nieuws

Woningbouw in dure sector verboden voor corporaties

bouwbreed

Corporaties mogen geen woningen meer bouwen, die duurder zijn dan f 238.000. Dat is de uitkomst van een afsluitend debat, donderdagavond in de Tweede Kamer, over de zogeheten juni-brief van staatssecretaris Tommel.

Met het korte debatje werd een lange discussie afgesloten over de aanscherping van het Besluit Beheer Sociale Huursector (BBSH). In dit besluit zijn de rechten en plichten van sociale verhuurders opgenomen.

In het debat over de bruteringsoperatie bleek de Tweede Kamer, gealarmeerd door berichten over speculerende en al te commercieel denkende corporaties, niet tevreden met de regels in het BBSH. Zij verlangde in een aantal moties dat het besluit zou worden aangescherpt.

Daarop schreef staatssecretaris Tommel zijn juni-brief, waarin hij de gedragsregels van corporaties op een aantal onderdelen aanscherpte en verduidelijkte. De woordvoerders van de vier grote partijen toonden zich door deze brief niet geheel gerust gesteld, en wilden op onderdelen verder gaan.

Afgelopen week werd de discussie afgesloten, en werd duidelijk hoever de Kamer wil gaan. Twee moties van D66-woordvoerder Jeekel, die zijn eerste bijdrage aan een plenair debat leverde, ke nu al rekenen op een Kamermeerderheid.

Hij diende als eerste een motie in, waarmee de bouw van dure woningen van meer dan f. 238.000 onmogelijk wordt gemaakt voor corporaties.

Staatssecretaris Tommel vond de grens wat krap, maar zei ermee te ke leven, als het een gemiddelde prijs is. “Ik zou daar wel enige soepelheid bij willen betrachten.”

De motie mag op steun rekenen van PvdA en VVD. Beide partijen hadden in eerder overleg al verklaard tegen de bouw van dure woningen door corporaties te zijn, en wilden de grens zelfs scherper stellen.

Prestaties

Een tweede motie, die Jeekel indiende samen met PvdA-er Duivesteijn, betreft de opname van een nieuw prestatieveld in het BBSH. De corporatie zal zich in de toekomst moeten verantwoorden over zijn prestaties op het gebied van investeringen voor de doelgroep en de aanwending van zijn bedrijfsreserves. Tommel verklaarde zich tegen deze motie niet te zullen verzetten.

Wel verzette Tommel zich tegen een motie van PvdA-er Duivesteijn. Daarin wordt gesteld dat corporaties zich primair niet-commercieel voor de laagste inkomens in Nederland moeten inzetten; dat daar waar wel commercieel moet worden gewerkt, dit met beperking van risico’s en verantwoordelijkheden gebeurt, en dat de bedrijfsreserves van corporaties niet mogen worden aangewend voor commerciele activiteiten.

Een contraproduktieve motie, vond de staatssecretaris Tommel, die haar dan ook ontraadde. Aanstaande dinsdag wordt over deze en de andere moties gestemd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels