nieuws

Amsterdamse huisbazen verwaarlozen hun bezit

bouwbreed

Ongeveer de helft van de woningen die in Amsterdam door particulieren worden verhuurd, zou ingrijpend verbeterd moeten worden. Ook eigenaar-bewoners verwaarlozen op grote schaal hun bezit: circa eenderde van deze panden zou moeten worden opgeknapt. Huizen die in het bezit zijn van corporaties daarentegen zijn doorgaans van goede kwaliteit.

Dit blijkt uit de nota De Goede Voorraad, die de gemeente Amsterdam heeft gepubliceerd. De nota is gebaseerd op een onderzoek van 10.000 woningen. Van de onderzochte panden was 73 procent in handen van particulieren, 9 procent was eigendom van corporaties en 18 procent werd door de eigenaar bewoond. “Een gevolg van de gehanteerde werkwijze is dat verhoudingsgewijs veel monumenten, veel particuliere huurwoningen en weinig corporatiewoningen worden aangetroffen bij de onderzochte panden”, aldus de nota. Volgens de samenstellers van de nota brengt de werkwijze ook met zich mee dat het onderzoek een ongenuanceerd beeld geeft van het woningonderhoud in de hoofdstad. De reden om het onderzoek toch op deze manier te doen, is dat uit eerdere onderzoeken reeds een beeld is ontstaan van het overige huizenbestand in de hoofdstad. “Met dit onderzoek is het kwalitatief slechtste deel van de ‘goede’ woningvooraad in de binnenstad onder de loep genomen”, aldus het rapport.

Renovatie

Van het huizenbezit van particuliere verhuurders kampt 17 procent met achterstallig onderhoud en moet 44 procent zelfs ingrijpend worden verbouwd. Van de corporatie woningen is in totaal 7 procent toe aan een grote verbouwing, terwijl van 5 procent het onderhoud te wensen over laat. Bij het huizenbezit van eigenaar-bewoners is dit respectievelijk 29 en 9 procent.

Uit de nota blijkt dat een relatief hoge huur niet hoeft te betekenen dat een woning in goede staat verkeert. Van de duurdere huurwoningen in de particuliere sector blijkt 29 procent aan een verbouwing toe te zijn, terwijl 28 procent achterstallig onderhoud kent. Van de goedkope woningen die door huisbazen worden verhuurd, is 47 procent toe aan renovatie en 43 procent aan een minder ingrijpende opknapbeurt. Van de duurdere corporatiewoningen daarentegen moet 8 procent worden gerenoveerd en kan in 2 procent worden volstaan met het wegwerken van achterstallig onderhoud.

Voor wat betreft de goedkope huurwoningen, scoren de corporaties slechter dan de particulieren. Maar liefst 60 procent van de corporatiewoningen met een huurprijs beneden f. 335 zou grondig moeten worden opgeknapt, terwijl 67 procent niet goed is onderhouden.

Subsidies

Veel mogelijkheden om de woningen op te knappen zijn er niet. Voort wat betreft het particuliere woningbezit zal de gemeente Amsterdam jaarlijks tussen 200 en 300 huiseigenaren aanschrijven. Indien zij hierna niet overgaan tot het laten verrichten van onderhoudswerk, zal dit op kosten van de gemeente gebeuren. Waarna de huisbaas de rekening krijgt gepresenteerd. Ook worden op beperkte schaal subsidies gegeven voor het laten opknappen van panden.

Daarnaast wordt in overleg met de corporaties een aankoopprogramma opgesteld. Corporaties die panden kopen en opknappen krijgen hiervoor van de gemeente subsidie. Renovaties en het opheffen van achterstallig onderhoud zullen ongeveer twaalf jaar in beslag nemen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels