nieuws

Tommel vindt VGBouw te somber over locatietekort

bouwbreed

Staatssecretaris Tommel is het niet eens met de sombere visie van VGBouw op de locatiecapaciteit in de regio Utrecht. “Ik acht de prestatie-afspraken die met de regio in het kader van het Vinex-uitvoeringsconvenant zijn gemaakt uitvoerbaar.”

De bewindsman antwoordt dit op Kamervragen van de VVD-ers Verbugt en Te Veldhuis. Aanleiding voor de vragen van de liberalen vormde het rapport ‘Inventarisatie knelpunten grote bouwlocaties in de regio Utrecht’ van VGBouw.

Daarin werd geconcludeerd dat er in de regio te weinig ‘harde’ bouwlocaties voorhanden zijn om de woningbouwtaakstelling te ke realiseren. “Volstrekt onvoldoende”, aldus de onderzoekers van VGBouw.

Tommel wijst die conclusie van de hand. De voorbereidingen voor de ontwikkeling van de grote Vinex-uitleglocaties Leidsche Rijn en Houten-Zuid zijn begonnen, aldus de staatssecretaris, en daarbij doen zich tot op heden geen procedurele problemen voor. Bovendien kan nog in 1995 met de woningbouw op Zenderpark worden begonnen, “nu het koninklijk besluit over het bestemmingsplan is geslagen”.

Het Vinex-uitvoeringscontract is dan ook zeker uitvoerbaar, zo meent Tommel. “Voor de totale periode 1995-2004 moeten 31.600 woningen aan de woningvoorraad worden toegevoegd. Halverwege deze periode (per 1-1-2000) moeten ten minste 21.400 woningen aan de woningvoorraad worden toegevoegd dan wel moet zijn voorzien in voldoende bouwrijpe grond voor deze woningen. De bestuurlijke inzet van de regio is gericht op het ke voldoen aan deze prestatie-afspraken. Het gegeven dat de grote Vinex-uitleglocaties nog in het stadium van planvoorbereiding zijn, past binnen deze planning.”

Geen problemen

Volgens Tommel doen zich ook in de andere Vinex-stadsgewesten geen problemen voor. “Uit de monitoring blijkt dat de voortgang van de Vinex op schema ligt.”

Voor de periode na 2005, het moment van de actualisatie van het Vinex-beleid, vinden op gemeentelijk en rijksniveau nu al de voorbereidingen plaats. Duidelijk is dat voor die periode geen gebruik zal worden gemaakt van convenanten en uitvoeringscontracten. Veeleer zal voorbereidend bestuurlijk overleg worden gevoerd. “De PKB zal niet de start zijn voor onderhandelingen met andere overheden over nadere afspraken, maar zal opgesteld zijn met medenemen van het resultaat van het gevoerde bestuurlijk overleg. Ik ga ervan uit dat deze aanpak de slagvaardigheid van het beleid ten goede zal komen.”

De bewindsman merkt daarbij op dat de andere overheden al “druk doende” zijn met de voorbereidingen van hun verstedelijkingsvoorstellen voor na 2005.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels