nieuws

JCB 50 jaar meer dan graaflaadcombinaties

bouwbreed

De Engelse fabrikant van bouwmaterieel JCB bestaat eerdaags 50 jaar. Voor veel mensen is JCB synoniem aan graaflaadcombinaties. Het huidige programma toont echter aan dat JCB zowel letterlijk als figuurlijk meer in huis heeft.

Er schijnen in Engeland woordenboeken te bestaan waarin als verklaring van het woord ‘backhoe-loader’ de naam JCB wordt genoemd, ongeveer dus zoals bij ons voor soeparoma de merknaam Maggi gebruikt wordt. Zo nauw is daar de link tussen beide te leggen, althans in Engeland. Geen slecht ‘resultaat’ voor een bedrijf dat eerst 50 jaar geleden werd opgestart.

Echter zulk een toegespitste naamsbekendheid heeft ook zijn nadelen, het zet de andere produktsoorten die dit bedrijf produceert enigszins in de schaduw. Een feit blijft echter dat de gecombineerde machine in eerste instantie heeft gezorgd voor een stabiele bedrijfsbasis en dat is tot op de dag vandaag zo gebleven.

Joseph Cyril Bamford

Op 23 oktober 1945, de dag waarop zijn eerste zoon die thans managing director van JCB is, werd geboren stapte Joseph Cyril Bamford uit het familiebedrijf Bamfords Ltd. en vestigde zich als zelfstandig industrieel ontwerper van landbouwmachines. Hij kocht een oude lasmachine en huurde een kleine garage voor vier gulden per week.

De eerste activiteiten die hij ontplooide waren bepaald niet hoopgevend. Hij knapte een oude boeren-aanhangwagen op, gaf hem een kwastje en bood deze aan op een boerenmarkt voor het bedrag van Pst 90. Hij kon er echter geen koper voor vinden en naderhand verkocht hij de aanhanger voor Pst 45 plus een inruil aanhanger die opgeknapt ook Pst 45 opbracht.

Aanhangers

In 1946 bouwde hij zijn eerste ‘eigen’ aanhangers, waaronder een mechanisch kippend type. Daarnaast ‘verbouwde’ hij Jeeps uit overtollige legervoorraden tot trekkers voor zijn aanhangers. In 1948 bouwde hij de eerste hydraulische kipper.

Op basis van de inmiddels opgebouwde kennis verschenen de eerste hydraulische laadframes voor tractoren in 1949. Uitgerust met vorken en bakken en in verschillende typen werkgangen waren dit de eerste hoekstenen van het bedrijf. Dit type laders werd tot 1957 gebouwd en kenden een enorm succes.

Een niet onbelangrijke ‘zijweg’ in deze periode was de maaiconstructie die in het midden van de tractor kon worden opgebouwd en daardoor de bestuurder een goed zicht op het werk bood. Nog zo’n agrarische zijsprong was een constructie waardoor tractoren als half-tracks konden worden uitgevoerd.

Graven

Op een van zijn verkoopreizen naar Scandinavie waar hij onder meer een brede klantenkring had voor met name de half-tracks zag Bamford een op een aanhangwagen gemonteerde graafinstallatie van het merk Broyt, in Noorwegen in actie. Onmiddellijk zag hij hiervoor mogelijkheden in zijn thuisland maar dan wel als opbouw op een tractor. Door deze uitvoering zou een grotere stabiliteit verkregen worden terwijl ook de mobiliteit groter zou zijn dan bij een aanhangwagen-opbouw.

De eerste graaf-opbouwinstallatie bleek een groot succes. Nadat de JCB Mk1 graafinstallatie ook gebouwd kon worden op een Fordson tractor die voorzien was van een Major Loader laadinstallatie was de eerste Europese graaflaadcombinatie ook een feit.

Combinatie

Deze combinatie was duidelijk een produkt waar de markt op zat te wachten. Binnen een tijdsbestek van nog geen drie jaar werden er ca. 550 stuks van gebouwd, waarvan het merendeel kon worden geexporteerd. De vraag naar de aparte graaf- en laad-aanbouwinstallaties bleef echter ook bestaan waarbij de roep om zwaarder materieel steeds luider werd. Twee jaar na de introductie van de JCB Mk1 werd de zwaardere Hydra-Digga op de markt gebracht. De machine was primair bedoeld als graafmachine doch kon tevens worden uitgevoerd met een laadframe. Via diverse verbeteringen kwam men uiteindelijk tot de eerste echte graaflaadcombinatie de JCB 4.

Terwijl de produktie van de graaflaadcombinaties doorgroeide, ontwierp Bamford ook nog een serie dumpertjes. Het waren er drie in getal waarvan het laadvermogen liep van 750 tot 1.500 kilo. Deze dumpers werden aangedreven door een JCB-dieselmotor. Bij gebrek aan succes waren deze dumpertjes binnen twee jaar van de markt verdwenen.

Graafmachines

JCB’s belangrijkste ontwikkeling in het jaar 1964 was JCB 7, de eerste uit een lange rij hydraulische graafmachines op rupsen met, wat nieuw was tijdens de introductie, een zwenk over de volle 360 gr. .

Het JCB-concept was ontworpen op basis van de Amerikaanse ‘Warner and Swasey Hopto’, een van de eerste graafmachines met een 360 gr. werkbereik. De JCB 7 was een volhydraulische rupsmachine die werd aangedreven door een Ford 590E, zes cilinder dieselmotor met een vermogen van 96 pk. De machine had een eigen gewicht van 12 ton en kwam tot een maximale graafdiepte van 5,35 meter en een storthoogte van 3,66 meter. Deze machinelijn werd tot 1973 uitgebreid en verbeterd. Eind 1973 kwamen de eerste graafmachines uit de 800-serie op de markt.

De eerste mini-graafmachines van JCB verschenen in de begin jaren tachtig op de markt. Deze mini’s waren gebaseerd op het Japanse Kubota-ontwerp.

Wielladers

Van het opbouwlaadframe tot een wiellader was uiteraard geen grote stap. Bij de overigens voor hun tijd zeer moderne wielladers die JCB tot 1972 bouwde was de oorsprong, de tractor, nog duidelijk te zien. In 1972 kwam men op de markt met de 400-serie, een serie overigens waaraan 5 jaar research voorafging. De types 413 en 418 hadden vierwiel aandrijving en hadden een geleed design waarbij de motor was gesitueerd in het achterste gedeelte en de cabine en het laadframe op het voorste deel van de machine. In 1974 volgden de typen 423 en 428 die in wezen zwaardere uitvoeringen waren van de 413 en 418.

Rupsladers

In 1971 kwam Joseph C.Bamford met zijn eerste rupslader, het type JCB 110, op de markt. Het was een rupslader met de motor prominent achterop de machine gebouwd voor een betere gewichtsverdeling bij een volle bak. De JCB 110 was de eerste volhydraulisch aangedreven rupslader ter wereld. Voor dit feit ontving Bamford naderhand ook een onderscheiding.

Als krachtbron maakte men gebruik van een Perkins vier cilinder dieselmotor met een vermogen van 73 pk. Tot het jaar 1976 kwamen in deze serie nog de modellen 110B, 112 en 114. De verkoop van deze machines is nooit het succes geworden waarop men gehoopt had. Dit wordt vooral geweten aan het feit dat deze machine zijn tijd ver vooruit was. Immers, de eerst in 1985 gelanceerde Liebherr 631 en de Caterpillar 963 waren zowel technisch als visueel nauwelijks van de ‘oude’ JCB modellen te onderscheiden maar gingen wel als broodjes over de toonbank. In 1978 verdwenen de rupsladers van JCB geruisloos van de markt.

Verreikers

Veel langer dan op het vaste land van Europa was Engeland het land van de verreikers. Als de inmiddels belangrijkste Engelse materieelproducent maakte JCB, lang voordat dit type machine stapje voor stapje in populariteit steeg, voor de Engelse markt verreikers met telescopische mast. Het eerste model dateert uit 1973. Het betrof hier de JCB 520, een tweewiel aangedreven model dat lasten tot een hoogte 6,43 meter kon brengen. In 1980 kwam een verbeterd model op de markt terwijl in dat zelfde jaar een vierwiel aangedreven verreiker kon worden gepresenteerd., waarna ook de ruw-terrein verreikers volgden. De verreiker wordt als exportartikel in toenemende mate belangrijk voor JCB.

