nieuws

Hongkong bindt strijd met bouwafval aan

bouwbreed

Aannemers in Hongkong reserveren een tot drie procent van het eindbedrag in hun contracten voor de afvoer van bouw- en sloopafval. De regering overweegt de huidige tarieven te verdubbelen wanneer de bouwbedrijven er niet in slagen de hoeveelheid bouw- en sloopafval te verminderen.

Hetzelfde gebeurt wanneer de aannemers het afval naar stortplaatsen blijven vervoeren. Het bestuur van Hongkong vindt dat de bedrijfstak zelf oplossingen moet bedenken in plaats van de hogere kosten door te berekenen aan de opdrachtgever.

Bouw- en sloopafval stelt de Britse kroonkolonie voor steeds grotere problemen. Het meest kritieke punt deed zich in 1991 voor toen in Hongkong dagelijks ruim 16.370 ton bouw- en sloopafval ontstond. Naar verwacht komt er in de komende vijf jaar zo’n 1,4 miljoen ton sloopafval per jaar vrij. Daar komt jaarlijks ruim 1,2 miljoen bouwafval bij. De stortplaatsen voor het bergen van de gemeentelijke vuilnis gaan voor bijna zeventig procent op aan bouw- en sloopafval. De stortplaats West New Territories die eind vorig jaar in gebruik kwam beschikt over een capaciteit van ruim zestig miljoen kubieke meter en moet zo’n 25 jaar in gebruik blijven.

Later komen twee andere stortplaatsen in gebruik die samen een capaciteit van ongeveer zeventig miljoen kubieke meter bieden. Tegelijkertijd zal de overheid strengere voorwaarden aan de stort van afval stellen. Dat gebeurt onder meer met het invoeren van het principe ‘de vervuiler betaalt’.

Traditioneel

Als gevolg daarvan zal de aannemerij van Hongkong naar nieuwe technieken moeten omzien waarbij minder afval ontstaat. Vooral de particuliere bouwbedrijven maken hoofdzakelijk gebruik van traditionele technieken. Maatregelen van de leiding om tot minder afval te komen sorteren om die reden nauwelijks succes. Het grootste deel van het bouwafval ontstaat tijdens ‘natte werken’ als pleisteren, stucadoren, tegelzetten en beton storten. De ontwikkeling van nieuwe technieken vereist innovaties van aannemers en fabrikanten en de medewerking van opdrachtgevers.

Ruim tien jaar geleden specificeerde het departement voor de volkshuisvesting het gebruik van stalen mallen voor de betonstort. Dit voorschrift leidde tot een algemeen gebruik van stalen bekistingen. Aannemers en fabrikanten werkten op hun beurt aan een grotere inzet van voorgefabriceerde bouwdelen. Een andere innovatie betreft het gebruik van bekistingen uit aluminium.

Het bestuur van Hongkong meent dat aannemers en opdrachtgevers moeten investeren in een meer milieubewuste bouw. Vertegenwoordigers van de bedrijfstak zeggen niet onwelwillend tegenover deze ontwikkeling te staan, maar melden tevens dat de kosten van innovaties slechts zelden opwegen tegen de bedrijfseconomische opbrengsten ervan. Slechts in enkele gevallen vond aanbesteding plaats op basis van milieubewuste technologie en -management. Tot op heden ging het dan uitsluitend om grote poen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels