nieuws

Groei Zwitserse bouwmarkt voorlopig nog gering

bouwbreed

Na een periode van grote groei is de Zwitserse bouwmarkt in 1990 stagneren en daarna gedaald. De stagnatie in de conjunctuur en de vermindering van de bouwactiviteit waren groter dan die in andere Westeuropese landen. De daling van de bouwproduktie voltrok zich in de particuliere utiliteitsbouw en de woningbouw. In 1994 begon in de woningbouw een herstel, waarvan verwacht wordt dat het in 1995 doorzet. De particuliere utiliteitsbouw blijft dalen en de groei van de totale bouwproduktie is daardoor voorlopig nog gering.

Gedurende de jaren tachtig was de ontwikkeling van de Zwitserse bouwproduktie, vooral als gevolg van een grote en groeiende activiteit in de utiliteitsbouw, ook in vergelijking met die in andere Westeuropese landen, gunstig. Nog voordat de recessie ook in Zwitserland merkbaar werd, was echter de bouwactiviteit reeds gaan stagneren. In 1990 kwam een einde aan de groei van de produktie, die vervolgens in drie jaar tijd met bijna 10% daalde. Na de relatief sterke groei was nu de daling niet onbelangrijk groter dan die in andere Westeuropese landen.

Recessie begon vroeg

Wat de ontwikkeling van de conjunctuur betreft, valt op dat de stagnatie van de economie in Zwitserland vrij vroeg is begonnen en ook langer heeft geduurd dan in andere Westeuropese landen. Reeds in 1991, toen de andere landen nog een, zij het bescheiden, voortgaande stijging te zien gaven, kwam een einde aan de groei van het Zwitserse bruto binnenlands produkt, waarna twee jaren met een daling volgden. Daarmee was het niveau van het Zwitserse bbp in 1993, in tegenstelling tot dat in andere Westeuropese landen, lager dan in 1990.

Ook de ontwikkeling van de investeringen in vaste activa – een duidelijke indicator van de conjunctuur – veranderde in 1991 van een sterke stijging in een scherpe daling en in drie jaar tijd verminderden de investeringen met 10%. Ook deze daling was groter dan die in de meeste Westeuropese landen. Zo registreerde Frankrijk dat de investeringen in 1993 8% minder waren dan in 1990, in Belgie was dat – 7%, terwijl in West-Duitsland het peil in beide jaren gelijk was.

Vooral doordat de export weer aantrok en ook de investeringen een herstel te zien gaven, kwam in 1994 reeds een economisch herstel op gang, dat zich naar verwachting in 1995 zal voortzetten. Het bbp nam in het afgelopen jaar met rond 1,5% toe en voor 1995 wordt een soortgelijke groei verwacht; de investeringen nemen in elk der beide jaren met ongeveer 3% toe.

Woningbouw in herstel

De woningbouw stagneerde eigenlijk reeds sedert 1985. De produktie nam nauwelijks meer toe en in 1990 begon een daling met 16% in twee jaar tijds. In de beide daarop volgende jaren bleef de produktie op dat lage niveau, maar in 1993 gaf het aantal in aanbouw genomen woningen weer een stijging te zien, waardoor de woningproduktie in 1994 met bijna 10% kon toenemen. De stijging van het aantal begonnen woningen hangt niet in de laatste plaats samen met de beschikbaarheid van stimuleringsmiddelen voor eigen woningbezit. Het stimuleringsprogramma loopt echter af en inmiddels staan reeds minder middelen ter beschikking. Mede omdat een gedeelte van de in 1994 gereedgekomen woningen nog niet verkocht zijn, wordt voor 1995 een geringere stijging van de woningproduktie verwacht, die echter toch nog 3% zou ke bedragen.

Utiliteitsbouw

De ontwikkelingen op de Zwitserse bouwmarkt waren in de jaren tachtig vooral beheerst door de grote groei van de particuliere utiliteitsbouw. Hetzelfde geldt, maar nu in negatieve zin, voor de periode van 1991 tot 1994, toen de produktie van de particuliere utiliteitsbouw met een derde afnam. Hoewel de daling sedertdien wat vertraagde, is zij nog steeds niet tot staan gekomen. Het grootst was de daling bij de gebouwen voor de nijverheid, waarvan de produktie in de jaren 1991 tot en met 1994 met niet minder dan de helft afnam. Met – 43% in dezelfde periode was ook bij de kantoren de daling groot; de produktie van winkels en andere commerciele gebouwen nam met ongeveer een derde af. Het niet onbelangrijke herstel van de bedrijfsinvesteringen betreft vooralsnog vooral machines en apparatuur en voor 1995 wordt nog geen herstel van de bouw ten behoeve van de nijverheid verwacht.

De situatie op de kantorenmarkt toont het bekende beeld van leegstand, zodat ook in deze sub-sector geen opleving is te verwachten. In lichte mate is dat wel het geval voor commerciele gebouwen, maar dat kan niet verhinderen dat voor de totale particuliere utiliteitsbouw een verdere daling met 6,5% wordt voorzien.

Tegenover de sterke veranderingen in de particuliere sector in de achter ons liggende jaren staat een geleidelijke toeneming van de publieke utiliteitsbouw. In 1993 volgde echter een stagnatie met ongeveer 3,5%, als gevolg van de moeilijker budgetpositie van de overheden op alle niveaus. Vooral de gemeenten reageerden met hun opdrachten scherp op de verslechterde financiele situatie. Zij bezuinigden vooral op de nieuwbouw van gebouwen en door de Bund ter beschikking gestelde extra middelen werden vooral gebruikt voor renovatie en civiele werken. In 1994 nam de produktie in de publieke utiliteitsbouw met 1,5% weinig toe en voor 1995 wordt met een groei van weinig meer dan 0,6% gerekend.

Civiele sector

Ook de civiele sector gaf een, zij het bescheiden, voortdurende stijging van de produktie te zien. Als gevolg van financiele beperkingen, die ook de publieke utiliteitsbouw beheersen, is in 1992 aan de groei een einde gekomen. Deze stagnatie betrof vooral de nieuwbouw van wegen. Voor 1995 wordt, ondanks dat de financiering weinig ruimer zal zijn, weer een toeneming van vooral de aanleg en verbetering van wegen en bruggen verwacht, waardoor de produktie van civiele werken weer met ongeveer 2% kan aantrekken.

Renovatie, sterk herstel

De renovatie bedraagt in Zwitserland ongeveer een kwart van de totale bouwactiviteit. In de recessieperiode hebben de verbouw en renovatie enige stagnatie ondergaan, maar door de gedaalde rente wordt voor 1995 een herstel met ruim 5% voorzien. Dat herstel zal met 10% groot zijn bij de renovatie van woningen, als gevolg van het feit dat de grote uitbreiding van de woningvoorraad in de jaren zestig geleidelijk renovatie gaat behoeven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels