nieuws

Budget waterleiding met f. 100 miljoen overschreden

bouwbreed

De aanleg van de nieuwe waterleiding van Scheveningen naar Bergambacht kost geen f. 200 miljoen, zoals aanvankelijk door het NV Duinwaterbedrijf Zuid-Holland was begroot, maar f. 300 miljoen. Het waterbedrijf heeft veel te laag gecalculeerd en heeft belangrijke posten als bouwrente niet in de begroting opgenomen. De afnemers van water zijn hierdoor met een prijsstijging van 16 % geconfronteerd.

Een en ander werd duidelijk op een persconferentie die het bedrijf gisteren in Voorburg heeft gehouden. Hier presenteerde VB Accountants een onderzoeksrapport naar de gang van zaken rond de aanleg van de gewraakte waterleiding. Dit rapport werd op verzoek van de raad van commissarissen van het nutsbedrijf uitgevoerd.

Duidelijk werd dat de aannemers die bij het po zijn betrokken geen enkele blaam treft. De problemen zijn ontstaan bij de voorcalculatie door het duinwaterbedrijf zelf dat, aldus de onderzoekers, dit voornamelijk ‘met de natte vinger’ heeft gedaan.

Zo blijkt de begroting van de ‘Bergambachtleiding’ grotendeels gebaseerd op de in de jaren zeventig aangelegde Andelse Maasleiding. Daarnaast is de calculator gewoon vergeten f. 25 miljoen bouwrente op de begroting te zetten. Verder zijn er forse kostenoverschrijdingen gemaakt op de posten aanleg ( f. 34 miljoen) en begeleiding projectbureau ( f. 5 miljoen) en is men vergeten een post ‘onvoorzien’ in de begroting op te nemen.

“Onzorgvuldig”, zo noemt VB Accountants de gang van zaken. Temeer omdat de raad van commissarissen pas in een zeer laat stadium door de directie werd ingelicht over de kostenoverschrijdingen. De informatievoorziening van de directie naar de raad is “niet tijdig, soms onjuist en onvolledig” geweest, zo luidt het oordeel. “Wij veronderstellen daarbij geen kwade trouw van de vroegere (wegens pensioen, red.) directeur, maar eerder een te groot optimisme om de tegenvallers op een andere manier te ke compenseren.”

Ontoereikend

Zo was de informatie over de aanleg van de waterleiding grotendeels afkomstig van een poorganisatie die in het leven is geroepen om de leidingaanleg te sturen en te begeleiden. Deze organisatie heeft vrijwel los van de bestaande organisatie geopereerd. De communicatie tussen het pobureau en het hoofdkantoor zou over en weer ontoereikend zijn geweest. Daardoor beschikte de staande organisatie over te weinig kennis van het po.

De kostenstijging is overigens ook voor een deel ontstaan als gevolg van factoren die de directie moeilijk kon inschatten. Genoemd worden de milieu-eisen van beheerders, trace-wijzigingen en wijzigingen in het leidingontwerp. Zo is er vaker gebruik gemaakt van de dure aanlegmethode ‘floaten’; het ‘indrijven’ van buizen in met name natuurgronden.

De onderzoekers doen een groot aantal aanbevelingen om een en ander in de toekomst beter te laten verlopen. Zo moet het hoofdkantoor actiever bij poen worden betrokken en moeten er meer tussentijdse rapportage worden gegeven. “Verrassingen zijn dan niet uit te sluiten, maar risico’s ke wel worden beperkt”, aldus het accountantsbureau.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels