nieuws

Parlementair onderzoek WBL VROM schrapte zelfkritiek uit inspectierapport

bouwbreed Premium

Het ministerie van VROM heeft een aantal opmerkelijke conclusies geschrapt uit het rapport, dat door zijn eigen inspectie was opgesteld naar aanleiding van de problemen bij Woningbeheer Limburg. Reden was dat deze conclusies de rol van het ministerie bij de totstandkoming van de nieuwe corporatie in een te negatief daglicht zouden stellen.

Dat blijkt uit het gesprek dat de parlementaire onderzoekscommissie Woningbeheer Limburg gisteren voerde met inspecteur R.J. Hordijk van VROM.

Hij is een van de auteurs van een inspectierapport van medio juni 1994, waarin wordt gesteld dat de financiele en organisatorische problemen bij WBL vooral zijn ontstaan onder invloed van een volstrekt tekortschietend corporatiebestuur.

Aan deze definitieve versie van het rapport, waar Heerma trouwens zeer verbaasd over was, lag een concept ten grondslag dat een ander licht wierp op de rol van het ministerie van VROM in het geheel.

En het verhaal van Hordijk toonde aan dat juist de ambtenaar die van meet af aan bij de totstandkoming van WBL betrokken is geweest het concept van het inspectierapport heeft ingezien en in de positie was het op onderdelen te wijzigen in het voordeel van VROM.

Ingrijpend

De persoon in kwestie is drs. M.J. van Rijn, recentelijk nog bevorderd tot plaatsvervangend directeur-generaal van de volkshuisvesting. Hij was al betrokken bij het VROM-dossier over SBDI, de instelling die de belangrijkste veroorzaker is van de financiele malaise bij WBL, en heeft bij de totstandkoming van de fusie van SBDI met Het Zuiden en Huisvesting Bejaarden Limburg tot WBL een belangrijke rol gespeeld.

Hoewel Hordijk verklaarde dat Van Rijn, samen met de Limburgse hoofdinspecteur volkshuisvesting H. Klaren, de zakelijkheid van het rapport had verhoogd, kwam commissievoorzitter Hofstra met citaten uit het oorspronkelijke concept, waaruit ingrijpender wijzigingen naar voren kwamen.

Uit deze geschrapte citaten blijkt dat VROM uit was op het zo gering mogelijk houden van de eigen financiele bijdrage in het nieuwe WBL. De inspecteurs van VROM spreken van “handjeklap ten aanzien van de hoogte van de door de bij de sanering betrokken partijen te leveren bijdrage”.

En: “Er wordt door VROM flink onderhandeld om de bijdrage die zij uiteindelijk moet leveren zo laag mogelijk te houden. Uitgangspunt blijkt steeds de ABR-positie van HBL en Het Zuiden te zijn, en niet zozeer een analyse met wat voor instelling VROM te doen heeft qua kwaliteit, in relatie tot de te verrichten inspanningen met betrekking tot de reorganisatie en het organisatievraagstuk. Een financiele analyse van de effecten van overname, fusie naar de toekomst toe gerekend, ontbreekt eveneens.”

Desgevraagd verklaarde Hordijk nog steeds achter de inhoud van de geschrapte citaten te staan. “Hoewel er op onderdelen enige nuancering mogelijk is, kan de globale constatering intact blijven.”

Waken over geld

Was bij VROM het streven de financiele bijdrage aan WBL zo beperkt mogelijk te houden, bij de gemeenten speelde dat misschien nog wel meer.

Aan de hand van twee ontluisterende gesprekken met de wethouders E.M.C. Arets van Sittard en Coumans van Kerkrade werd duidelijk dat het waken over het eigen geld verre de voorkeur had van de Limburgse gemeenten, boven het volkshuisvestelijke belang van een financieel gezond WBL.

Geen enkel financieel risico werd aangegaan, bijvoorbeeld in de vorm van garanties op leningen, en risico’s die er al lagen, werden zo snel mogelijk afgedekt. Een dag eerder hadden de oud-bestuurders van WBL Schepers en Van Goethem en adviseur Jacobs die beschuldiging aan het adres van de gemeenten al gemaakt.

Hoewel wethouder Arets het niet eens was met de conclusie dat gemeenten alleen oog hadden voor het financiele belang kon hij niet aangeven welke volkshuisvestelijke belangen dan door hem waren gediend. “Nu voel ik mij wat overvraagd”, was het enige dat hij kon uitbrengen.

En Coumans van Kerkrade vertelde de commissie zonder blikken of blozen dat zijn gemeente bij de verkoop van het 800 woningen tellende Eygelshoven-complex aan Het Zuiden een voordeel had genoten van ruim f. 2 miljoen, en dat vervolgens in eigen zak had gestoken, terwijl het geld eigenlijk naar Het Zuiden en dus naar WBL had moeten worden doorgesluisd. “Wij moeten als gemeente toch ook op onze portemonnaie letten”, aldus de wethouder.

Vandaag worden de gesprekken van de commissie vervolgd.

Reageer op dit artikel