nieuws

Lassen zware hoedligger vergt speciale aanpak

bouwbreed Premium

Bij Constructiewerkplaats Grunbauer in Diemen wordt een ‘hoedligger’ gelast van voor Nederland ongekende afmetingen. Het gaat om een kokerprofiel van 380 mm bij 480 mm met verbrede bovenflens van 540 mm. Aaneenlassen van staalplaten met dikten van 65 mm, 45 mm en 20 mm tot een hoedligger vraagt een speciale aanpak.

De ligger die nu bij Constructiewerkplaats Grunbauer wordt gelast is bestemd voor het Educatorium voor de Universiteit Utrecht in de Uithof. De ligger wordt onderdeel van een vakwerkspant met een overspanning van circa 29 m. De ligger wordt delen gemaakt. Het geheel gaat 17 ton wegen. Grunbauer maakt de ligger in opdracht van Hody bv in Zaltbommel die hem levert aan Staalkonstructiebedrijf Nagelhout BV in Bakhuizen. Nagelhout maakt bij elkaar ongeveer 100 ton staalwerk voor het Educatorium. Hody heeft het maken van de hoedliggers uitbesteed bij Constructiewerkplaats Grunbauer.

Volgens directeur J.J. Grunbauer van de gelijknamige constructiewerkplaats vergt het maken van de ligger een speciale manier van lassen. Daarvoor heeft hij geen speciale machines hoeven aanschaffen. Het gaat erom dat de las veel meer wordt opgebouwd dan bij hoedliggers van meer gangbare afmetingen gebruikelijk is.

De platen moet worden ingeslepen en er moet een grondnaad worden gelegd. “Anders blaas je er met het poederlassen zo door”, weet Grunbauer. De grondlas wordt CO2-gelast. Dat gaat automatisch met een ‘Minitrac’ van ESAB, een lasapparaatje dat op wieltjes over het te lassen werk kan rijden. De eigenlijke las wordt onder poederdek aangebracht. Dat gebeurt automatisch. Het laswerk moet uiterst nauwkeurig gebeuren. De Rontgen Technische Dienst komt de lassen controleren. Voor hoedliggers, die overigens veel door Grunbauer worden gemaakt, is dat een uitzondering. Het wordt door de opdrachtgever echter voor deze hoedligger geeist. “Begrijpelijk”, vindt Grunbauer, “want het is niet niks wat die ligger moet ke.”

Gevecht

Het dienstengebouw bij al bestaande gebouwen van de Universiteit Utrecht in de Uithof wordt gebouwd door BAM Bredero Bouw BV uit Bunnik naar een ontwerp van het Office for Metropolitan Architecture van Rem Koolhaas. In het ‘Educatorium’ komen twee gehoorzalen (voor 400 en 500 mensen), drie tentamenzalen voor in totaal 650 studenten en een kantine met 925 plaatsen.

De stalen hoedligger gaat fungeren als bovenregel van een vakwerkspant met lengte van circa 29m en een hoogte van bijna 8m. De grote vakwerkligger is noodzakelijk omdat architect Koolhaas aan de noordkant van het gebouw een kolomvrije ruimte wilde creeren. Daarom moet het gewicht van dak en gevel worden opgenomen in een constructie die de krachten afvoert naar twee kolommen op afstand van ongeveer 29 m. Als constructeur is opgetreden ABT West, de vestiging in Delft van het Adviesbureau voor Bouwtechniek uit Velp.

Het is volgens ABT wel een voortdurend gevecht met de architect geweest om dit financieel haalbaar te maken. In nauw overleg tussen architect en constructeur is gekozen voor een vakwerkligger met stalen onder- en bovenregels. De diagonalen van het vakwerk worden gevormd door stalen staven in doorsneden van rond 60 mm en rond 160 mm en prefab betonnen balken met rechthoekige doorsnede van 600 mm bij 380 mm.

Bovenzijde

De bovenregel moet een drukkracht van 350 ton ke opnemen. Deze is uitgevoerd als ‘hoedligger’. Dat is een kokervormige liggersoort met een onderflens die breder is dan de bovenkant. Hoedliggers worden onder meer gebruikt in combinatie met kanaalplaatvloeren. De brede onderflens dient dan voor de oplegging van de betonnen vloerplaten. In het Educatorium zal de hoedligger worden gebruikt met de brede flens aan de bovenzijde.

De onderplaat wordt door middel van poederdekllassen aan het lijf bevestigd.

Reageer op dit artikel