nieuws

Woningbouw in Rotterdam op absoluut dieptepunt

bouwbreed

“In het Rijnmondgebied lopen 4500 arbeidsplaatsen in de bouw gevaar.” Deze trieste constatering, daterend uit een in februari 1994 gehouden onderzoek blijkt nog hoogst actueel te zijn. Want alle mooie (Vinex-)convenanten ten spijt moet er in Rotterdam e.o. gesproken worden “van een absoluut dieptepunt”.

Aldus voorzitter ing. D. van Well van het AVBB-Waterweggebied op de jaarvergadering van deze werkgeversorganisatie in de bouw. Het woningbouwscenario voor de stadsregio Rotterdam voorziet in de produktie van ruim 80.000 woningen in de periode 1995-2005. Zo’n 55.000 woningen vallen onder de Vinex-bouwtaak, 26.000 andere niet. Fraaie aantallen, aldus Van Well, die mede zouden ke zorgen voor continuiteit en werkgelegenheid in de bedrijfstak. “Jammer dat het vooralsnog theorie is en de uitvoering op zich laat wachten.”

Het uitvoeringsconvenant tussen rijk, provincie en stadsregio Rotterdam is voor de 55.000 Vinexwoningen weliswaar getekend, maar de deelconvenanten tussen stadsregio Rotterdam en de afzonderlijke gemeenten zijn er nog steeds niet.

Daar komt volgens Van Well nog bij dat er een gebrek aan bouwlocaties is, de financiele middelen ontoereikend zijn en de procedures te lang duren. Wordt het geen tijd, zo vroeg hij zich af, dat een professioneel projectcoordinatiebureau voor de Vinexontwikkeling in de Rotterdamse regio wordt opgezet, waarin ook poontwikkelaars, beleggers, woningcorporaties en bouwers participeren? “Zeker waar het Vinex-uitgangspunt de integrale ontwikkeling en uitvoering van plannen is, is een integrale aanpak door alle betrokkenen van het grootste belang.”

Onderhoudsmarkt

In de utiliteitssector en de sector onderhoud en renovatie valt in het Rotterdamse geen compensatie te vinden voor de terugval in de woningbouwproduktie, aldus Van Well. “Weliswaar klimt de utiliteitssector langzaam uit het dal, maar het produktieverlies is de laatste jaren zo enorm opgelopen dat vanuit dit segment geen spectaculaire ontwikkelingen mogen worden verwacht.” En van de onderhouds/renovatiesector heeft Van Well de indruk dat met name woningcorporaties onvoldoende beseffen dat zij zonder overheidssubsidies zullen moeten werken aan de instandhouding van hun nog immer imposante woningbestand. “De produktie in deze sector staat momenteel op een veel te laag peil.”.

De gww-sector laat een gunstiger beeld zien, ook voor de toekomst met grote infrastructurele werken als HSL en Betuwelijn. “Toch zou er in deze sector een nog hogere produktie ke worden gehaald als de regering zich eens echt zorgen zou gaan maken over het dagelijkse fileprobleem op onze autowegen.” Rijnmond-Bouw, het b en u-opleidingsbedrijf in de regio, heeft met de grootste moeite kans gezien de 95 in dienst zijnde leerling-werknemers te plaatsen bij de 110 deelnemende bedrijven. Dat lijkt rooskleuriger dan het in feite is, aldus Van Well.

Diagnostische toets

Alle onlangs aangemelde schoolverlaters hebben bij Rijnmond-Bouw een diagnostische toets van vijf dagen ondergaan met praktijk- en theorieopdrachten. Van de 65 deelnemers kwamen er slechts 27 zodanig door dit ‘toelatingsexamen’ dat zij direct in aanmerking kwamen voor een arbeids- en leerovereenkomst. Van de resterende 38 kregen er 28 het aanbod een voorschakelprogramma van zes maanden te volgen om op het juiste niveau te komen. Tien kwamen zelfs in het geheel niet door de toetsperiode.

“Dit zegt iets over de leerlingstelselopleidingen, waarover nog steeds te lichtvaardig wordt gedacht. Anderzijds mogen de VBO-scholen het zich aantrekken dat zij niet in staat zijn leerlingen af te leveren met het juiste niveau. Op deze manier neemt de bedrijfstak een stuk verantwoordelijkheid van de school over gedurende de voorschakelperiode”, aldus Van Well.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels