nieuws

Kroon corrigeert Leidse inspecteur van belasting

bouwbreed Premium

De Inspecteur der gemeentebelastingen in Leiden heeft zijn eigen Verordening onroerend-goedbelastingen onjuist uitgelegd. Een daardoor gedupeerde eigenaar van vier bescheiden, vervallen pandjes, heeft bij de Hoge Raad een overwinning behaald in een twist over een tussentijdse herwaardering na een opknapbeurt. De uitspraak is mogelijk van belang voor andere eigenaren van oude panden met achterstallig onderhoud in Leiden.

In Leiden wordt elke vijf jaar de waarde van de panden in het economische verkeer opnieuw vastgesteld. De peildatum is de eerste januari van 1990, vervolgens 1995 enzovoort. De waarde wordt vervolgens een jaar na de peiling (taxatie) gedurende de daarop volgende vijf jaar bevroren voor de heffing van de onroerende-zaakbelasting. De inspecteur mag daarvan afwijken en de waarde tussentijds herzien, bij ingrijpende wijzigingen, zoals bouw, verbetering, verbouwing of afbraak. De eigenaar van de vier pandjes knapte tussentijds twee panden op voor 50 mille. Hij verving dakgoten, repareerde voegwerk, verving houten vloeren door beton, en vernieuwde ramen, deuren, dakvensters, dorpels, tegelwerk en de rioolaansluiting.

Onderhoud

“Verbetering en dus reden om een hogere aanslag op te leggen”, concludeerde de inspecteur. “Achterstallig onderhoud”, meende de eigenaar “en dus biedt de verordening geen aanknopingspunt voor een tussentijdse hertaxatie”. De Hoge Raad is het daarmee eens, waardoor de hertaxatie en dus verhoging van de aanslag in dit concrete geval drie jaar lang uitblijft.

Reageer op dit artikel