nieuws

‘Wij zijn baas in eigen buik en bepalen betaalwijze’

bouwbreed Premium

Voor de derde keer is bouwbedrijf Clinge BV uit het Zeeuwse Clinge door de president van de rechtbank in Middelburg veroordeeld achterstallige vakantierechten van de (nu nog) zeven werknemers binnen drie dagen te voldoen aan het Sociaal Fonds Bouwnijverheid (SFB). De dwangsom is bepaald op f. 100.000. Volgens een woordvoerster van het bedrijf gaat het om een principieel aspect: “wij willen baas blijven over onze eigen bankrekening”.

Het bedrijf is een recidivist ten aanzien van het rechtenbeheersystem (RBS). Al jaren worden voortdurend vakantie-, feest- en verlofdagen en vakantietoeslag niet tijdig bijgeschreven bij het SFB. Dat was voor de Bouw- en Houtbond FNV aanleiding in 1992 en 1994 naar de rechter te stappen en in kort geding het voldoen aan het RBS af te dwingen. In beide gevallen kreeg de bond zijn zin.

“Maar het bedrijf bleef zodanig rotzooien dat we ons genoodzaakt achtten de dwangsom van f. 50.000 op te eisen. Die is ook daadwerkelijk verbeurd verklaard. Van dat geld hebben wij toen de werknemers, die op een na (de zoon van de directeur) georganiseerd zijn, betaald”, aldus een woordvoerder van de bond.

Weer geding

Vorig jaar was het echter opnieuw raak. Weer bleef het bouwbedrijf achter met het bijschrijven van rechten. De bond legde daarop voorjaar 1995 beslag op de bankrekening van het bedrijf. Dat probeerde in een kort geding die stap ongedaan te maken, maar werd door de rechter in het ongelijk gesteld.

Uiteindelijk zag de bond zich najaar 1995 gedwongen opnieuw een kort geding aan te spannen. Deze week deed president mr. H. van Breda van de Middelburgse rechtbank uitspraak. Wederom werd Clinge BV veroordeeld alle achterstallige rechten bij te schrijven en opgedragen “ook in de toekomst, in ieder geval voor de duur van de bouw-cao tot en met april 1999 tijdig premieafdrachten- en betalingen te verrichten aan het SFB”.

De rechtbank-president toonde zich zo verbolgen over het gedrag van het bouwbedrijf, dat hij de dwangsom verdubbelde. In plaats van de gebruikelijke f. 50.000 bepaalde hij die op een ton. De ergernis van mr. Van Breda blijkt ook uit de tekst van het vonnis:

“Clinge BV zou er verstandig aan doen om, na overleg met de bankier over een soepeler kredietlimiet, weer een automatische incassomachtiging ten behoeve van het SFB in het leven te roepen, teneinde tijdige betaling in de toekomst te verzekeren en verder kostbaar maar zinledig procederen te voorkomen.”

Het bedrijf had een dergelijke machtiging in het verleden geregeld, maar weer ingetrokken. Clinge BV betoogde dat de gegevens aan het SFB wel degelijk tijdig werden aangeleverd, omdat betalingen altijd binnen 21 dagen na ontvangst van de acceptgiro plaatsvonden.

Verworpen

Maar de rechtbank-president verwierp dat betoog: “Dit verweer snijdt geen hout. Clinge BV ziet voorbij aan de haar bindende cao-bepalingen die tot snellere aanlevering en betaling verplichten. Worden de cao-termijnen overschreden, dan raakt het bedrijf reeds in verzuim. Bij de incasso spreekt het SFB dan ook met recht van openstaande – namelijk reeds door gedaagde verschuldigde – bedragen”.

Het verwijt van Clinge BV dat SFB en Bouw- en Houtbond FNV “gelijke gevallen ongelijk zouden behandelen door ons wel en andere bedrijven in soortgelijke omstandigheden niet achter de broek te zitten” werd door mr. Van Breda van de hand gewezen: “Dat is niet met enig concreet gegeven onderbouwd.”

Ook de bouwbond bestrijdt het: “We pakken juist heel veel bouwbedrijven aan, die zich aan achterstanden met RBS-rechten schuldig maken, want we hebben de buik vol van dit soort praktijken. Clinge BV spant de kroon. Een behoorlijke administratie ontbreekt, altijd is er gelazer. Er is geen sprake van liquiditeitsproblemen. Bedrijven die op deze manier een administratief- en personeelsbeleid voeren, moeten gewoon weg. Voor hen is geen plaats in de bedrijfs-tak.”

Principiele zaak

Volgens de echtgenote van de directeur van Clinge BV gaat het om een puur principiele zaak. “Het is echt niet zo dat we niet willen voldoen aan de RBS-rechten. Maar wij zijn baas in eigen buik en dus ook over onze eigen bankrekening. Wij bepalen hoe er betaald wordt aan het SFB. Het fonds heeft begrip voor ons argument en stemt in met betaling via acceptgirokaarten. Maar de bond is daar tegen. Die wil dat het precies volgens de cao gebeurt”, zegt ze.

De bond zit volgens haar “al 20 jaar achter ons aan. Ze heeft in die tijd het dreigement geuit ons bedrijf de grond in te boren. De bond zoekt gewoon een zwart schaap, er moet iemand ten voorbeeld worden gesteld.”

Ze erkent dat er wel eens betalingen te laat bij het SFB binnengekomen zijn. “Meestal een paar dagen, omdat er nog niet genoeg geld op de bankrekening stond”, verklaart ze.

Dat nu voor de derde keer een dwangsom verbeurd zal worden verklaard (de bond doet dat onherroepelijk als het bedrijf in gebreke blijft), verwacht de echtgenote van de directeur van Clinge overigens niet: “Zo’n vaart zal het niet lopen. We zullen wel iets aan de situatie moeten doen.”

Reageer op dit artikel