nieuws

De uitzendbouwer

bouwbreed Premium

De uitzendbouwer komt er aan. Vanaf 1 januari 1998 geldt het uitzendverbod niet meer voor de timmerman, metselaar, tegelzetter, wegenbouwer en machinist. Dan komt er een einde aan 20 jaar uitzendverbod op de bouwplaats.

In de bouw wordt er veel gepraat tussen partijen over het loslaten van dit verbod op uitzendkrachten. De uitzendbouwer komt er aan. Als je alle uitspraken die deskundigen en anderen over dit onderwerp te berde brengen mag geloven is de bedrijfstak er aan toe. Of anders gezegd: de markt van de arbeidsbemiddeling levert geld op.

Als je naar de resultaten van de uitzendbureaus in ons land kijkt klopt dit ook.

Nou dacht ik begrepen te hebben dat Bouw – Vak – Werk waakt over een verantwoorde afstemming van vraag en aanbod in het uitvoerend bouwbedrijf. Op dit moment loopt er een proefpo om werklozen sneller te bemiddelen. De uitvoering is in handen van Bouw – Vak – Werk, het Sociaal Fonds Bouwnijverheid en Arbeidsvoorziening. Geen gek idee lijkt me.

Maar enkele weken later raakte ik het spoor bijster. Toen las ik in Cobouw dat een van de werkmaatschappijen van het Sociaal Fonds Bouwnijverheid een contract heeft afgesloten met Content. Voorlopig richten beide partners zich op het uitzenden van kaderpersoneel voor bouwbedrijven. Nu snap ik ook wel dat alle betrokkenen content zullen zijn als pieken in de productie ke worden opgevangen met uitzendkrachten.

Arbeidsbemiddeling tegen betaling is kennelijk een winstgevende. Want er is nog een club in de bouw die wel brood ziet in het loslaten van dat uitzendverbod op de bouwplaats. En dan bedoel ik de opleidingsbedrijven. Bij deze samenwerkingsverbanden zijn jongeren in dienst die bezig zijn met hun opleiding in het leerlingwezen. Werken en leren gaat uitstekend samen. Voor het werk worden deze jongeren in opleiding uitgeleend aan aannemers die zijn aangesloten bij zo’n samenwerkingsverband. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat sommige opleidingsbedrijven wel wat zien in de uitzendbouwer.

Maar praktisch als aannemers zijn hebben zij zelf een oplossing. Om pieken in de productie onderling op te vangen lenen zij werknemers van elkaar.

Wat nog wel eens vergeten wordt dat het verbod op uitzendkrachten op de bouwplaats een praktische achtergrond had. Het ging tenslotte om het uitbannen van malafide koppelbazen in de bouw. Koppelbazen die goedkoop arbeidskrachten leverden, omdat zij geen boodschap hadden aan naleving van cao – afspraken. De afdracht van belasting en sociale premies schoot er bij in.

Het uitzendverbod en de Wet Ketenaansprakelijkheid hebben in belangrijke mate bijgedragen aan het uitbannen van de koppelbaaspraktijken.

Maar op dit moment komt je ook “verkapte” uitzendkrachten tegen in de bouw. Het zijn de schoonmakers. En dan bedoel ik niet de schoonmakers die voor het bezemschoon opleveren van een po zorgen.

Ik denk ook niet aan de keetjuffrouw. Daarvan zijn er nog maar een paar in de bouw. Want de koffieautomaten winnen steeds meer terrein.

Soms bekruipt me het gevoel dat er op bepaalde bouwwerken wel erg veel schoonmakers rondlopen. Zij zijn niet met de bezem bezig maar wel met het opbouwen en afbreken van steigers en timmerwerkzaamheden. En dat gebeurt dan met toepassing van de goedkopere schoonmaak – cao.

Maar toch lijkt die uitzendbouwer steeds dichter bij te komen. In andere sectoren buiten de bouw werken intussen ook steeds meer uitzendkrachten. Uitzendkrachten die op proef komen en niet alleen om pieken in de productie op te vangen. Uit onderzoek is gebleken dat Nederland voorop loopt met het aantal uitzendkrachten en parttimers.

De markt moet zijn werk doen. En daarin lijkt uitzendarbeid niet meer weg te denken. Misschien moet ik toch nog eens op zoek naar de resultaten van een in 1956 ingestelde studiecommissie van het Produktiviteitscentrum in de bouw. Deze commissie kreeg de volgende opdracht mee: “Hoe denkt u dat betere menselijke verhoudingen in het bouwbedrijf ke worden bevorderd?”

Reageer op dit artikel