nieuws

Burgemeester van Reeuwijk in opspraak over zomerhuisje

bouwbreed

Burgemeester Verstoep van Reeuwijk heeft een professionele misstap begaan door haar zomerwoning, tegen de regels in, vrijwel permanent te bewonen. Dit is een van de conclusies die prof.dr. H. Brasz (hoogleraar bestuurswetenschappen) trekt in zijn eindrapport over de mate van integriteit van de bestuurders bij de voorbereiding van een nieuw zomerwoningenbeleid voor het Reeuwijkse plassengebied.

Woensdagmiddag heeft een delegatie van de gemeenteraad de al jaren slepende affaire rond het zomerwoningenbeleid besproken met de Zuidhollandse commissaris van de koningin, mevrouw Leemhuis. Onder meer de belangenverstrengeling van burgemeester Verstoep en het gemis aan bestuurlijke zuiverheid en openheid stonden op de agenda.

Verstoep kocht in 1991 haar zomerwoning en vroeg haar advocaat ervoor te zorgen, dat die als permanente woonbestemming te boek kon worden gesteld. De woning kwam op haar verzoek op een lijst van zomerwoningen die in aanmerking kwamen voor permanent verblijf. Vervolgens ging ze er tegen de regels in vrijwel permanent wonen. Alhoewel de zaak draait rond negentien zomerhuizen, gaat Brasz in zijn lijvige rapportage met name in op het wel en wee rond de burgemeesterswoning. Dit omdat Verstoep door haar dubbelrol in deze kwestie de afgelopen jaren in opspraak is geraakt.

Brasz kwalificeert het handelen van de burgemeester als onzorgvuldig, onvoorzichtig en onprofessioneel. Brasz voegt daaraan toe dat Verstoep zeker niet alleen stond in haar handelen langs de zijlijn van de wet. Talloze gemeenteambtenaren en bestuurders schampten al dan niet bewust eveneens langs de legaliteit van de wet. Het hele beleid rond de zomerwoningen noemt Brasz onzorgvuldig en onoverzichtelijk.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels