nieuws

Deense minister heft monopolie ingenieurs op

bouwbreed Premium

De Deense minister van ontwikkelingssamenwerking vindt de raadgevende ingenieursbureaus in eigen land te duur. Hij heeft daarom de maatregel genomen, om ook buitenlandse bureaus uit te nodigen voor de inschrijving op poen. Het gaat daarbij om door het ministerie betaalde poen, zoals die worden gecoordineerd door het ontwikkelingssamenwerkingsverband Danida.

Tot nu toe waren de inschrijvingen hierop geheel voorbehouden aan bedrijven van eigen bodem. Op basis van een onderzoek naar het gehanteerde prijsniveau bij vergelijkbare instellingen in de buurlanden is Nielson tot de bevinding gekomen, dat de ingenieurs uit Denemarken 20 procent te veel vragen. Deze protesteren via hun bond Foreningen of Radgivende Ingenieurer (FRI) fel tegen het ministeriele initiatief.

Het argument is, dat het land daardoor gevaar loopt orders in het kader van de realisering van de poen mis te lopen. Met andere woorden: het zgn. ‘retourpercentage’ van de jaarlijkse – 3 miljard aan ontwikkelingshulp wordt minder. Tevens zou het gevaar bestaan van prijsdumping.

De minister is daar evenwel nauwelijks van onder de indruk. Hij wil een te laag prijsniveau te voorkomen door de samenwerking met de buitenlandse zuster-instellingen van Danida te intensiveren. Tevens komt het retourpercentage zeker op lange termijn niet onder druk, omdat het poen betreft waarvoor de leverantie van materiaal en installaties al geregeld zijn en het derhalve vooral aankomt op supervisie.

Reageer op dit artikel