nieuws

Bouwen voor iedereen vereist vrijheid van ondernemen

bouwbreed

De opdrachtgever moet hoge eisen op realistische wijze vorm geven zonder stedebouwkundige en esthetische normen geweld aan te doen. De praktijk wijst uit dat dit lukt. In de toekomst zal dat nog meer het geval zijn wanneer een opdrachtgever met gevoel voor verantwoordelijkheid en vormgeving minder dan nu te maken krijgt met wetsartikelen, fiscale heffingen, invloed van buitenstaanders, bijkomende kosten en bureaucraten. Bouwen voor de persoonlijke vrijheid van iedereen betekent ook dat men over ondernemingsvrijheid moet ke beschikken. Het belang van deze voorwaarden boet niet aan waarde in maar verdient meer weerklank.

Wie werkt maakt fouten. Wie een fout maakt verzwijgt die het liefst. Wie een fout ontdekt hangt die aan de grootst mogelijke klok. De vervalperiode van fouten loopt onderling nogal uiteen. De fout van een journalist verschimmelt in het archief terwijl die van een arts op de tafel van de patholoog belandt. De fouten van architecten en opdrachtgevers blijven daarentegen voor iedereen zichtbaar staan. Ze demonstreren de in steen, beton of glas gestolde waarschuwing tegen verkeerde plannen, mensvijandigheid en knoeiwerk.

Menswaardig

Bouwen betekent ethisch verantwoord handelen. Steden vormgeven betekent mensen de mogelijkheid bieden zich op aangename wijze te bewegen en het gevoel van een menswaardige omgeving over te brengen. Anders gezegd: een mensvijandige bouwconstructie berooft de burger niet alleen van zijn welzijn maar ontneemt hem ook zijn sociale kansen. Het beperkt mobiliteit en de ruimte en kansen voor het leven.

Het gold soms als chique de eigen haard of het huisje in het groen publiekelijk belachelijk te maken. In werkelijkheid gebeurde dat niet aan de hand van een weloverwogen waardeoordeel maar met uitgesproken cynisme. Dat gebeurde vooral door mensen die mede door subsidies van overheidswege goed woonden. De persoonlijke levenssfeer, economische uitgedrukt in vierkante meters en de wijze van inrichting houdt meer in dan alleen een sociale functie. Het draagt onmiskenbaar bij aan iemands vrijheidsbeleving.

Bij vrijheid hoort particulier eigendom. In de afgelopen decennia kreeg het eigendom soms meer soms minder aandacht in de politieke debatten over de bouw van steden en woningen. Vaak bleef de kwestie eigendom echter beperkt tot een bijzaak.

Volkseigen

De ineenstorting van de socialistische planeconomie maakte het intussen duidelijk dat mensen zelf niets hebben wanneer alles aan het volk behoort. Volkseigen systemen waren steeds de som van niet-bezitters. Om die reden zijn de achtergelaten puinhopen een teken aan de wand niet al te lichtvaardig om te gaan met het particuliere eigendom. Het is een gedegen en waardevol stuk vrijheid dat over het geheel genomen te vergelijken is met de rechten uit de grondwet.

Wie de vrijheid geniet heeft duizend wensen terwijl de onderdrukte onvrije slechts een wens heeft. Samenlevingen die (opnieuw) beginnen of zich opbouwen zien om naar de waarden die eerder niet aan bod kwamen. Burgers van welvaartsstaten stellen eisen en vormen bezit. De steden moeten mooier zijn, een steeds grotere uitstraling hebben en op alle niveaus aan waarde winnen. De auto hoort bij de voordeur te staan, het milieu is natuurlijk schoon en de woning comfortabel, zij het niet te duur.

Ontevredenheid

Wie bouwt krijgt te maken met eisen omtrent de stedebouw en de individuele woning. In beide gevallen speelt de economische logica de hoofdrol. Het stedebouwkundige beleid moet een gulden middenweg zien te vinden tussen onder meer historische gegevens, verkeerstechnische voorzieningen en sociale voorwaarden. Er bestaan geen methoden die aan alles een even groot gewicht toekennen. In het gunstigste geval wordt de ontevredenheid tot een meer aanvaardbaar niveau beperkt.

Kijk bijvoorbeeld naar Berlijn. Deze stad is momenteel Europa’s grootste bouwplaats. En daar doet zich gelijktijdig een veelheid aan problemen voor. De verhuizing van regering en parlement, de strijd om het architectonische aanzien en het geld dat daarmee is gemoeid. Berlijn moet hoofdstad zijn en wat van Parijs en Londen in zich dragen en weer de uitstraling van de jaren twintig hebben. Kijk bijvoorbeeld ook naar Dresden. Alleen al in de binnenstad moet zo’n 600.000 vierkante meter worden bebouwd. De ontwikkeling die de stad in meer dan een eeuw doormaakte moet zich nu in een paar jaar herhalen. De gemeentelijke politiek beklaagt zich er over dat de vele (belangen)groepen die over het aanzien van de stad willen meebeslissen het tempo van de werken vertragen.

Hier herhalen zich de discussies die pakweg een halve eeuw eerder in de Westduitse steden plaats vonden. In het geheel van dreigend knoeiwerk, historisme en investeringsdwang laat het zich aanzien dat de huidige plannenmakers waarschijnlijk dezelfde fouten zullen maken als de generatie die hen voorging. De strijd om een optimale oplossing houdt namelijk nooit op.

Goedkope

Ook de eisen inzake het particuliere wonen ijlen op de voorraad vooruit. In de oude deelstaten volgde tientallen jaren het ene debat het andere op over de vraag wat goed wonen nu eigenlijk is. Het mag duidelijk zijn dat de woning een bijzondere vorm van eigendom is die tegelijkertijd een economische waarde vertegenwoordigt. Politici en stedebouwers neigen er nogal eens toe aan het economische aspect voorbij te gaan. De kiezer eist goede en goedkope woningen en krijgt die ook; in elk geval de toezegging.

Op termijn kan aan die eis niet meer tegemoet worden komen. Desondanks moeten bijvoorbeeld huurbeperkingen telkens opnieuw het onmogelijke tot stand zien te brengen. Daarbij is de huurbeperking de klassieke zonde tegen de economische logica. Prijzen onder het marktniveau veroorzaken tekorten, houden investeringen tegen, laten een zwarte markt ontstaan en leiden tot verval. Degenen die men met de maatregelen wilde beschermen raken er juist door achterop. Het aanbod verslechtert, neemt af en verdwijnt uiteindelijk. De beste huurdersbescherming ontstaat daarentegen door woningbouw.

*) Dr. P. Gillies is voormalig chefredacteur van het Duitse dagblad Die Welt en schrijft momenteel als vrije publicist over economische zaken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels