nieuws

Baksteenarchitectuur van Mario Botta

bouwbreed

De architectuur in baksteen lijkt ook in ons land aan herwaardering toe. Zo hier en daar een speklaag in de woningbouw en plaatselijke streepjescode in contrasterende kleuren zijn actueel in vluggertjes van Nederlandse ontwerpers en hun opdrachtgevers. Mario Botta werkt op voorbeeldige wijze aan een gestage ontwikkeling van architectonische kwaliteit. Zijn eerste gerealiseerde museumontwerp voor San Francisco is een interessant voorbeeld van baksteenarchi- tectuur.

In de jaren zeventig en tachtig verwierf de in Lugano gevestigde architect Mario Botta internationale bekendheid met een handvol vrijstaande woningen. De eenvoudige vrijwel gesloten bouwvolumes werden opgetrokken in grijze betonsteen, afgewisseld door ornamentaal siermetselwerk soms afgewisseld met rode betonsteen.

De gesloten bouwvolumes van metselwerk hadden een opening in het midden van de voorgevel, die aan de bovenzijde overging in een daklicht gemeen. Binnenvallend daglicht werd veelal via een vide als intermediair tussen binnen- en buitenruimte diep de woning binnengeleid.

Deze architectuuropvatting leidde tot een schaamteloze navolging in ons land voor uiteenlopende gebouwtypen, waarin architecten zich volstrekt belachelijk maakten omdat ze niet op de detaillering letten. Want Botta overdenkt steen voor steen zijn ontwerpen en detailleert uitzonderingen op verbanden tot de laatste klezoor.

Vooral in recenter werk, vaak van aanzienlijk grotere omvang, is het gebruik van betonsteen veelal verwisseld door baksteen. Daarnaast wordt soms beton en natuursteen toegepast. Vooral het gedetailleerde en goed verzorgde metselwerk in baksteen is opmerkelijk. Daarbij wordt veelal van een kleur en formaat steen gebruik gemaakt, dat plaatselijk met een klein relief of met enige lagen verticaal geplaatste steen wordt afgewisseld. Soms leidt dat tot overmaatse strekken als overspanning boven aan de bovenzijde afgeronde muuropeningen, ‘die niet anders dan zichzelf dragen’, zoals de Amsterdamse School-architect Michel de Klerk ooit eens werd voorgehouden. Maar al bij Piet Kramer zijn Bijenkorf sprak men over een ‘gordijngevel’ van baksteen voor het golvende buitenspouwblad van baksteen, dat geen constructieve functie meer had. Dat brengt Botta in gevels tot uitdrukking door geometrische sierverbanden, welke soms in geprefabriceerde gevelelementen worden toegepast. Ook wordt daarbij onderscheid gemaakt in voegtypen zoals platvol of iets verdiept gevoegd. De onder gunstige zonnestand gefotografeerde gevels zijn verrassend, maar behouden vermoedelijk ook bij minder gunstige weeromstandigheden veel van hun charme.

Het zijn verrassende ontwikkelingen in de nieuwere architectuur van Mario Botta, wiens werk momenteel minder frequent de pagina’s van tijdschriften vult. Toch kan dat snel veranderen, als men een aantal opmerkelijke kerkgebouwen in Zwitserland en Frankrijk in aanmerking neemt, die net gereed kwamen of binnenkort komen.

Het zijn facetten die vooral in ons land van belang lijken, als ze met wat meer aandacht worden bestudeerd. In iedere uitbreiding treft men tegenwoordig vluggertjes aan van architecten die uit tijdschriftartikelen dan wel een gehaast bezoek ter plaatse, verbijsterend oppervlakkig onderdelen klakkeloos kopieren. Nergens treft men in die gevallen de eindeloze zorg voor het detail aan in die brutale vormen van plagiaat. Interessant is intussen, dat Botta vorige maand in San Francisco de Amerikaanse bouwwereld een voorbeeld van zijn baksteenarchitectuur liet zien. Het San Francisco Museum for Modern Art (SFmoma) sluit met grotendeels gesloten baksteengevels aan op zijn villa’s en een enkel kerkontwerp. Tussen de grote gesloten bouwvolumen die zich als bij een trappiramide in het stedelijk landschap verheffen, is een cilindrisch volume met schuine beeindiging als daklicht opgenomen. Hier wordt binnenvallend daglicht opnieuw via een vide met hoofdtrap tot diep in de binnenruimten gedistribueerd, aangevuld door daklicht in de expositieruimten.

De gesloten muren zijn op uiteenlopende wijze gedecoreerd met verschillende soorten relief in een kleur baksteen; slechts de cilinder is met natuursteen in zwart en wit afgewerkt. In de Amerikaanse regio, waar het ritselt van de postmodernisten, kan het SFmoma een signaalwerking hebben als ontwikkeling uit Zwitserland die de mogelijkheden van baksteenarchitectuur in een nieuw daglicht stelt. Het ontwerp, dat tot stand kwam in samenwerking met de Amerikaanse co-architecten Hellmuth, Obata en Kassenbaum, ontlokte Times architectuurmedewerker Robert Hughes de uitspraak dat hijn in jaren geen beter museumarchitectuur in de VS was tegengekomen.

Wanneer men het nieuwe boek, dat als tweede deel in het oeuvre-overzicht bij Artemis verscheen, doorneemt dan valt het op dat Botta nieuwe wegen bewandelt die nu eens referenties oproepen uit het werk van Le Corbusier of Louis Kahn, maar ook hedendaagse collega’s als Alvaro Siza en James Stirling. Botta verwerkt die referenties echter ontspannen, incorporeert die in zijn persoonlijke vormspraak en detailleert die vervolgens tot de laatste steen op talloze extra tekeningen. Het is die bijna Berlagiaanse aanpak die in het boek tot uitdrukking komt. Het is een fascinerende uitgave, die echter wel gedetailleerde bestudering vereist, om Botta’s vormwil niet klakkeloos te prostitueren, maar geintegreerd in eigen mogelijkheden uit te werken, tot de laatste steen die afwijkt van het standaardverband. Pas dan zijn deze markante uitgaven werkelijk interessant.

Inmiddels wordt met enige spanning een CD-rom en CD-I over Botta tegemoet gezien, eveneens verschijnend bij Artemis. Het wordt de eerste uitgave in een reeks over hedendaagse architecten en ontwerpers. De inhoud bestaat uit 1650 foto’s en tekeningen in kleur, 42 filmfragmenten en honderd gesproken teksten. Deze zijn zowel in het Engels als Italiaans op te roepen. Er wordt medewerking aan verleend door architectuurcritici als Dal Co, Frampton en Oechslin. Ook levert Botta zelf toelichtingen en reacties op zijn critici.

De gebruiker kan aan de hand van begrippen als daglicht, ruimte en materialen de geboden informatie ontsluiten. De CD-I, verwacht men in april; de CD-rom in september. De prijs voor de CD over het volledige oeuvre benadert die van het boek.

Emilio Pizzi; ‘Mario Botta – das Gesamtwerk 1960-1985’. Uitgave: Artemis, Zurich 1994. Formaat: 28 x 24 cm, 256 blz. ISBN: 3 7608 8412 1. Prijs: (gebonden in linnen band) Zw. Fr. 148. (ISBN Engelstalige editie: 1 874 056 60 9).

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels