nieuws

Seizoenwerkloosheid moet verder teruggedrongen Schilders met Ctsv om tafel voor deeltijd-WW

bouwbreed Premium

Als er een vorm van deeltijd-WW zou zijn toegestaan zou de schildersbranche in combinatie met maatregelen die de bedrijfstak zelf heeft genomen de winter ke doorkomen met een gering aantal werkloze schilders. Werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers gaan vandaag in de slag met het College van Toezicht Sociale Verzekeringen (Ctsv) om dit mogelijk te maken.

In de sterk seizoengebonden schildersbranche blikt in de winter niet minder dan een derde van het hele werknemersbestand werkloos thuis te zitten. De bedrijfstak zelf doet er het nodige aan om dat aantal sterk te verminderen. Maar zag ook graag dat de overheid daarbij op enigerlei wijze aan zou willen meewerken.

Heel wat jaren geleden schoof het ministerie van Sociale Zaken nog een miljoen gulden af bij de introductie van de winterpremieregelingen, beter bekend onder de naam ‘winterschilder’. Na enige jaren hield deze donatie op omdat men vond dat de bedrijfstak de seizoenwerkloosheid zelf maar moest zien op te lossen.

Sindsdien betalen nog alleen werkgevers aan het bedrijfschap een werkgelegenheidsheffing. Samen met gelden uit het Risicofonds voor het Schildersbedrijf wordt de winterschilder gefinancierd. Er is nu zo’n f. 40 miljoen per jaar mee gemoeid.

Werkspreiding

Vorig jaar werd in de schildersbranche het Raamwerk Werkspreiding Schilders (RWS) geintroduceerd. Werknemers ke nu in de zomerperiode door langer te werken extra uren opsparen om, bij gebrek aan werk in de winter, langer in dienst van de werkgever te ke blijven. Bovenop de gespaarde uren wordt door de werkgever nog de helft daarvan in de vorm van een werkgarantie verstrekt.

Werknemers ke zo maximaal 140 uren opsparen. Met de bonus van 70 extra uren kan men in de winter dan maximaal 210 uren langer in dienst blijven.

Het eerste jaar deden 80 bedrijven met in totaal 800 werknemers eraan deel. Dit jaar ligt het aantal bedrijven zeker 20 % hoger, zo vernamen wij.

Niet toegestaan

Met al deze voorzieningen blijkt het nog niet mogelijk schilders door de winter te helpen zonder dat ze naar de Werkloosheidswet worden verwezen. Werkgevers- en werknemersorganisaties in de schildersbranche zouden daarom boven de genoemde maatregelen graag zien dat de overheid een vorm van deeltijd-WW mogelijk maakt. Schilders zouden dan bij geringe werkvoorraad bijvoorbeeld 20 uren per week ke werken en voor 20 uur een werkloosheidsuitkering ke ontvangen. Een dergelijke regeling is tot heden wettelijk niet toegestaan. Argument van de overheid om tegen invoering van deeltijd-WW te zijn is dat dan een “niet volledig voor de arbeidsmarkt beschikbaar is”, zoals dat officieel heet. Hij kan niet naar een andere werkgever of ander beroep bemiddeld worden omdat er nog altijd een dienstverband bestaat.

Dat weerhoudt vooralsnog het ministerie van Sociale Zaken er nog van aan invoering van deeltijd-WW mee te werken, zelfs nu duidelijk is dat een dergelijke WW-vorm ook voor de overheid voordeliger zou zijn. Ook de vraag of het uitsluitend voor de schildersbedrijfstak zou moeten ke gelden moet nog worden beantwoord.

Verdrievoudiging

Het feit dat de schildersorganisaties vandaag met vertegenwoordigers van het Ctsv om de tafel zitten om te kijken of deeltijd-WW toch ingevoerd zou ke worden, is ingegeven doordat minister Melkert recent heeft gezegd toch wel wat voor een dergelijk systeem te voelen.

Bovendien denkt men bij de overheid aan premiedifferentiatie voor de WW, waardoor de premies voor bedrijven dan wel in bedrijfstakken worden vastgesteld naar de mate waarin zich werkloosheid voordoet. De schilders vrezen dat de premie in hun branche wel eens zo ke verdrievoudigen. Vandaar dat een snel groter wordende deelname aan het Raamwerk Werkgelegenheid Schilders wordt verwacht en pogingen worden gedaan door deeltijd WW de werkloosheid te beperken.

Reageer op dit artikel