nieuws

Vervuild slib droogt snel dankzij vrieskou

bouwbreed Premium

Het Van Esschenven, het Goorven en het Witven, drie sterk vervuilde vennen nabij Oirschot, worden schoongemaakt. De aannemersbedrijven Gebroeders Van der Zande uit Moergestel en Van Beers VOF uit Hoogeloon werken hierbij nauw samen. Over enkele weken is het karwei geklaard.

J. van der Zande stopt zijn handen diep in de zakken van zijn jas, maar over de kou zal je hem niet horen klagen. In tegendeel. Dankzij de koudegolf die eind vorig jaar inzette, ging het verwijderen van het vervuilde slib uit de drie Brabantse vennen sneller dan gepland.

De vrieskou zorgde ervoor dat het slib eerder was indroogd dan voorzien, zodat het werk een maand eerder klaar is. Twee van de drie vennen zijn inmiddels geschoond en het derde wordt begin maart opgeleverd.

Op 25 september vorig jaar begon het karwei. Van zeven uur ’s ochtends tot vijf uur ’s avonds werkte het personeel van Van der Zande en Van Beers aan het ven. Eerst pompten ze 150.000 kuub water uit de plassen, daarna schoven ze de vervuilde bodem aan de kant en vervolgens brachten ze het slib naar het omliggende gebied waar het werd gebruikt voor structuurverbetering van landbouwgronden.

Het ging in totaal om 40.000 kuub gedroogde bagger, die oorspronkelijk naar een vuilstortplaats zou gaan, maar waarvan na onderzoek bleek dat het kon worden hergebruikt. Van der Zande: “In de drukste periode werkten we hier dagelijks met twintig mensen. Nu het werk er bijna op zit, hebben we dat aantal met meer dan de helft teruggebracht.”

Opdrachtgever voor de schoningsactie is de Vereniging Natuurmonumenten. Deze nam Oranjewoud bv uit Maastricht in de arm om een plan te ontwikkelen en het werk te coordineren. Voordat de vennen werden leeggepompt, verrichtte Oranjewoud grond- en oppervlaktewaterstudies, aldus A. van Alphen, ingenieur bij de afdeling bodem, water en milieu van het bedrijf. De studies waren noodzakelijk om onder meer de mate van vervuiling na te gaan. Daarna benaderde Oranjewoud de aannemers Van der Zanden en Van Beers voor de praktische uitvoering van het karwei. De kosten ervan bedroegen circa f. 1,2 miljoen, waarvan 80 procent werd betaald door het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Rendabel

Van de Nederlandse vennen is zo’n 60 procent verzuurd, constateert F. Kapteijns van de Vereniging Natuurmonumenten. Auto’s, luchtvervuiling, industrie en landbouw zijn de voornaamste oorzaken dat de van nature voedselarme vennen dichtslibben. Deze ‘verrijking’ van het water heeft zeer schadelijke gevolgen voor de natuur. Planten en dieren sterven en de vennen veranderen in levenloze plassen water.

De Vereniging Natuurmonumenten zou het liefst de vervuilde vennen op grote schaal reinigen, zegt Kapteijns. “Brabant staat bekend om zijn vennen, we hebben er zeventig en die mogen niet allemaal verloren gaan.” Al in 1986 waren de plannen voor de drie Brabantse vennen bekend. Kapteijns: “Het duurde lang voordat de financiering rond was.” Bovendien is het niet rendabel om alle vennen schoon te maken omdat er soms in de omgeving wordt gebouwd of wegen worden aangelegd, zodat de natuurgebieden sowieso weer zullen verzuren.

Waterig slib

Van der Zande wijst naar de geelbruine bodem van het Van Esschenven: “Het is alweer bijna schoon”, zegt hij. In het midden van het ven staan nog enkele shovels. Ze scheppen het vuile slib en rijden het naar een centrale plek aan de zijkant. Om te voorkomen dat de voertuigen de kwetsbare bodem beschadigen, zijn er eerst stalen platen neergelegd.

“De sliblaag was op sommige plaatsen een meter dik”, aldus Van der Zanden. “In het diepste deel van het ven zat een dikke brei waterige modder. Die wilde niet drogen. Daarom hebben we die inmiddels maar afgevoerd, het is eigenlijk te nat maar we konden het niet langer laten liggen.”

Positieve reacties

Op een heuvel enkele meters van het Van Esschenven, staat een overkapt informatiepaneel waarop aan de hand van tekst en tekeningen wordt uitgelegd wat de schoningsoperatie precies inhoudt. Het is bestemd voor de bezoekers van het natuurgebied. Van der Zande: “Er zijn wel eens mensen naar me toe gekomen om te vragen of het zo kaal zou blijven. Ze kwamen hier al jaren tijdens de vakantie en waren bang dat de natuur voorgoed verloren zou zijn. Nadat ik ze uitlegde waarmee we bezig waren, toonden ze er alle begrip voor.”

Met de omwonenden heeft Kapteijns vergelijkbare ervaringen: “Voordat we op 25 september vorig jaar begonnen, hebben we hen tijdens bijeenkomsten ingelicht over onze plannen. We legden uit hoe we te werk gingen en vroegen begrip voor eventuele overlast die ze zouden ondervinden want we konden het werk onmogelijk uitvoeren, zonder dat bewoners van de streek het zouden merken. Er rijden bijvoorbeeld vrachtwagens af en aan en er valt wel eens een boom om. Van de reacties die we ontvingen was 90 procent positief. En voor de toekomst is dat heel belangrijk want we hebben nog meer plannen voor deze omgeving.”

Die plannen bestaan onder meer uit het herstel van de loop van het beekje de Rosep. Via landinrichting komt het in handen van de Vereniging Natuurmonumenten en deze wil het binnen tien jaar door de vennen leiden. “Dit po leert ons veel over hoe we de schoonmaak van vennen moeten aanpakken”, aldus Kapteijns. “We geven het door aan het ministerie en we hopen dat we ook subsidie krijgen om het grootste ven hier in de buurt, het Kolkven, schoon te mogen maken.”

Om te voorkomen dat de bodem van het ven beschadigd raakt, rijden shovels over stalen platen. Op de achtergrond een informatiepaneel van de Vereniging Natuurmonumenten.

Reageer op dit artikel