worden 50 panden gekocht en vinden 12 restauraties plaats.

Neo renaissancegevel

Niettemin slaagt de maatschappij er in om gedurende 40 jaar 400 panden aan te kopen, waarvan er 350 zijn gerestaureerd. Dit is 10 procent van het totale aantal restauraties die na 1945 zijn uitgevoerd.

Het gaat hierbij veelal om gebouwen die niet op monumentenlijsten voorkomen, maar die wel het behouden waard zijn. Het pand aan de Herenstraat is hiervan een voorbeeld. Het uit de vorige eeuw stammende pand, wordt voor een bedrag van circa f. 500.000 opgeknapt, zegt J. Hulscher, poleider restauraties van Stadsherstel. “De restauratie valt duur uit omdat in het gebouw nieuwe wooneenheden worden gemaakt”, vertelt Hulsscher. “De restauratie is echter zeer de moeite waard want in de Herenstraat staan panden uit verschillende eeuwen en dit pand past daar met zijn neorenaissance voorgevel prachtig tussen.”

Reageer op dit artikel