nieuws

WBL-commissie legt alle kritiek naast zich neer

bouwbreed Premium

De parlementaire onderzoekscommissie Woningbeheer Limburg voelt zich in geen enkel opzicht aangesproken door de forse kritiek op haar eindrapport. Zij bestrijdt ook de aantijging van CDA-woordvoerder Biesheuvel eerder deze week, dat de commissie bevooroordeeld en suggestief te werk is gegaan.

Gisteren reageerde voorzitter Versnel (D66) op de kritiek die haar commissie in eerste termijn van diverse Kamerfracties had gekregen. Met name CDA-Kamerlid Biesheuvel moest het daarbij ontgelden. Hij had in eerste termijn zware kritiek geuit op het werk en eindrapport van de WBL-commissie. De commissie zou in de ogen van het CDA bevooroordeeld en suggestief te werk zijn gegaan, en veel te harde en onvoldoende onderbouwde conclusies hebben getrokken. Vooral het woordje ‘verwijtbaar’ in de richting van staatssecretaris Tommel en zijn voorganger Heerma zat Biesheuvel hoog.

Versnel nam echter geen woord terug van de “scherpe oordelen” die door de commissie zijn geveld. Volgens haar vloeien de conclusies logisch voort uit de feitelijke gebeurtenissen. Welk politiek oordeel daar vervolgens aan wordt gekoppeld is een zaak van de Kamer zelf, maar dat doet niets af aan de juistheid van het oordeel.

Van vooringenomenheid is in geen geval sprake: “Het moge duidelijk zijn dat we voor aanvang van de gesprekken geen conclusies hadden getrokken.” Volgens Versnel zijn er uitsluitend “werkhypothesen” opgesteld, aan de hand waarvan vragen zijn geformuleerd.

Strategie

Dat veel van deze vragen suggestief zouden zijn geweest, zoals Biesheuvel had beweerd, werd door Versnel evenzeer bestreden. Het zou hier slechts gaan om een beperkt aantal vragen, die waren bedoeld om aan getuigen duidelijke antwoorden te ontlokken. Een kwestie van strategie dus, zo stelde Versnel, wat geenszins ongebruikelijk is bij parlementaire onderzoeken en enquetes.

Commissielid Van Heemst (PvdA) voegde eraan toe het “buitengewoon kinderachtig” te vinden dat het CDA zijn twijfel had uitgesproken over de objectiviteit van de commissie. “Wat telt is het rapport.”

Zijn fractiegenoot Duivesteijn sprak zelfs van een “buitengewoon genante vertoning”. “Biesheuvel stelt de integriteitskwestie om de aandacht van het rapport af te leiden. Ik vind het heel ver gaan dit zo zwaar aan te zette. Vindt u het resultaat van het onderzoek dan onbetrouwbaar?” Maar op die vraag gaf Biesheuvel in tweede termijn antwoord. “Ik ga de feiten niet ter discussie te stellen. Maar alles afwegende kom ik niet tot de term verwijtbaar.”

Nadat ook in tweede termijn nog veel woorden werden gewijd aan de opstelling van het CDA (“U bent bezig met een afleidingsmanoeuvre”, aldus Duivesteijn), kon aan het eind van de dag de balans worden opgemaakt. Deze ziet er niet onverdeeld gunstig uit voor staatssecretaris Tommel. De PvdA schaarde zich achter de conclusie van de WBL-commissie dat VROM verwijtbaar tekort is geschoten.

Posities

Gevoegd bij de stellingname van de VVD, GroenLinks en SP betekent dit dat precies de helft van de Kamer, 75 Kamerleden, het ministerie van VROM en zijn staatssecretaris medeverantwoordelijk houdt aan het WBL-debacle.

CDA, D66, GPV, SGP en RPF houden er gematigder visies op na en vinden met name niet dat er sprake is van “verwijtbaar tekortschieten” door VROM. Van de ouderenpartijen en de CD is de opstelling nog onbekend.

Volgende week voert de Tweede Kamer het debat met staatssecretaris Tommel.

Commissievoorzitter Versnel (D66) voert het woord. Naast haar, vanaf links bezien, de leden Remkes (VVD, plaatsvervanger van de afgetreden voorzitter Hofstra), Van Heemst (PvdA) en Esselink (CDA). Op de achtergrond twee mensen van het werkapparaat van de WBL-commissie. Foto: Michiel Sablerolle

Reageer op dit artikel