Overigens heeft het Nederlandse woord ‘verreiker’ ook een JCB-achtergrond. Toen deze machine voor het eerst in Nederland werd gebracht door de importeur JCB Nederland NV te Ulestraten was eigenlijk niemand van de bedrijfsleiding in staat een directe en passende vertaling te geven van het Engelse begrip ‘telescopic handler’.

Zoals te doen gebruikelijk in dit soort situaties werd dit probleem ter oplossing neergelegd bij de lagere echelons van waar uit direct het woord ‘verreiker’ werd geproduceerd. Het woord is ingeburgerd geraakt en ook de concurrenten van JCB maken er heden ten dage nog dankbaar gebruik van.

Dumpers

Al in 1959 verraste JCB de transportmarkt met de presentatie van het prototype van een grote dumper. Een en ander vond plaats op de toen nog belangrijke materieelbeurs in het Londense Christal Palace. Deze 6D bleek echter voor de markt zo futuristisch en kapitaal ogend dat de produktie van deze machine niet verder ter hand werd genomen.

Niet veel beter was het lot van de nog niet eens zo lang geleden, 1989, geintroduceerde kleine dumptruck in 4 x 4 uitvoering. Bij dit dumpertje kon de dumperbak vervangen worden door een transportplatform.

Deze, overigens zeer wel ogende kleine dumper, is alleen in Engeland verkocht. Helaas in te kleine aantallen en binnen drie jaar na introductie werd dit stuk materieel uit de markt genomen.

Kranen

Nog een zijspoor dat JCB ooit heeft betreden en helaas nooit heeft ke afmaken was de produktie van kranen.

In de jaren 60 produceerde men een aantal prototypes zowel in mobiele als in rupsuitvoering. Alle kranen waren gebaseerd op de JCB rupsonderwagen met zijn actieradius van 360 gr. . In wezen was het enige verschil de vakwerkgiek. Alle kraanfuncties hadden een hydraulische aansturing. Tot een feitelijk produktie is het nooit gekomen, dit tot grote tevredenheid van de Engelse kraanfabrikanten die kennis hadden genomen van de kwaliteiten van deze kranen.

Naast deze kranen produceerde men in 1962 twee prototypen van autokranen met telescopeerbare mast. Degene die nu de inmiddels 30 jaar oude, en geheimgehouden, foto’s bekijkt kan niet anders concluderen dat Joseph Cyril Bamford een waarlijk geniaal ontwerper was op velerlei terrein en die bovendien in veel gevallen zijn tijd ver vooruit was.

Verdere ontwikkelingen

Uit bovenstaande mocht al blijken dat JCB veel meer is dan de graaflaadcombinatie. Immers in dit verband zijn nog niet genoemd de Fastrac-trekker en bijvoorbeeld de eenarmige schranklader Robot. De ontwikkelingen staan niet stil.

Een niet onbelangrijke stimulans hierbij was de joint-venture die in 1991 werd aangegaan met de Japanse graafmachineproducent Sumitomo Construction Machinery.

Het inmiddels meer dan 50 machines omvattende JCB-leveringsprogramma laat zich waar het de bouwmarkt betreft grofweg indelen in een drietal hoofdcategorieen. Op de eerste plaats de ‘Heavy Line’ die 12 typen graafmachines van 7 tot 45 ton op banden en rupsen omvat plus een serie van vijf wielladers met motorvermogens 95 tot 170 pk.

De ‘Midline’ produktengroep omvat graaflaadcombinaties, verreikers, kleine wielladers en ruwterrein vorkheftrucks. In totaal omvat deze lijn 19 machines.

De ‘Compact line’ tenslotte omvat een zestal minigraafmachines, vijf schrankladers en een graaflaadcombinaties op basis van een schranklader.

Toekomst

Alleen al afgaande op de resultaten van 1994 kan JCB een zonnige toekomst tegemoet zien. Niet alleen zagen veel nieuwe types machines het licht maar bovendien werd met een totale verkoop van ruim 18.000 machines een nieuw verkooprecord gevestigd. Ten opzichte van 1993 werd een toename gerealiseerd van bijna 50%.

De export van machines groeide met 50% tot in totaal 10.800 machines, waarbij de grootste exportwinsten werden geboekt op de voor JCB uiterst belangrijke markten als de Verenigde Staten en Azie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels