nieuws

In de kooi van de Aziatische tijger Vermeer vindt nieuwe markt in Vietnam

bouwbreed

Een land vol industriele bouwactiviteiten, lekkende leidingen en wassend water. Toch is er momenteel maar een Nederlandse aannemer actief. En juist dat bedrijf veroverde onlangs in Vietnam de grootste Nederlandse order ooit. “Technisch zijn ze hier goed onderlegd. Hen ontbreekt slechts het gereedschap en management om hun kennis uit te voeren.” De Vermeer Contractors Group uit Hoofddorp in de ‘kooi’ van een nieuwe Aziatische tijger.

Die avond heerst een uitgelaten sfeer in de Tiger Cavern. In het cafe, gelegen in het hartje van Ho Chi Minh Stad, komen Nederlandse ondernemers uit de stad wekelijks bij elkaar. Vooral Allard Nooy, general manager van de Vermeer Contractors Group, is uitgelaten. Want een paar dagen ervoor heeft premier Kok in Hanoi, in het bijzijn van zijn Vietnamese ambtsgenoot Vo Van Kiet, een leningsovereenkomst getekend van zestien miljoen gulden ontwikkelingsgeld, voor de aanleg van twee drinkwatersystemen in de zuidelijke Mekong Delta. En dat tot dusverre grootste po tussen Nederland en Vietnam wordt uitgevoerd door Vermeer uit Hoofddorp.

Enkele collega entrepeneurs slaan de enige Nederlandse aannemer in Vietnam dan ook complimenteus op de schouders. Nooy: “Hier zijn we ruim een jaar mee bezig geweest, met succes. Onze internationale tak richt zich in het bijzonder op landen die volop in ontwikkeling zijn. Vietnam is zo’n land. Sinds de doi moi politiek van de regering, zeg maar de Vietnamese variant van de perestroijka en glasnost, hielden we het dan ook intensief in de gaten. Dit is het moment om in het land te investeren, zeker voor aannemers. Vietnam is ‘booming’. Dat is ook het leuke van deze wekelijkse borrel. Je kunt even bijtanken. Tips uitwisselen en de laatste zakelijke ontwikkelingen doornemen.”

Welpje

De Vermeer Contractors Group, de internationale tak van het aannemersconcern Vermeer uit Hoofddorp, is niet het enige Nederlandse bedrijf dat in Vietnam een interessante markt ziet. In het kielzog van premier Kok bezocht begin juni de creme de la creme van het Nederlandse bedrijfsleven het Indochinese schiereiland. 35 captains of industry namen nieuwsgierig een kijkje in ‘de kooi’ van de nieuwste Aziatische tijger. Nou ja, tijger. Buitenlandse Zaken spreekt liever over een welpje. Door de vele oorlogen, en de gevolgen daarvan, is Vietnam als een van de weinige landen in Zuidoost Azie de laatste jaren niet meegezogen in de explosieve economische groei die de welvaart in het naburige Maleisie, Thailand en Indonesie in intercity-vaart deed stijgen.

“Veel mensen realiseren zich dan ook vaak niet hoe arm Vietnam eigenlijk is”, vertelt Boudewijn Poldermans, tot voor kort honorair consul voor Nederland in Ho Chi Minh Stad en chief representative ABN/AMRO, in het bescheiden hoofdkantoor van zijn bank. “Het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking bedraagt nauwelijks 250 dollar per jaar. En daarmee loopt Vietnam ver achter bij een land als bijvoorbeeld de Filippijnen, waar ze ruim drie keer zoveel verdienen. Jawel, het gaat met Vietnam de goede kant op. Maar voordat het land het niveau van de Aziatische tijger-economie heeft bereikt, is het nog zeker twee decennia onderweg.”

Een optimistisch scenario. Want de doi moi-politiek van de communistische regering werpt tot op heden alleen nog maar zijn vruchten af rond grote steden als Hanoi en Ho Chi Minh Stad. Op het Vietnamese platteland is van al die bouwactiviteiten en de toenemende welvaart niets te merken. En daar woont negentig procent van de totale bevolking. Steeds meer boeren trekken dan ook hoopvol naar de stad, zonder dat hun plekken op het land worden ingenomen.”

