nieuws

Krimp dakbedekking vaak groot probleem

bouwbreed Premium

“Krimp is altijd een groot probleem geweest bij dakbedekkingen van daken. Het opvallende daarbij is, dat het verschijnsel sterk optreedt bij elk materiaal, dat nieuw in de markt is gebracht. Zo zijn er krimpschades geweest bij met polyester gewapende bitumenbanen, ecb, epdm en pvc.”

Dat zegt professor N.A. Hendriks, hoogleraar bouwmateriaalkunde aan de TU Eindhoven is en tevens algemeen directeur van de BDA Bureau Dakadvies-groep te Gorinchem.

“In alle voornoemde gevallen waren de krimpschades verschillend. Er zijn lessen uit getrokken en deze hebben bij onderzoekers geleid tot verbeterde proefmethoden en bij fabrikanten tot verbeterde produktiemethoden en produkten”, aldus de hoogleraar in een gesprek met deze krant.

De meest spectaculaire krimp die in het verleden nogal eens bij platte daken voorkwam, was bij koud gekleefde eps-isolatie. Daar lagen drie belangrijke oorzaken aan ten grondslag. De dakbedekking had (te) veel bewegingsvrijheid bij de dakranden en -opstanden. Dat werd veroorzaakt door het gebruik van ‘moderne mastiekribben’ van de kunststofschuim eps (geexpandeerd polystyreen) of pur (polyurethaan). Deze worden in de praktijk nooit behoorlijk aan de ondergrond bevestigd. Een andere oorzaak is het gebruik van bitumineuze koude kleefstof. Dit produkt blijft gedurende lange tijd enigszins plastisch een biedt daardoor weinig weerstand aan schuifkracht.

Ten derde door krimp van gecacheerd geexpandeerd ps. “Dat gebeurt altijd wel in enige mate”, aldus Hendriks. “Vooral door de introductie van haakse opstanden en kimfixatie komen dit soort schades bijna niet meer voor. Bovendien is de populariteit van koud kleven nogal afgenomen.”

EC-bitumen

ECB (ethyleen copolymerisaat bitumen is een kunststof dakfolie, die inmiddels al ruim 20 jaar in Nederland is toegepast. Hoewel het produkt 50% bitumen bevat is het altijd gerangschikt onder de kunststof dakbedekkingen. Vooral in het begin is veel krimp bij dit materiaal opgetreden. De krimp wordt veroorzaakt doordat de glasvlliescachering aan de onderzijde gevoelig is voor vocht. De mate van gevoeligheid hangt echter af van het gebruikte type bindmiddel. Bij inwendige condensatie neemt de samenhang van het glasvlies af en kan dit niet meer voor de nodige stabiliteit zorgen. Bij het opdrogen ontstaat dan een soort van uitdrogingskrimp”, aldus prof. Hendriks.

“Bij toepassingen van pvc dakbedekkingen zijn ernstige krimpschades voorgekomen. De zogenaamde kalanderkrimp heeft daaraan maar weinig bijgedragen. De belangrijkste oorzaak is het verlies van weekmakers geweest. Dit verlies treedt door verschillende omstandigheden op. Het contact met bitumineuze materialen is funest voor pvc. Weekmakers worden ook aan het pvc onttrokken door ps. Dat gebeurt overigens bij hogere temperaturen, namelijk bij 30 a 40 gr. C. Verder ke weekmakers worden onttrokken door micro-organismen, zoals die in ballastlagen voorkomen. Tegenwoordig hebben pvc-folies echter stabiele weekmakers en bevatten fungiciden”.

Oprolkrimp

“De meest beruchte krimp bij epdm, een elastische kunststof, betrof oprolkrimp. Deze werd veroorzaakt door het oprollen van de kunststof na de produktie. Daardoor werd het niet gewapende materiaal uitgerekt”, constateert Hendriks. “Na het aanbrengen duurde het geruime tijd voordat het produkt zijn oorspronkelijke vorm weer had aangenomen. Als de dakdekker het materiaal te vroeg bevestigde, dan ontstonden er krimpproblemen met ernstige schade als gevolg. Later bleek krimp van epdm ook wel voor te komen door zogenaamde navulcanisatie onder invloed van hoge temperaturen.

Polyestervlies

De introductie van een polyestervliesinlage voor (gemodificeerde) bitumenbanen kan worden beschouwd als de belangrijkste verbetering van bitumendakbanen. De eisen voor dakbanen konden scherper worden gesteld. In 1981 introduceerde BDA kwaliteitseisen voor bitumineuze dakrollen. Daarbij was een maximale dimensionele verandering toegestaan van 1%.

In 1984 werd deze eis verder aangehaald in de Venedak/BDA-kwaliteitseisen tot 0,7%. Door de snelle opkomst van de eenlaagse dakbedekkingen is krimp weer in het middelpunt van de belangstelling komen te staan, omdat juist bij eenlaagse dakbedekking het voorkomen van krimp en spanning in de dakbedekking van het grootste belang is. Bij eenlaagse dakbedekking wordt vaak gebruik gemaakt van mechanische bevestiging in de overlap. Daar mag dus geen spanning of krimp ontstaan.

Veel fabrikanten hebben met succes de stabiliteit van de met polyester gewapende bitumenbanen verbeterd. Vandaar dat de huidige eis voor de maximale krimp van dit materiaal inmiddels is verlaagd tot 0,2%. Het streven is nu deze waarde tot 0% te reduceren.

Reageer op dit artikel