nieuws

Ghana komt veel bouwmaterialen tekort

bouwbreed Premium

“Open je ’s morgens in Ghana een verkoophal voor eenvoudige bouwmaterialen dan is de kans groot dat je ’s avonds een lege winkel kunt sluiten. Het aanbod van dergelijke produkten is namelijk erg beperkt. Nogal wat bouwbedrijven die in Ghana een opdracht verwerven willen om die reden ter plaatse materialen produceren. Veel wordt nu geimporteerd uit bijvoorbeeld West-Europa en de Verenigde Staten. Ook Zuid-Afrika voorziet Ghana in toenemende mate met bouwmateriaal.”

“Enkele grotere Nederlandse bouwbedrijven boeken inmiddels succes in Ghana,” zegt consul honorair J. Nolst Trenite van Ghana. “Voor een deel hangt dat succes samen met het Export Financierings Instrumentarium van de Nederlandse overheid waarmee die aannemers enkele vrij grote poen konden binnenhalen. Het wachten is nu op de ontwikkeling van de particuliere sector. Dat begint nu te komen maar krijgt natuurlijk niet van de ene op de andere dag zijn beslag. De Ghanese overheid heeft de afgelopen jaren in toenemende mate aandacht gekregen voor de economie.”

“De aandacht ging daarbij uit naar een meer marktgerichte aanpak omdat politiek succes niet zelden samenvalt met economisch succes. In de jaren tachtig gold het land als voorbeeld voor veel donorlanden. Met steun van de Wereldbank en het IMF is veel werk verzet. Het gaat er nu om dat momentum vast te houden. Om dat te bereiken wil Ghana zich ontwikkelen als de voordeur van West-Afrika. In het verlengde daarvan verplaatsen bijvoorbeeld enkele Nederlandse bedrijven hun Afrikaanse hoofdkantoor naar Accra.”

Woningnood

“Het internationale bedrijfsleven kan mogelijk ook de enorme woningnood in Ghana verminderen,” hoopt Nolst Trenite. “Het gaat daarbij vooral om woningen voor de middeninkomens. Bij elkaar beloopt het tekort om en nabij 300.000 woningen op een totale bevolking van pakweg 15 miljoen mensen. Een deel van het tekort wordt ingevuld door Ghanezen die in het buitenland werken en die voor zichzelf of voor hun familie in Ghana een woning laten bouwen. Het lijkt me niet overdreven gesteld dat bijvoorbeeld een Nederlands bedrijf dat passende huisvesting kan bieden in Ghana een gouden markt aantreft. Een groot deel van die markt ligt in de hoofdstad Accra. Die trekt echter teveel mensen en wordt te groot. Momenteel wonen er zo’n 1,5 miljoen mensen. Mede daardoor wint een stad als Kumasi evenals andere grotere steden aan belangstelling.”

“Kansen doen zich ook voor in de hotelsector waarbij vooral een vraag naar middenklassehotels voor toeristen bestaat,” legt Nolst Trenite uit. “Ga ervan uit dat het consulaat in Nederland maandelijks ruim 500 visa versterkt en in het hoogseizoen bijna het dubbele. Jaarlijks bezoeken ongeveer 8000 tot 10.000 visaplichtigen Ghana. In het verlengde daarvan doet de KLM enkele keren per week het land aan. Een probleem in deze is het tarief van de tickets. Zodra daarin verbetering komt valt ook met een grotere toestroom te rekenen. Maar nu al zie je dat de particuliere sector al forse bedragen in de hotelsector investeert. Het bestand in Accra breidt dit jaar met vijf of zes hotels uit. Je ziet ook dat sommige hotels onder invloed van de woningbood in appartementencomplexen veranderen. Bij de investeerders gaat het doorgaans om combinaties van plaatselijke en buitenlandse bedrijven. De meest doeltreffende aanpak omdat je zonder een lokale partij snel het gevaar loopt kostbare fouten te maken.”

Wegennet

“In de afgelopen vijf jaar is fors in het wegennet geinvesteerd,” stelt Nolst Trenite. “Enkele Nederlandse bedrijven zijn daar nog steeds bij betrokken. Ook de verbindingen van de telecom zijn verbeterd. Vanuit steeds meer plaatsen kun je nu automatisch internationaal bellen, iets wat vijf jaar geleden nagenoeg niet lukte. De PTT staat overigens ook op de lijst van te privatiseren staatsbedrijven. KPN wil naar verluidt een aandeel nemen. Het ligt in de verwachting dat de verkoop tot verdergaande verbeteringen zal leiden. Voor verbetering is ook ’s lands riolering vatbaar die momenteel in een niet al te beste toestand verkeert. Het ontbreekt deze sector aan middelen. Bezien wordt of investeerders bereid zijn een zuiveringsinstallatie te bouwen en voor een bepaalde periode te exploiteren om die vervolgens over te dragen aan de staat.”

“In de afgelopen jaren verbeterden particuliere investeerders de op- en overslagvoorzieningen in de haven van Accra”, licht Nolst Trenite toe. “Nabij de haven komt een vrijhandelsgebied. De inrichting daarvan begint zodra het parlement de plannen goedkeurt. De bedrijven die zich daar mettertijd vestigen zullen zelf maatregelen treffen om het milieubederf te beperken. De wet schrijft dergelijke maatregelen nog niet voor maar net als elders op de wereld zullen grote internationale ondernemingen uit eigen beweging vervuiling zoveel mogelijk voorkomen omdat de internationale gemeenschap dat nu eenmaal van hen verwacht. Zo reserveert Unilever jaarlijks behoorlijke bedragen voor het milieubehoud in Ghana. Daarbij stellen de donorlanden milieu-eisen in hun financieringsprogramma’s. In het verlengde daarvan schrijft de overheid ook milieumaatregelen voor. Het succes daarvan hangt echter af van het toezicht en dat is iets wat nog volop in ontwikkeling is.”

Kapitaal

“Het landsbestuur in Accra zet intussen nogal wat vaart achter de privatisering van staatsdeelnemingen”, meent Nolst Trenite. “Tot op heden staan daarvoor zo’n veertig bedrijven op de nominatie. Zodoende ontstaat er een grote vraag naar particulier kapitaal. Het land stelt zich daarmee open voor internationale bedrijven. Om die voor het land te interesseren stuurde Ghana in de afgelopen tijd enkele missies uit. Nu is het wachten op het resultaat van deze presentaties. Gegadigden krijgen onder meer de beschikking over een vrijhandelszone. Ghana telt inmiddels ruim zestig Nederlandse bedrijven terwijl het land nu ook een Nederlandse ambassadeur heeft.”

“De vraag blijft in hoeverre de Ghanese overheid de privatisering daadwerkelijk kan ondersteunen”, zegt Nolst Trenite. “Onder meer met enkele banken wordt de mogelijkheid van fondsvorming bezien om de grote privatiseringen te ke financieren. De gegadigden blijven zelf verantwoordelijk voor hun investering. Omdat het management van een dergelijke investering moeilijker is zie je dat de mogelijke revenuen ook groter zijn. Per po moet je de haalbaarheid beoordelen. Vooralsnog heerst in Ghana absolute zakelijke vrijheid. Je kunt 100-procent dochters oprichten, kapitaal voor 100 procent repatrieren. Dat alles is wel gebonden aan de plaatselijke wetgeving. Voordat je investeert moet je precies weten hoe het met wet en regel en met vergunningen is gesteld. En dat maakt samenwerking met een plaatselijke partij zeer aan te bevelen. Enkele Nederlandse bedrijven hebben daarmee inmiddels hun les geleerd.”

Vertragingen

“De voorgenomen Ghanese privatiseringen zijn in Afrika uniek”, vindt Nolst Trenite. “Een deel van de staatsbedrijven is inmiddels al verkocht. Een staatsbedrijf is in beginsel niet winstgevend. Dat betekent dat je moet reorganiseren. Dat kan op het gebied van bezittingen zijn of op dat van het personeel. Welbeschouwd koop je een deel van de markt dat dan meteen beschikbaar is. Want kies je ervoor zelf dat marktaandeel op te bouwen dan duurt het wel enige tijd voordat het eerste resultaat zich aandient. In het eerste geval kan de reorganisatie echter dusdanige problemen veroorzaken dat de zaken aanzienlijke vertragingen oplopen.”

“De huidige president J. Rawlins zit al vele jaren stevig in het zadel”, weet Nolst Trenite. “In november vinden voor de tweede keer verkiezingen plaats. De grondwet bepaalt dat de president een tweede termijn mag vervullen. De oppositie is sterk verdeeld wat de verwachting wekt dat Rawlins de verkiezingen zal winnen. De oppositie wordt wel geacht na de verkiezingen een rol in het parlement te spelen. Na de vorige verkiezingen heeft men dat geweigerd omdat ze vonden dat de verkiezingen oneerlijk waren verlopen. Dat is het leerproces van een jonge democratie. Rawlins was vroeger militair en kwam in die hoedanigheid aan de macht die hij vervolgens zo’n twaalf jaar uitoefende. Daarna werd hij als eerste burgerpresident gekozen. Naar Afrikaanse normen een zeer gebruikelijke gang van zaken. Ik ben er van overtuigd dat het democratisch bestel zoals wij dat kennen voor enkele Afrikaanse landen niet de meest geschikte staatsvorm is. Er zijn andere gezagsstructuren; stammen bepalen het overleg. In dat opzicht vind ik het soms wat bizar dat buitenstaanders democratie in om het even welk land willen zien. Men vergeet dat niet elk land dezelfde geschiedenis heeft. Dat wil niet zeggen dat het zo blijft. Temeer niet omdat het land moet veranderen wil het internationaal aanzien verwerven.”

Reageer op dit artikel