nieuws

Na drie jaar voorbereiding Elementen Wijker- en Piet Heintunnel gaan overzee

bouwbreed

Na drie jaar van voorbereiden is het nu de tijd om het echt te gaan doen: slepen van acht tunnelelementen van de Piet Heintunnel overzee van Antwerpen naar Amsterdam. De zes elementen van de Wijkertunnel gaan van het bouwdok in Barendrecht ook overzee via IJmuiden naar de afzinklocatie in het Noordzeekanaal bij Velsen. Het is de eerste keer in Europa dat tunnelelementen overzee versleept worden. Een goede voorbereiding is onmisbaar.

De transporten voor beide tunnelpoen worden uitgevoerd door Smit Maritime Contractors, onderdeel van Smit Internationale. Voor de Wijkertunnel gaat het om verslepen van zes elementen met een lengte van ongeveer 100 meter in de periode van 4 tot en met 17 juni. Deze elementen gaan vanaf het bouwdok in Barendrecht overzee naar IJmuiden en vandaar naar de afzinklocatie in het Noordzeekanaal bij Velsen. De Wijkertunnel krijgt twee gescheiden tunnelbuizen van elk 13 m breedte, goed voor twee rijstroken en een vluchtstrook per buis. Het eerste element voor de Wijkertunnel is inmiddels onderweg en zal naar verwachting donderdagavond laat aankomen. De reisduur is ongeveer 30 tot 35 uur. Voor dit tunnelpo verzorgt Smit Maritme Contractors uitsluitend het transport van de elementen.

Voor het po Piet Heintunnel ligt dit anders. Door Smit Maritime Contractors worden de acht elementen opgedreven, getransporteerd, afgezonken en onderstroomd met zand. Dat gebeurt in opdracht van de Combinatie Piet Heintunnel bestaande uit: CFE uit Brussel, De Meyer L.L. en N. uit Gent, Dredging International uit Zwijndrecht, S.B.B.M. en Six Construct uit Brussel en Van Laere uit Burcht bij Antwerpen.

Twee transportstromen

De elementen voor de Piet Hein tunnel hebben een lengte van ongeveer 160 meter. De tunnel krijgt twee gescheiden buizen voor het wegverkeer, elk met een breedte van 8,5 meter (twee rijstroken).

Bovendien krijgt de tunnel een buis met een breedte van 9,10 meter voor een later aan te leggen sneltramverbinding. De acht elementen zullen in de komende twee maanden worden versleept.

Het gaat bij het transport van de elementen van de Wijker- en de Piet Heintunnel om twee verschillende vervoerstromen. Er moet vierentwintig uur zitten tussen aankomst van twee elementen in IJmuiden. “Het moet wel erg slecht lopen wil het mekaar in de weg zitten”, aldus ir. P.A.H. Kortekaas van SMC en poleider van beide transporten.

Er is in de voorbereidingsfase veel overleg geweest met Belgische en Nederlandse vaarwegbeheerders en vertegenwoordigers van de maatschappijen die het transport verzekeren. In dit overleg zijn de criteria vastgesteld waaraan het transport moet voldoen. Die waren onder meer betrokken op de sleepconfiguraties.

Volgens Kortekaas is slepen op zee niet het moeilijkste. Het transport op de binnenwateren is dat wel. De kans op een afwijking van de gewenste vaarlijn is helaas nooit uit te sluiten. Die kans is wel erg klein en kan zowel op binnenwateren als op zee optreden. De gevolgen van een afwijking van enige omvang zullen echter op de binnenwateren veel ernstiger zijn. Vandaar ook dat op de binnenwateren veel geregeld is moeten worden.

De scheepvaart op de Westerschelde wordt tijdens het transport niet gestremd. Wel hebben de vaarwegbeheerders vastgehouden aan vaste data voor het transporten. Dit mede om de eventuele hinder tot een minimum te ke beperken.

Voorbereiding

De voorbereiding voor het werk voor de Piet Heintunnel zijn begonnen nadat in ’92 een ‘letter of intent’ van de Belgen werd ontvangen. In ’94 werd het contract getekend voor transport, afzinken en onderstromen van de acht tunnelelementen. Eind september ’95 moet het klaar zijn.

In het voorbereidingstraject zijn modelproeven gedaan voor het slepen. Dat was noodzakelijk om de sleepweerstand en het niveau van voorspanning in de betonnen tunnelelementen te bepalen. De sleepweerstand van de elementen is bepalend voor de keuze van de sleepboten. In beginsel wordt gesleept met twee stuks boten die elk een trekkracht van 60 ton ke leveren. Op de binnenwateren worden hier nog een duwboot en twee kleinere boten (bollard pull 15 a 20 ton) aan de achterzijde bijgezet om de sleep goed te ke besturen.

Drie getijden

Uit de proeven is ook bepaald wat de voorspanning in de tunnelelementen moet zijn om de krachten tijdens het transport overzee te ke weerstaan. Golfhoogten zijn daarbij bepalend. Vastgesteld is dat kan worden uitgevaren als een zeegang met een significante golfhoogte van 2 meter is voorspeld. Voor de voorspanning is een zeegang met een significante golfhoogte van 3,5 meter aangehouden. Dat zijn de zogenoemde survival condities. Bij een hogere golfhoogte is de kracht van de voorspanning in de kabels die de moten bij elkaar houden onvoldoende om lekkage in de voegen tussen de moten te voorkomen.

Morgen begint de sleepreis van het eerste element van de Piet Heintunnel. Ze hebben een massa van rond de 40.000 ton. De reis gaat tussen de 60 en 72 uur duren. Het transport over de Westerschelde neemt drie getijden: eb mee, vloed tegen en eb mee. Zo nodig kan het transport opankeren. Op de Noordzee gaan de duwboot en de twee kleinere boten eraf.

Binnenvaren van IJmuiden moet op kentering gebeuren. Dat mag pas als bij de vaarwegbeheerder is aangetoond dat men niet zinkende is. In het Noordzeekanaal worden vier kleinere boten en een duwboot voor het transport ingezet. Die verslepen het elementen naar de Sumatrakade. Daar wordt het in afwachting van het afzinken afgemeerd.

Voor de Wijkertunnel gelden lagere waarden voor de zeegang, te weten een significante golfhoogte van circa 1,3 meter. De sleepreis over de Noordzee is korter van duur. Een geringere sterkte volstaat om de reis veilig te ke maken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels