nieuws

Vraag en Antwoord

bouwbreed

Waarde van onvoltooide Annex blijft buiten boedel failliete Fibomij Curator eist bij Universiteit Leiden f. 3,5 miljoen niet op

Curator mr. E. W. J. H. de Liagre Bohl in het faillissement van projectontwikkelaar Fibomij BV, ziet ervan af bij de Rijksuniversiteit Leiden (RUL) een bedrag van ongeveer f. 3,5 miljoen op te eisen. Dit is de waarde van het onvoltooide gebouw ‘De Annex’, bij de bouw waarvan vele miljoenen spoorloos verdwenen zijn. Fibomij had recht op dat geld, maar uiteindelijk zal het toch niet in de boedel vallen. Voorts hebben RUL en ING Bank hun conflict over het po opgelost.

Een en ander valt op te maken uit het tweede faillissementsverslag, dat de curator heeft uitgebracht aan de Rotterdamse rechter-commissaris mr. C. H. B. Boot. De RUL gaf Fibomij opdracht tot bouw van ‘De Annex’ op basis van turn-key. Fibomij schakelde vervolgens dochterbedrijf ABS Eurospan Benelux BV in. Fibomij kreeg van de ING Bank NV te Amersfoort een bouwkrediet van f. 7,2 miljoen, onder borgstelling van de RUL. Voor de feitelijke uitvoering werd het Rijsbergense bouwbedrijf De Kempen BV aangetrokken. Dat staakte de werkzaamheden, omdat betaling van rekeningen uitbleef.

Verduistering

Fibomij en ABS Eurospan Benelux BV gingen failliet en worden ervan verdacht het bouwkrediet te hebben verduisterd. Er loopt al geruime tijd tegen hen een strafrechtelijk onderzoek.

Daarin is ook betrokken geraakt de (inmiddels voormalig) directeur bedrijfsvoering van de RUL. Op zijn voorspraak kreeg het volslagen onbekende eenmansbedrijf Fibomij de bouwopdracht van het College van Bestuur. De ex-directeur zou daarvoor een vorstelijke beloning (vier ton) van Fibomij hebben gekregen.

Door de beeindiging van het aan Fibomij verleende recht van opstal voor ‘De Annex’ is de RUL volgens de curator verplicht de waarde van de opstal aan het failliete bedrijf te vergoeden. Het bedrag wordt niet genoemd. Maar dat is om en nabij f. 3,5 miljoen.

De laatste weekstaat van het bouwbedrijf De Kempen vermeldt dat bedrag namelijk als waarde van hetgeen tot dusver was gebouwd.

En ook twee onafhankelijke rijkstaxateurs kwamen na een inspectie van het onvoltooide complex tot een zelfde waarde.

Argumenten

De curator noemt twee argumenten om van de vordering af te zien. In de eerste plaats had het bouwbedrijf bij het staken van de werkzaamheden meteen het recht van retentie op het onafgebouwde onroerend goed van toepassing verklaard. Dit om de vordering op ABS Eurospan Benelux en Fibomij, inmiddels opgelopen tot f. 2,2 miljoen, zeker te stellen.

Daarnaast is op grond van de Faillissementswet het door de RUL opgezegde recht van opstal verpand aan de bank. “Maar het bouwbedrijf kan echter als retentor haar vordering op de opstal verhalen bij voorrang op al degenen tegen wie zij haar retentierecht kan inroepen”, aldus de curator.

De RUL heeft het retentierecht tenslotte afgekocht voor f. 1,8 miljoen. Het bouwbedrijf heeft van de curator nu een brief gekregen met de mededeling dat de waarde van de opstal niet zal worden opgeeist.

Voorts hebben RUL en ING Bank hun conflict bijgelegd. Dat betrof de vraag of de universiteit nu wel of niet borg stond. De bank, die voor miljoenen het schip dreigde in te gaan, meende dat de RUL gehouden was aan de borgstelling. Maar de universiteit betwistte dat.

Uiteindelijk hebben partijen een regeling getroffen. Die komt erop neer dat de bank instemt met royement van de op 8 april 1993 gevestigde hypotheek “tegen een afdracht door de RUL.”. Hoe hoog die is wordt niet aangegeven. Maar uit het tweede verslag van de curator valt te becijferen dat het vermoedelijk gaat om f. 1,7 miljoen.

Geen benadeling

Volgens de curator hebben “de overige crediteuren van zowel Fibomij als ABS Eurospan geen belang bij en benadeling van beeindiging van het recht van opstal, nu De Kempen BV (retentor) en de ING Bank (hypotheekhouder) uit hoofde van de voorrang het bedrag toekomt dat Fibomij van de RUL zou ontvangen als vergoeding van de waarde van de opstal.”

Dat bedrag is totaal ongeveer f. 3,5 miljoen. Daarvan is al aan het bouwbedrijf f. 1,8 miljoen uitgekeerd. Resteert voor de bank derhalve f. 1,7 miljoen.

Bouwbedrijf De Kempen bekritiseert de opvatting van de curator: “De vergoeding die wij van de RUL hebben gekregen betreft het afkopen van het retentierecht.

Dat staat volstrekt los van onze vordering op ABS Eurospan en Fibomij. Die is nog steeds niet voldaan en handhaven we derhalve volledig. De curator gaat er ten onrechte van uit dat met het afkopen van het retentierecht ook onze vordering is voldaan.”

Geen genoegen

Het bedrijf laat weten “geen genoegen te nemen met de mededeling van de curator dat uit de boedel niets meer komt”. Overigens heeft de aannemer op de RUL ook nog een claim van negen ton lopen, zijnde het verschil tussen de inmiddels tot ruim f. 2,7 miljoen opgelopen vordering en het uitgekeerde bedrag voor afkoop van het retentierecht.

Volgens het bedrijf is de RUL aansprakelijk te stellen op grond van bestuurlijke verantwoordelijkheid.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels