nieuws

Europese bouw is voorlopig uitgegroeid

bouwbreed Premium

De bescheiden groei die de Europese bouw als geheel in de jaren 1994 en 1995 doormaakte is over. De oorzaak daarvan ligt in de daling van de algemene economische ontwikkeling. Daarbij besparen alle lidstaten van de EU op hun uitgaven. Ook de Duitse bouw moet pas op de plaats maken als gevolg van verkeerde beslissingen waarvan de regering in Bonn denkt dat daarmee de openbare schuld vermindert.

President prof.dr.ing. Th. Rogge van de Europese bouwfederatie FIEC rekende op een bijeenkomst in Brussel voordat bezuinigingen die de bouw treffen indirect ook invloed uitoefenen op andere bedrijfstakken. Ter staving verwees hij naar het SECTEUR-rapport voor de Europese Commissie. Daarin staat dat elke arbeidsplaats in de bouw twee andere arbeidsplaatsen in andere sectoren oplevert.

De teruggang waarmee de Europese bouw dit jaar moet rekenen is volgens Rogge vooral het gevolg van een dalende activiteit in de woningbouw. Die afname wijst niet op een (dreigend) overaanbod van woningruimte. Nogal wat Europese steden kampen met een kwalitatief en kwantitatief tekort in de woningbouwsector. Die problemen zijn niet van de ene op de andere dag op te lossen. Temeer niet omdat elk voorstel een passende financiering vereist.

Stadsvernieuwing

De moeilijkheden omtrent onder meer de huisvesting verklaarde Rogge met de ontwikkeling van de bevolking en de strekt toenemende migratie. De politiek heeft in de afgelopen jaren verkeerde besluiten genomen. Noodzakelijke investeringen in de infrastructuur bleven uit ten gunste van consumptieve uitgaven. En vooral in de agglomeraties is de verantwoording voor de planning uitermate inefficient geregeld.

Naar de mening van Rogge kan de bouw het openbare bestuur de helpende hand reiken bij het ordenen en bebouwen van de ruimte. De toegevoegde waarde daarvan komt echter alleen tot stilstand wanneer de bouw zo vroeg mogelijk bij deze activiteiten wordt betrokken. Vroegtijdige inschakeling bij plannen voor de stadsvernieuwing biedt de bouw de kans prijsbewuste woonruimte te ontwikkelen. Het aantrekken van de benodigde gelden is op zich niet zo’n groot probleem. Er is voldoende particulier kapitaal voor handen. Het gaat er alleen om de bezitters ervan zover te krijgen dat ze het voor bouwwerken uitgeven.

Spaarders zullen daar volgens Rogge pas dan toe overgaan wanneer de opbrengst in elk geval gelijk is aan die van andere vormen van beleggen. Daar ligt een taak voor de overheid. Die kan bijvoorbeeld een garantie afgeven. In het verlengde daarvan ligt het treffen van eenduidige besluiten, toezeggen dat een plan inderdaad doorgaat en het verkorten van de planprocedures. Economisch onderzoek toont aan dat particulieren doorgaans niet lang op zich laten wachten wanneer de overheid investeert.

Verkeerde weg

In de visie van Rogge dienen investeringen in de stedebouw samen te gaan met investeringen in de Trans Europese Netwerken (TEN’s). Daarmee ontstaat de grondslag voor economische groei op de Europese markt. De regeringen van de lidstaten zijn het in beginsel met deze stelling eens maar hechten vooralsnog meer waarde aan het verminderen van het begrotingstekort. De topontmoeting in Florence heeft daarin weinig verandering gebracht. En daarmee leidt ‘Europa’ de burgers de verkeerde weg op. Zonder inzet van de overheid investeren particulieren echter niet in de TEN’s die er om die reden ook niet komen, en daardoor blijft ook de Europese integratie uit.

Reageer op dit artikel