Voor een bank als ABN/AMRO, drie jaar geleden in Ho Chi Minh Stad begonnen en sinds kort in het bezit van een tweede kantoor in Hanoi, is er niettemin genoeg redenen om in Vietnam aanwezig te zijn. “Veel van onze internationale klanten zijn hier vertegenwoordigd. Vietnam telt zo’n 72 miljoen inwoners, en die vormen na Indonesie de grootste consumentenmarkt van Zuidoost-Azie. De helft van de bevolking is jonger dan twintig jaar. En die hebben bij wijze van spreken in de toekomst allemaal een auto en een ijskast nodig. En dat betekent veel bouwactiviteiten in de petrochemische en voedingsmiddelenindustrie. Want die auto’s en koelkasten moeten tenslotte ook ‘gevuld’ worden”, verduidelijkt Poldermans.

“Verder heeft Vietnam een erg strategische ligging, waardoor het een belangrijke schakel vormt in de onderlinge Aziatische handel. Nu het land is toegetreden tot de AESAN, een groep waartoe Brunei, de Filippijnen, Indonesie, Maleisie, Singapore en Thailand behoren, zullen de handelsactiviteiten tussen Vietnam en die landen alleen maar toenemen.”

Partner

Momenteel hebben zo’n dertig grote en kleine Nederlandse bedrijven een vestiging in het land. Die investeren met elkaar een bedrag van bijna 400 miljoen dollar. Nederland bekleedt daarmee de elfde plaats op de lijst van buitenlandse investeerders en is de tweede ‘Europeaan’ na Frankrijk, dat Vietnam tot 1954 ‘in handen’ had. Slechts een handjevol Nederlandse ondernemingen bevindt zich in het regeringscentrum Hanoi, waar twee jaar geleden ook de ambassade terugkeerde. De meeste houden kantoor in het commerciele hart Ho Chi Minh Stad. Hieronder Vermeer dat een pand deelt met het Nijmeegse ingenieursbureau Haskoning, vlak buiten het zakencentrum van de stad.

Nooy zit al een tijdje op die plek. “Want voordat je in Vietnam een bedrijf wilt beginnen hoor je een licentie te hebben.” Andere voorwaarden zijn ondermeer: “Je moet ke aantonen dat je financieel gezond bent en waarom je in het land wilt investeren. Ook moet je documenten overhandigen waaruit de kracht van je onderneming spreekt. Verder is een Vietnamese partner raadzaam. Prima: wij werken graag met lokale partners en dan het liefst in de vorm van een joint-venture.”

Eind vorig jaar kreeg Vermeer de startlicentie om zich in te schrijven bij de Ministry of Trade in Hanoi. En zo stond Nooy met zijn spullen op het vliegveld in Vietnam. Hij schrok wel van de hoge importkosten. Overal moest hij honderd procent tax voor betalen. “Van rolletjes plakband namen de douaniers zelfs de lengte van het aantal nog te gebruiken centimeters op. Onvoorstelbaar. En dan praat ik nog niet eens over kantoorapparatuur en onze technische equipment.”

Lekkende leidingen

Ondanks de concurrentie uit Australie, dat al veel langer in Vietnam op aannemersgebied actief is, ziet Poldermans veel kansen voor Nederlandse aannemersbedrijven. Zoals gezegd, in de (petro)chemische en voedingsmiddelenindustrie maar met name op ‘watergebied’. Zo kan het land nogal wat bruggen gebruiken; over de meeste rivieren vaart een veer. Daarbij stromen ieder jaar de rivieren in de zuidelijke Mekong-delta over, waardoor tienduizenden mensen hun huis gedwongen dienen te verlaten. Dat kan anders, en Nederland heeft internationaal een goede reputatie op het gebied van deltawerken en dijkverhoging. “Technisch zijn de Vietnamezen goed onderlegd. Hen ontbreekt slechts het gereedschap en management om hun kennis uit te voeren”, aldus Nooy die vooral veel lekkende leidingen om zich heen ziet. “Daardoor is de helft van het drinkwater verontreinigd. Duizenden liters verdwijnen direct weer in de grond. De bewoners van de Mekong-delta betalen per liter meer geld voor verontreinigd dan voor schoon leidingwater.”

Om dat te voorkomen is Vermeer, in nauwe samenwerking met ‘huisgenoot’ Haskoning, in juli begonnen met de aanleg van een drinkwatersysteem in het gebied, voor de twee provinciehoofdsteden Cao Lanh en Soc Trang. “Het betreft maar liefst 3000 nieuwe huisaansluitingen en daarvoor zijn onder meer vier nieuwe ‘putten’ van 400 meter diep nodig”, preciseert Nooy. Wanneer die klus is geklaard, begint Vermeer met de bouw van enkele waterzuiveringsstations in de regio. “Ook gaan we misschien de piping van een brouwerij uitbreiden. Dit alles betekent natuurlijk werkgelegenheid. Wij leveren ‘slechts’ een opleiding en de pomanagers.”

Positieve berichten. Toch gaat ondernemen in Vietnam niet van een leien dakje. Poldermans wijst onder meer op de strakke regelgeving en bureaucratie en de taal. “En natuurlijk, de corruptie”, waarschuwt hij. “Elke buurman wil meesnoepen.”

Prijzen

Ook het hoge kostenniveau om te investeren is de honorair consul een doorn in het oog.

“Ik begrijp dat wel. Het land was jarenlang ‘dicht’ en leefde tegen de armoedegrens. De regering merkt nu dat Vietnam voor buitenlandse investeerders een interessante markt is en schroeft de prijzen flink op. Immers: wie weet hoe lang die buitenlandse belangstelling duurt. Maar ze moeten wel uitkijken. Als ze zo doorgaan, jagen ze potentieel geinteresseerden bij voorbaat weg. Neem maar eens de huur. Het is hier geen Hongkong, maar het komt verhoudingsgewijs dicht in de buurt.”

Nooy in zijn gerieflijke onderkomen: “Ze zien je niet als investeerders maar als een pak dollars waarvan te plukken valt. Je wordt vooral in het begin niet overal even vriendelijk behandeld. Als buitenlander betaal je bovendien overal 200 procent meer voor. Een retourtje Saigon-Hanoi kost al snel 300 dollar. Trouwens, een aardig tip voor iemand die hier straks ook zaken wil doen. Kom het land binnen via het regeringscentrum in Hanoi. Ga eerst daar handjes schudden, voordat je naar het commerciele hart in Saigon gaat. Daarvoor zijn de autoriteiten erg gevoelig. Dan voelen ze zich niet gepasseerd.”

Drama

Zowel Nooy als Poldermans voorzien in de toekomst problemen in de infrastructuur. De helft van alle wegen verkeert in deplorabele staat. Eenvierde deel betitelt het Ministerie van Transport zelfs als ‘dramatisch’. En de ‘asfaltsituatie’ in de grote steden is niet veel beter. De meeste smalle straten zijn voor autoverkeer ongeschikt. In het historische centrum van Hanoi leidt dit nu al tot onoverkomelijke vervoersproblemen.

In Ho Chi Minh Stad oogt de situatie op het eerste gezicht iets beter. Brede boulevards, gebouwd voor 1975 in een tijd dat er 2,8 miljoen mensen woonden. Dat inwonertal is onderhand verdubbeld, terwijl alle wegen slechter en drukker zijn geworden. Volgens cijfers van het Ministerie van Transport rijden in de stad momenteel onder meer 500 bussen, 50.000 cyclo’s, meer dan twee miljoen fietsen, 12.700 vrachtwagens en 800.000 motorfietsen. Poldermans verzuchtend: “Je moet er niet aan denken wat er gebeurt als al die motorrijder straks een auto kopen. Als ze het wegennet hier niet snel aanpakken, wordt het in no-time een tweede Bangkok. Er moet heel wat gebeuren om dat te voorkomen.”

Maar wat, dat ke Nooy en Poldermans niet zeggen. Net zo min als de vele Nederlanders in de Tiger Cavern. Die hebben die avond wel iets anders aan hun hoofd.

Vermeer Contractors Group verzorgt de internationale activiteiten binnen P. Vermeer Verenigde Bedrijven, dat met 1500 medewerkers en een jaaromzet van f. 600 miljoen een van de middelgrote aannemingsconcerns in Nederland is. De internationale poot heeft vijf vestigingen in Afrika en nu dus een in Azie. De kernactiviteiten zijn engineering en construction. In hoofdzaak de realisering van industriele installaties en boven- en ondergrondse pijpleidingen voor nutsbedrijven en industrie.

Vermeer heeft ook veel ervaring op transport- en distributiegebied van vloeistoffen en gassen. Allard Nooy: “We ke daarbij het totale project turn-key opleveren. Maar alleen bouwen of aanleggen doen we ook. Voor overheden richten we ons met name op watervoorzienings-, waterzuiverings- en irrigatiesystemen. Verder zijn we actief in de (petro)chemische en voedingsmiddelenindustrie, en de bouw, uitbreiding dan wel renovatie van bijvoorbeeld raffinaderijen, chemische installaties, zuivelfabrieken en brouwerijen.”

J.W. van Spaendonck, voorzitter Raad van Bestuur Vermeer, en Nguyen Thanh Long, vice-chairman van de provincie Dong Thap, ondertekenen de contracten onder toeziend oog van ondermeer premier Wim Kok en zijn Vietnamese ambtsgenoot Vo Van Kiet.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels